GENERATIE VI                                                                                                                16-01-2018

 

VIa HENDRIK EVERTS PRINS (van Vb), ged. Oldebroek 25-03-1706, landeigenaar (vóór 1762-1779), veehouder (vóór 1762-1779), ovl. na 28-06-1779

 

Oostendorp onder Doornspijk 13-01-1762: Hendrik Everts Prins heeft in eigendom 1/3 deel van 15 gresen land in het Eektermerk. Het gaat om gras- of hooiland dat eerder aan Hendriks vader Evert Hendriks Prins toebehoorde: bij de 12 gresen die Evert Hendriks Prins in 1737 bezat kocht hij er in dat jaar nog 3 gresen bij. Na zijn dood (na 06-06-1749) werd het aaneengesloten perceel verdeeld door zijn drie kinderen: Hendrik Everts Prins, Beert Everts Prins en Annetjen Everts Prins.

 

Oostendorp onder Doornspijk 28-06-1779: Hendrik Everts Prins verkoopt voor 460 gulden aan Evert Dries en Marrigje Harms 1/3 deel van deze 15 gresen, die dit aandeel diezelfde dag voor 460 gulden doorverkopen aan Hendriks broer Beert Everts Prins, zie VIb.

 

Oldebroek 01-05-1784: Maij 1. is Hendrik Prins overleden.

 

Geen verdere gegevens zijn vermeld waardoor niet kan worden vastgesteld of het hier gaat om Hendrik Everts Prins of bijvoorbeeld om Hendrik Tijmens Prins (zie VIg).

 

 

VIb BEERT EVERTS (BEERT EVERTSEN, BEERD) PRINS (van Vb), ged. Oldebroek 19-03-1711, landeigenaar (vóór 1762-1787), veehouder (vóór 1762-1787), rentenier (1787-1795), ovl. Kamperveen 04-05-1795 of  Oldebroek 06-05-1795, begr. Kamperveen 09-05-1795, tr. Oldebroek 27-09-1732

 

JANNETJE KOENRAADS (JANNETJEN KOENRAADS, JANNETJEN COENRAADS, JANNEGY CORAADS), geb. ca. 1710 (?), ged. Oosterwolde (GD) 07-01-1714, landeigenaresse (vóór 1762-1787), veehoudster (vóór 1762-1787), rentenierster (1787-1795), begr. Kamperveen 04-01-1803, dochter van Koenraad Gerrits en Hendrikje Hendriks.

 

Uit dit huwelijk zijn geboren:

 

Geertjen Beerts Prins, geb. ws. Zuideinde, Kamperveen, ged. Oldebroek 11-01-1733, volgt VIIa.

Brand Beerts Prins, geb. ws. Zuideinde, Kamperveen, ged. Kamperveen 28-01-1742, volgt VIIb.

Hendrikje Beerts Prins, geb. ws. Zuideinde, Kamperveen, ged. Kamperveen 27-02-1746, volgt VIIc.

 

Oosterwolde (GD) 07-01-1714: Den 7 Januarij is gedoopt de doghter van Coenraet Gerritz en Hendrickijen Hendricks en is genaemt Jennighijen.

 

Oldebroek 27-09-1732: Beert Evertsen tr. Jannetjen Coenraads.

 

Oldebroek 11-01-1733: ged. Den 11 Janrij Dogter Geertjen, dochter van Beert Evertzs Prins En Jannetjen Coenraads.

 

Beert Everts Prins woont in Kamperveen, Zuideinde (1742, 1748).

 

Zuideinde ligt in het zuidelijke deel van de Polder Kamperveen. Aan weerzijden van de Wittensteinse Allee, daar waar Gelderland aan Overijssel grenst, ontstond de buurtschap Zuideinde die altijd deel heeft uitgemaakt van twee gemeenten. [1]

 

een deel van de topografische militaire kaart uit de jaren 1830 tot 1850 waarop is afgebeeld zuideinde bij 
kamperveen waar beert everts prins in de achttiende eeuw woonde

 

Zuideinde. Topografische Militaire Kaart (Nettekening) 1830-1850.

 

Beert Everts Prins laat in Kamperveen zijn zoon Brand Hannes dopen welke kennelijk is vernoemd naar zijn grootvader Brandt Hannissen, zie Vb.

 

De koster van de Gereformeerde Kerk van Kamperveen vergiste zich tweemaal in de naam van Beert Everts Prins.

 

De koster noteerde in 1742 Gerrit Timansz met twee verbeteringen en daarbij plaatste hij de namen Beerd en (prins). De naam van de moeder staat niet vermeld.

 

Kamperveen 28-01-1742: Brand Hannes. den 28. Januari hebben Gerrit Timansz [daarbij geplaatst: Beerd] (prins) aant Suideinde, laaten doopen syn soon Brand Hannes, waarvan moeder is,

 

De koster noteerde in 1746 Beerd Timansz:

 

Kamperveen 27-02-1746: Hendrikje. den 27 Februari heeft Beerd Timanz laaten doopen syne dogter  Hendrikje, waarvan moeder is,

 

Aannemelijk is dat met Beerd Timanz is bedoeld Beert Everts Prins. De ouders van Hendrikje Beerts Prins wonen in Kamperveen, zij trouwt later in Kamperveen, woont dan in Zuideinde, haar man liet hun kinderen in Kamperveen dopen en in Kamperveen werd Hendrikje Beerts Prins begraven.

 

Kamperveen 21-08-1748: Beert Everts Prins en Jannetje Koenraads zijn bij de volkstelling van 1748 geregistreerd. Zij staan in het Register Van het Boerschap Het Zuijdeynde Van Camperveene Waar Over Letter is de E Jan Harmentzen:

 

Getal der Huijsgezinnen

: 15de huijsgezin

 

 

Namen der Mannen ende Vrouwen

: Beert Everdz & Jannetjen Coenraadz

 

 

Kinderen en Kindskinderen Boven de 10 Jaaren oud

: 1 Dogter

 

  Geertjen Beertz ongeveer 14 a 15 Jaar oud

 

 

Kinderen en Kindskinderen onder de 10 Jaaren

: 2 Kinderen

 

  Brand Beertz 6 jaar

 

  Hendrikje Beertz 2 Jaar

 

 

Dienstbooden mede derzelven naamen en Ouderdom

: Geene

 

 

Inwoonders en Costgaarderen

: Geene

 

Beert Everts Prins en Jannetje Koenraads kopen op 13-10-1762 voor 200 gulden van Annetjen Everts Prins en haar man Hendrik Klaassen, 2½ gresen land in het Eektermerk. Aldus verkrijgt Beert Everts Prins ongeveer 2/3 deel van 15 gresen land. Een 1/3 deel van deze 15 gresen is eigendom van zijn broer Hendrik Everts Prins. [2]

 

Het gaat om gras- of hooiland dat eerder aan Beerts vader Evert Hendriks Prins toebehoorde: bij de 12 gresen die Evert Hendriks Prins in 1737 al bezat kocht hij er in dat jaar nog 3 gresen bij. Na zijn dood (na 06-06-1749) werden de aaneengesloten percelen verdeeld door zijn drie kinderen: Hendrik Everts Prins, Beert Everts Prins en Annetjen Everts Prins.

 

Beert Everts Prins zal er belang bij hebben gehad ook het resterende 1/3 deel van deze 15 gresen in eigendom te verkrijgen. Mogelijk slaagde hij er niet in dit onderling te regelen met zijn broer Hendrik Everts Prins. De transacties wekken de indruk dat Beert Everts Prins zijn doel via een omweg wist te bereiken: op 28-06-1779 koopt hij voor 460 gulden van Evert Dries en Marrigje Harms het resterende 1/3 deel  van deze 15 gresen, die dit 1/3 deel diezelfde dag voor 460 gulden kopen van Beerts broer Hendrik Everts Prins. [3]

 

In 1787 is Beert Everts Prins op leeftijd gekomen. Op 24-11-1787 verkopen hij en zijn vrouw voor 1.900 gulden aan Dries Reiers 15 gresen weiland in het Eektermerk onder Doornspijk. Dries Reiers blijft 800 gulden van de koopsom schuldig. De voornoemde 15 gresen weiland in het Eektermerk stelt hij tot onderpand. Dries Reiers lost op 06-11-1791 zijn schuld af. [4]

 

Schets van het grondbezit van Beert Everts Prins en Jannetje Koenraads in het Eektermerk in het kerspel Oosterwolde, oorspronkelijk in bezit bij Evert Hendriks Prins en Grietjen Brands, na 1737 geheel in familiebezit, dit tot 1787.

 

                                                     Feithenhof           

 

                                           vijftien gresen hooiland       wed. Gerrit Beerts             Helmig Willems

burgemeester                     Beert Everts Prins                                                of

Tulleken                                (aan Dries Reiers)            Helmig Willems                  wed. Gerrit Beerts

 

                                           Weeshuis van Elburg                                         

 

Op diezelfde dag, 24-11-1787, lenen Beerts Everts Prins en Jannetje Koenraads 400 gulden aan Evert Diesemers en zijn vrouw die tot onderpand stellen hun twee mudde bouwland. Het zal gaan om een deel van bij de verkoop van de 15 gresen weiland ontvangen koopsom. [5]

 

In 1787, als Beert Everts Prins 76 jaar is, gaan hij en Jannetje Koenraads rentenieren.

 

Lummermerk in het kerspel Oosterwolde onder Doornspijk 11-12-1787: Kennelijk een ander deel van de koopsom, 250 gulden, lenen Beert Everts Prins en Jannetje Koenraads aan Heiltje Gerrits, de wed. van Willem Beerts die tot onderpand stelt enkele percelen in het Lummermerk onder Doornspijk [6]

 

‘t Hooge in het kerspel Oosterwolde onder Doornspijk 18-03-1790: Beert Everts Prins en Fennigje Coenraats lenen 900 gulden aan de eersame Teunis Jans en zijn vrouw die tot onderpand stellen hun erf “Den Hul” aan de Zwarteweg, gekocht in 1784, en andere onroerende goederen in Oldebroek. [7]

 

‘t Hooge in het kerspel Oosterwolde onder Doornspijk 02-01-1788: Beert Everts Prins en Jennigje Coeraads lenen 200 gulden aan Gerrit Eiberts Proeme en Batje Jans die tot onderpand stellen hun erf en goederen en een half mud zaailand [8]

 

Doornspijk 23-02-1794: Heiltje Gerrits, de wed. van Willem Beerts Fix, leent 350 gulden van Beert Everts Prins en stelt tot onderpand grasland en zaailand. [9]

 

Oostendorp onder Doornspijk 07-08-1794: Beert Everts Prins en Jannetje Coenraads verkopen voor 400 gulden hun vordering op Evert Diesemers en Grietje Everts, die twee mudde bouwland tot onderpand hebben gesteld, aan Johannes Stuurman in Elburg. [10]

 

Beerts Everts Prins en Jannetje Koenraads zijn 62 jaar getrouwd als Beert Everts Prins overlijdt.

 

Kamperveen 04-05-1795: op den vierden may is Be E prins over leeden den 9 Meij is Beert Everts prins Begraft.

 

Oldebroek 06-05-1795: Den 6 Maij is Beert Prinsz overleden

 

Kamperveen 04-01-1803: 1803 Den 4 January is De vrouw van Beert Prins Jannegy Coraads Begraaven.

 

 

VIc ANNETJEN (ANNIGJE) EVERTS PRINS (van Vb), ged. Oldebroek, 24-05-1716, (landeigenaresse (1799), akkerbouwster (1799), ovl. na 13-10-1762, tr. Oldebroek 23-12-1748

 

HENDRIK KLAASSEN (KLAASZ), geb. (?), ovl. na 13-10-1762, zoon van Klaas … en …

 

Uit dit huwelijk zijn geboren:

 

Evert Hendriks, ged. Oldebroek 16-03-1749.

Grietjen Hendriks, ged. Oldebroek 21-06-1750.

 

Oldebroek 23-12-1748: Hendrik Klaassen tr. Annetjen Everts.

 

In de loop van 1748 worden Annetjen Everts Prins (Annetjen, dochter van Evert Prins) en Hendrik Klaassen opgeroepen te verschijnen voor de richter van Oldebroek wegens hun buitenechtelijke relatie. De richter omschrijft het delict als “in onegt geconvoseerd”.

 

Mogelijk heeft deze oproep hen doen besluiten hun relatie te legaliseren: zij trouwen op 23-12-1748. De zitting heeft ruim een maand later plaats voor de richter van Oldebroek. Annetjen is hoogzwanger als zij op 25-01-1749 voor de richter verschijnt: de ouders laten minder dan twee maanden later hun zoon Evert dopen. [11]

 

Oldebroek 16-03-1749 en 21-06-1750: Annetjen Evertzs Prins en Hendrik Klaazzen laten hun zoon Evert en dochter Grietjen dopen. Bij de doopaantekeningen in het doopboek staat bij de moeder de naam Prins vermeld.

 

 

VId AALT TIJMENS PRINS (van Vd), geb. Oldebroek 04-04-1714, ged. Oldebroek 08-04-1714, landeigenaar (1748-1793), pachter van een Kamper stadserf (1748-1793), akkerbouwer (1748-1793), veehouder (1748-1793), meijer (1782), ovl. Kampen 21-07-1793, begr. Kampen (Buitenkerk) 23-07-1793, tr. Kampen 04-02-1748

 

FIJGJE EIBERTS (FEYA EGBERS, FEIJGIEN EGBERS, FIJE EGBERTS, FIJGJE EGBERTS), geb. vóór ca. 1718, afkomstig uit Elburg, landeigenaresse (1743-1755), pachtster van een Kamper stadserf (ca. 1747-1748), akkerbouwster (1743-1755), veehoudster (vóór 1747-1755), begr. Kampen 05-09-1755, dochter van Eibert/Egbert … en …, wed. van Jan Aartsen.

 

Uit dit huwelijk zijn geboren:

 

Elisabeth Aaltsen Prins, ged. Kampen (Broederkerk) 15-11-1748, volgt VIId.

Eijbert Aaltsen Prins, ged. Kampen (Buitenkerk) 15-02-1750, begr. Kampen 05-01-1762.

Tijmen Aaltsen Prins, ged. Kampen (Buitenkerk) 17-02-1752, begr. Kampen (Buitenkerk) 12-01-1788.

Annegjen Aaltsen Prins, ged. Kampen (Buitenkerk) 23-05-1754, volgt VIIe.

 

Tijdgenoten van Fijgje noteren het patroniem als Eiberts en ook als Egbers of Egberts. Dat de tweede zoon van Feijgien “Eijbert” heet kan, gelet op de traditionele wijze van vernoemen, mede erop wijzen dat “Eibert” de vader was van Fijgje Eiberts. Daarbij komt dat Eiberts juist in de oudste vermeldingen als patroniem meer werd gebruikt dan Egbers of Egberts.

 

Fijgje Eiberts otr. Kampen 19-10-1742, tr. Kampen 18-11-1742 Jan Aartsen.

 

Kampen 19-10-1742: Jan Aertsen wedr. van t’Haatland met Fijgien Egberts j.d. van Camperveen.

 

Kampen (Buitenkerk) 18-11-1742: Den 18 Novembr Buijten Kerk Jan Aertsen vant haatland wed met Fijgien Egberts van Camperveen jd

 

Zuideinde onder Doornspijk 07-03-1743: Jan Aartsen en zijn vrouw Fijgje Eiberts, wonende op het Kampereiland, kopen van Willem Aartsen en zijn vrouw Teunisje Willems voor 500 gulden 6 schepel bouwland aan de Winterdijk. [12]

 

een deel van de topografische militaire kaart uit de jaren 1830 tot 1850 waarop is afgebeeld de winterdijk en de 
grote woldweg tussen oosterwolde en oldebroek waar aalt tijmens prins in de achttiende eeuw land in eigendom had

 

De Winterdijk en de Grote Woldweg. Topografische Militaire Kaart (Nettekening) 1830-1850.

 

Eektermerk in het kerspel Oosterwolde onder Doornspijk 21-04-1746: Hendrik van Werven en zijn vrouw Hilligje Wolters verkopen voor 300 gulden aan Jan Aartsen op het Kampereiland en zijn vrouw Fijgje Egberts 4 schepel zaailand. [13]

 

Eektermerk in het kerspel Oosterwolde onder Doornspijk 14-03-1747: Fijgje Eiberts, wed. van Jan Aartsen, wonende te Overijssel  koopt van burgemeester H.J. Erkelens en zijn vrouw Elisabeth Agnes Schrassert voor 439 gulden 6 schepel bouwland, genaamd de Vossenakker. [14]

 

Deze Jan Aartsen, echtgenoot van Fijgje Eiberts, is dezelfde als Jan Aartsen die op het Kampereiland erf 75, het eerste erf van de Zuiderwaard, pacht van P1734 – ca. 1747. [15]

 

Hiervoor spreekt:

 

1. Op 07-03-1743 en op 21-04-1746 blijkt dat Fijgje Eiberts is getrouwd met Jan Aartsen. Op de beide data blijken zij te wonen op het Kampereiland;

 

2. Jan Aartsen is ovl. tussen 21-04-1746 en 14-03-1747. Fijgje Eiberts, weduwe van Jan Aartsen, woont op 14-03-1747 in Overijssel;

 

3. Jan Aartsen is pachter van erf 75, het eerste erf van de Zuiderwaard, van P1734 tot ca. 1747;

 

4. Fijgje Eiberts huwt 04-02-1748 Aalt Tijmens Prins;

 

5. Aalt Tijmens Prins pacht erf 75, het eerste erf van de Zuiderwaard, vanaf P1754;

 

6. Volgens J. Grooten, Pachters van de stadserven op het Kampereiland 1432-1998, is niet bekend wie de pachter is van erf 75, het eerste erf van de Zuiderwaard, in de periode tussen Jan Aartsen, pachter tot ca. 1747, en Aalt Tijmens Prins, pachter na P1754.

 

7. Fijgje Eiberts heeft na het overlijden van Jan Aartsen het bedrijf voortgezet getuige de (mogelijk nog samen met haar man gesloten) koop, op 14-03-1747, van 6 schepel bouwland, genaamd de Vossenakker, in Oosterwolde (GD).

 

Hieruit volgt dat Jan Aartsen, de echtgenoot van Fijgje Eiberts, dezelfde is als Jan Aartsen, de pachter van erf 75, het eerste erf van de Zuiderwaard. Jan Aartsen pacht erf 75 tot zijn overlijden, tussen 21-04-1746 en 17-03-1747, mogelijk kort vóór 14-03-1747, waarna Fijgje Eiberts de pacht voortzet tot haar huwelijk met Aalt Tijmens Prins op 04-02-1748, waarna Aalt Tijmens Prins pachter is.

 

Jan Aartsen is geb. vóór ca. 1708, afkomstig uit Oosterwolde (GD), landeigenaar (1743-ca. 1747), pachter van een Kamper stadserf (1726-ca. 1747), ovl. tussen 21-04-1746 en 14-03-1747, mogelijk kort vóór 14-03-1747, zoon van Aart … en ..., wedn. van respectievelijk Wichmoed Gerrits, Aaltje Lubberts en Aaltje Dries. [16]p>

 

Jan Aartsen tr. Kampereiland 24-11-1726 Wichmoed Gerrits. Wichmoed Gerrits is geb. vóór ca. 1708, afkomstig uit Oosterwolde (GD), dochter van Gerrit … en …, begr. Kampen 13-02-1730, wed. van Jan Gerrits Ligger.

 

Jan Aartsen pacht op het Kampereiland erf 43, de Kleine Modderkuil, van 24-11-1726 tot M1733, welk erf voordien is gepacht door Wichmoed Gerrits, sinds 20-04-1726, en voordien, per M1713, door haar eerste echtgenoot Jan Gerrits Ligger. [17]

 

Jan Aartsen hertr. Kampereiland 18-06-1730 Aaltje Lubberts. Aaltje Lubberts is geb. vóór ca. 1712, dochter van Lubbert … en …, begr. Kampen 24-02-1733.

 

Jan Aartsen pacht op het Kampereiland erf 75, het eerste erf van de Zuiderwaard, van P1734 tot ca. 1747. [18]

 

Jan Aartsen otr. IJsselmuiden 26-04-1734, hertr. IJsselmuiden, Aaltje Dries. Aaltje Dries is geb. vóór ca. 1716, afkomstig uit Oosterholt, dochter van Dries … en …, begr. Kampen 23-03-1736.

 

Het huwelijk met Fijgje Eiberts was het vierde huwelijk van Jan Aartsen.

 

Kampen (Buitenkerk) 04-02-1748: Aalt tiemense vant Oldebroek jman tr. Fijtje Egberts van Elburgh wedue.

 

Kampen 27-07-1748: Op een lijst van ingezetenen van Kampen komen voor Aalt Tijmens en Feya Egbers zonder kinderen, met hun knecht Peter Tijmens, zonder meid en inwonenden.

 

Aalt Tijmens Prins pacht op het Kampereiland erf 75, het eerste erf van de Zuiderwaard, van 04-02-1748 tot P1784 (aanvang pachtperiodes: 04-02-1748, P1754, P1764, P1774). Per P1784 is de pacht direct overgedaan. [19]

 

Kampen 02-08-1756: Hannes Eybers en Harmen Prins worden aangesteld als voogden over de vier kinderen van Aalt Tijmens Prins en wijlen Fijgje Eiberts, genaamd Lysebeth, Eijbert, Timen en Annegien. [20]

 

                                                                              Den 2 Aug: 1756

Den 13 April 1776                                  De personen van Hannes Eybers

heeft Lysebeth                                       en Harmen Prins worden geauctori-

Prins geadsisteerd                                 seerd tot voogden over de vier

met de secret                                        onmundige kinderen van Aelt

A.J. Lemkes                                            Timensen Prins en wylen Fya Egbers

hare voogden goeder                            met name Lysebeth, Eybert, Timen

voogdijschap en                                     en Annegien Prins, welke de

ontrigtinge harer                                   momberschap handtastig hebben

goederen bedakt                                   aangenomen

SAL                                                                         Coram Sabé

Cor L.W. van Hemert                                                         Bruinier

       H.L. v. der Merwede

 

Na het overlijden van Fijgje Eiberts en in verband met zijn tweede huwelijk reserveert Aalt Tijmens Prins voor zijn minderjarige kinderen Elisabeth, Eijbert, Tijmen en Annegjen als moeders erfdeel 1500 Carolus guldens, land in Oosterwolde (GD) en boeken met zilverbeslag e.d. Dit erfdeel wijst erop dat het gezin van Aalt Tijmens Prins in gegoede omstandigheden verkeerde.

 

Kampen 02-08-1756: Aelt Timensen Prins, wedn. van Fije Egberts, verklaart voor zijn minderjarige kinderen Lijsbet, Eijbert, Timens en Annegien Prins als moeders erfdeel te hebben gereserveerd een bedrag van 1500 Carolus guldens, land in Oosterwolde (GD) en boeken met zilverbeslag e.d. Tot onderpand stelt hij acht schepel zaailand in Oosterwolde, gelegen tussen het land van hemzelf, het land van Lobé, de Winterdijk en het land van de kinderen Brands, die niet mogen worden verkocht of tot onderpand worden gesteld. Hij belooft te doen wat een goede vader betaamt, waarmee de voogden, Jannes Eijbertsen en Harmen Prins, tevreden zijn. [21]

 

Hannes Eybers of Jannes Eijbertsen, voogd van de vier kinderen van Aalt Tijmens Prins en Fijgje Eiberts, is vermoedelijk, net als Harmen Prins, een oom van deze vier kinderen. Het is aannemelijk dat zowel een oom van vaderszijde als een oom van moederszijde tot voogden zijn aangesteld. Hannes Eybers of Jannes Eijbertsen zou een broer kunnen zijn van Fijgje Eiberts.

 

Aalt Tijmens Prins otr. Kampen 30-07-1756, hertr. Oosterwolde (GD) 22-08-1756

 

JANNETJE JACOBS (JANNEGIEN JACOBUS STEENBERGEN) (zie VIe), ged. Oosterwolde (GD) 22-05-1732, landeigenaresse (1756-1802), pachtster van een Kamper stadserf (1793-1802), akkerbouwster (1756-1802), veehoudster (1756-1802), begr. Kampen (Buitenkerk) 08-09-1802, dochter van Jacobus Reinderts en Stijntje Gerrits.

 

Uit dit huwelijk zijn geboren:

 

Jacobus Aaltsen Prins, ged. Kampen (Buitenkerk) 02-10-1757, volgt VIIf.

Stijntje Aaltsen Prins, ged. Kampen (Buitenkerk) 25-02-1759, volgt VIIg.

Jan Aaltsen Prins, ged. Kampen (Bovenkerk) 25-12-1760, begr. Kampen 10-03-1761.

Marrigje Aaltsen Prins, ged. Kampen (Buitenkerk) 01-01-1762, begr. Kampen 17-03-1764.

Jan Aaltsen Prins, ged. Kampen (Buitenkerk) 27-02-1763, begr. Kampen 26-04-1763.

Jan Aaltsen Prins, ged. Kampen (Buitenkerk) 19-02-1764, begr. Kampen 12-01-1770.

Gerrit Aaltsen Prins, ged. Kampen (Buitenkerk) 20-10-1765, volgt VIIh.

Marrigje Aaltsen Prins, ged. Kampen (Buitenkerk) 26-06-1768, volgt VIIi.

Egbert Aaltsen Prins, ged. Kampen (Buitenkerk) 13-10-1771, volgt VIIj.

Jan Aaltsen Prins, ged. Kampen (Buitenkerk) 24-10-1773, volgt VIIk.

 

Oldebroek 22-05-1732: ged. Jannetje, dochter van Jacobus Reinderts en Trijntje Gerrits.

 

Aalt Tijmens Prins trouwt met de stiefdochter van zijn broer Gerrit Tijmens Prins. Immers Jannetje Jacobs is een dochter van Stijntje Gerrits, de vrouw van Gerrit Tijmens Prins, zie VIe.

 

Kampen 30-07-1756: Aelt Tijman Prins, wedr op ’t Haatland otr. met attestatie van Oosterwolde Jannetje Jacobs, J.D. van Oosterwolde.

 

Oosterwolde (GD) 22-08-1756: tr. den 22 Aug. Aelt Timansz Prins Wed? op het HaetLandt & Jannetje Jakobs j:d: van Oosterwolde.

 

tekening van Oosterwolde, gelderland, met de sint nicolaaskerk die in 1845 is afgebroken, 
de kerk waarin in 1756 aalt tijmens prins en jannetje jacobs zijn getrouwd

 

Oosterwolde, St. Nicolaaskerk aan de Grote Woldweg. In deze kerk trouwen Aalt Tijmens Prins en Jannetje Jacobs op 22-08-1756. Tekening door Cornelis Pronk, 1732.

 

Oosterwolde – St. Nicolaaskerk

De St. Nicolaaskerk in ‘Oostenwold’ (het huidige Kerkdorp) is gesticht in de 15de eeuw door de abdij van Werden. De kerk was gebouwd in gotische stijl. Door de toenemende dreiging van stormvloeden van de nabijgelegen Zuiderzee, vertrokken de bewoners van Oostenwold naar de in het zuiden gelegen buurtschap ‘de Zandweg’, het huidige Oosterwolde. In het begin van de 19e eeuw was de St. Nicolaaskerk nog slechts door enkele woningen omgeven en vanuit de omliggende woongebieden vaak moeilijk bereikbaar. In 1844 liep de kerk aanzienlijke bliksemschade. Hierop werd besloten de St. Nicolaaskerk af te breken en nieuwe kerken te bouwen bij ‘de Zandweg’ en in Noordeinde. [22]

 

een tekening van het aanzicht van de sint nicolaaskerk in oosterwolde, gelderland, die in 1845 is afgebroken, 
de kerk waarin in 1756 aalt tijmens prins is getrouwd

 

Sint Nicolaas Kerk te Oosterwolde, in 1845 afgebroken. J.C. Wendel, naar een tekening van H.G. Haasloop Werner.

 

een tekening van de plattegrond van de sint nicolaaskerk in oosterwolde, gelderland, die in 1845 is afgebroken, 
de kerk waarin in 1756 aalt tijmens prins is getrouwd

 

Plattegrond teekening der Sint Nicolaas Kerk te Oosterwolde, in 1844. Gesloopt in het volgende jaar. J.C. Wendel, naar een tekening van H.G. Haasloop Werner.

 

Kampen 03-05-1771: Aalt Prins betaalt de 50e penning over een huisje in Brunnepe van de armen.

 

Kampen vóór Pasen 1772: Tijmen Prins, vermoedelijk Tijmen Aaltsen Prins, doet belijdenis en wordt ingeschreven als lid van de Gereformeerde Kerk van Kampen.

 

Kampen 05-05-1774: Aalt Tijmens Prins, oom, en Hendrik van Eem worden benoemd tot voogden over de kinderen van Harmen Tijmens Prins en Jannigje Vriese, genaamd Elisabeth, Harmyna, Maria en Timen Hendrik. [23]

 

Wat was de impact van de zware stormvloeden van 14/15-11-1775 en 22-11-1776 op erf 75 op de Zuiderwaard, c.q. op het Kampereiland?

 

een gravure waarop is te zien de dijkbreuk en overstroming tussen vollenhoven en kampen als gevolg van een zware 
stormvloed op 22 november 1776, waarbij ook kampereiland is getroffen

 

Dijkbreuk en overstroming tussen Vollenhoven en Kampen, 22 -11-1776.

 

Bij de zware stormvloed van 14/15-11-1775 lopen delen van Holland, Gelderland en Overijssel onder water. In Elburg komen 28 inwoners om het leven en op het Kampereiland 250 stuks rundvee. Bij de zware stormvloed van 22-11-1776 komen 7 Elburgers om het leven.

 

Het Kampereiland ligt in de monding van de IJssel bij Kampen, begrensd door de IJssel, het Kattendiep, het Ketelmeer, het Zwarte Meer en het Ganzendiep. Oorspronkelijk bestond het Kampereiland uit verscheidene eilanden. In 1363 schonk de bisschop van Utrecht Jan van Arkel deze eilanden aan de stad Kampen in ruil voor de rechten van de stad in de polder Mastenbroek. Kampen kreeg niet alleen de eilanden, maar ook het recht-van-aanwas. Uitbreidingen van de eilanden op de Zuiderzee waren daardoor ook eigendom van de stad. Door sedimentatie en actieve inpoldering breidde Kampen haar grondbezit in de loop der eeuwen sterk uit. In de 19e eeuw bestond het huidige Kampereiland uit drie eilanden: Kattenwaard, Raas-Pijperstaart en Binneneiland. De drie eilanden waren van elkaar gescheiden door het Rechterdiep en het Noorddiep. In de 20e eeuw kreeg het Kampereiland zijn huidige vorm. Het Rechterdiep werd gedempt, het Noorddiep werd bij de IJssel afgesloten, het Kattendiep werd gegraven en nieuwe inpolderingen op de Zuiderzee vonden plaats (Rechterveld, Willem Meijerpolder, Stikkenpolder en Zwartemeerpolder). Het uiteindelijke agrarische grondbezit van de gemeente bedroeg 5.000 ha. Het omvatte naast het Kampereiland, de Mandjeswaard (600 ha), de Pieper (200 ha), de Melm, Buitendijks en de polder Broeken en Maten. Het gehele bezit werd kortheidshalve ook wel aangeduid met het begrip "Kampereiland". De pachtinkomsten waren zodanig winstgevend dat de gemeente Kampen in de 19e eeuw geen belastingen meer hoefde te heffen. Het Kampereiland is agrarisch in gebruik, met name melkveehouderijen zijn er gevestigd. Op het eiland wonen ongeveer 500 mensen. Er is een buurtschap met een kerk en een basisschool. Het Kampereiland is ontsloten met de Ganzensluis, de Eilandbrug en Ramspolbrug. Het Kampereiland is een markante onderdeel van het Nationaal Landschap IJsseldelta. Typerend voor het eiland is dat de oudere boerderijen op terpen zijn gebouwd. Dit was noodzakelijk omdat het eiland vóór de afsluiting van de Zuiderzee in 1932 bij een hoge waterstand regelmatig overstroomde. In oktober 2007 droeg de gemeente Kampen het eigendom van haar gehele bezit over aan Kampereiland Vastgoed NV. De gemeente is enig aandeelhouder. Het areaal was door stadsuitbreidingen inmiddels afgenomen tot 4.000 ha.

 

Kampen 09-05-1785: Aelt Tijmens Prins, geboortig van het Oldebroek koopt het buitenburgerschap van de stad Kampen voor zich en zijn zoontjes Egbert, 11 jaar en Jan, 10 jaar en zij worden ingeschreven in het Burgerboek 1672/1868 van Kampen. [24]

 

Aalt Timensen Prins geboortig van het Oldebroek

heeft de buitenburgerschap gewonnen en daar

voor betaald --------------------------------------- f 98,==

alsmede voor sijn soons de een oud

in sijn elfde jaar, en de twede oud in syn

tiende jaar, met namen Egbert Aalts, en

Jan Aalts Prins --------------------------------------f 28,==

 

Aalt Tijmens Prins is voogd van Hermina Prins, de dochter van zijn broer Harmen Tijmens Prins en Jannigje Vriese, zie VIi.

 

Kampen 04-01-1781: Hendrik van Eem en Aalt Prins verzoeken Schepenen en Raad van Kampen Hermina Prins, 24 jaar, meerderjarig te verklaren.

Schepenen en Raad van Kampen verklaren Hermina Prins meerderjarig.

 

Den 4 Januarij 1781.

Op den Requeste van Hendrik van Eem en Aalt Prins, verzoekende Veniam aetatis voor derzelven pupil Hermiena Prins oud 24 jaar en van een goed gedrag.

Was geapost: Op het rapport van de Heeren Hoofdlieden in het Bovenquartier word aan den Supplianten pupille Hermina Prins de verzogte veniam aetatis geaccordeerd ten fine en effecte als naar regten.[25]

 

Kampen 30-12-1782: Jan Dirks verzoekt de Schepenen en Raad van Kampen de pacht van erf 45 op het Haatland, door hem verworven bij een openbare verpachting op 24-12-1782, onder dezelfde voorwaarden te mogen overdoen aan Aalt Timens Prins, pachter van erf 45.

Schepenen en Raad van Kampen stemmen in met dit verzoek.

 

&ldquoldquo;Den 30 December 1782.

Op de Requeste van Jan Dirks, versoekende van het erve op het Haatland No.47 bij de publijcque verpagting den 24 December laatstleden hebbende gepagt, aan de Meijer van het erve No.45 Aalt Timens Prins op dezelve conditien te mogen overdoen.

Was geapost: Het verzoek ten Requeste gedaan word mids desen geaccordeert, en dien ten gevolge de gelibelleerde overdoening geapprobeert.” [26]

 

Van 04-02-1748 tot P1784 is Aalt Tijmens Prins pachter van erf 75, het eerste erf op de Zuiderwaard, groot 40 bunder voor 350 gulden per jaar (per P1754), 470 gulden per jaar (per P1764) en 435 gulden per jaar (per P1774). Aalt Tijmens Prins heeft de pacht per P1784 wel gemijnd maar doet die direct over aan Lubbert Aarts van de Weerd.

 

een deel van een kadasterkaart uit de jaren 1811 tot 1832 waarop is afgebeeld de zuiderwaard op kampereiland bij 
kampen, waar in de achttiende eeuw aalt tijmens prins woonde

 

De Zuiderwaard. Kadasterkaart (Minuutplan) 1811-1832

 

Aalt Tijmens Prins pacht op het Kampereiland erf 61, het eerste erf van de Kruishoop. Dit erf is groot 29 bunder. De pacht bedraagt 370 gulden per jaar. Aalt Tijmens Prins pacht dit erf van P1784 tot aan zijn overlijden op 21-07-1793. [27] Een schoonzoon van Aalt Tijmens Prins, Klaas Teunis ten Hove, getrouwd met Elisabeth Aaltsen Prins (zie VIId), pacht van P1784 tot P1794 het naastgelegen erf 62, het Erf De Kruishoop.

 

een deel van een kadasterkaart uit de jaren 1811 tot 1832 waarop zijn afgebeeld de kruishooper erven aan de 
haatlanderdijk op kampereiland bij kampen, waar in de achttiende eeuw aalt tijmens prins woonde

 

De Kruishooper Erven aan de Haatlander-Dyk. Kadasterkaart (Minuutplan) 1811-1832.

 

Het pachten van twee naast elkaar gelegen erven door Aalt Tijmens Prins en zijn schoonzoon oogt als een strategische zet. Denkbaar is dat Aalt Tijmens Prins in 1784, bijna zeventig jaar, al rekening hield met een verlies aan krachten of een overlijden binnen de pachtperiode van tien jaar. De exploitatie van twee naast elkaar gelegen erven, door hem en zijn schoonzoon, zal voordelen hebben geboden.

 

Erf 61 en erf 62 lagen aan de noordzijde van de Haatlanderdijk. Erf 61 is opgeheven met ingang van P1963 en erf 62 per P1970. De landerijen bij deze erven maakten plaats voor de uitbreiding van het industrieterrein van Kampen.

 

Ruim een jaar na het begin van de pacht overlijdt Elisabeth Aaltsen Prins, de oudste dochter van Aalt Tijmens Prins. Haar man Klaas Teunis ten Hove heeft, zo blijkt in 1786, ook het overlijden van vijf van zijn zes kinderen te verwerken gekregen.

 

Klaas Teunis ten Hove, weduwnaar met een dochter van vijf jaar, hertrouwt in 1786. Na de dood van Elisabeth Aaltsen Prins en door het nieuwe huwelijk van Klaas Teunis ten Hove wordt de familieband tussen de bewoners van de beide Kruishoper erven veel minder hecht.

 

Aalt Tijmens Prins pacht op het Kampereiland erf 74, het tweede erf van de Zuiderwaard, met ingang van P1794. Hij mijnde de pacht voor 1.000 gulden per jaar maar kan de pacht niet aanvaarden door voortijdig overlijden. [28] Het plan van Aalt Tijmens Prins om terug te keren naar de Zuiderwaard viel samen met het voornemen van zijn gewezen schoonzoon om erf 62 te verlaten en per P1794 een erf op de Mandjeswaard te pachten.

 

Jannetje Jacobs pacht op het Kampereiland erf 61, het eerste erf van de Kruishoop, van 21-07-1793 tot P1794. [29] De weduwe van Aalt Tijmens Prins voltooit de pachtperiode en vertrekt per P1794 naar de haar zo bekende Zuiderwaard. Zij pacht daar erf 74, het tweede erf van de Zuiderwaard, van P1794 tot haar overlijden op 08-09-1802. [30]

 

De erven Jannetje Jacobs pachten op het Kampereiland erf 74, het tweede erf van de Zuiderwaard, van 08-09-1802 tot P1804. [31]

                              

In de Buitenkerk van Kampen bevindt zich de grafsteen van Aalt Tijmens Prins en Jannetje Jacobs. Op deze steen staan de inscripties “1793 21 . IL” en “1802: 8 ST”.

 

een foto van de grafsteen van aalt tijmens prins en jannetje jakobs in de vloer van de buitenkerk van kampen met 
goed leesbare inscripties

 

een foto van een deel van de grafsteen van aalt tijmens prins, geboren in 1714, en jannetje jakobs in de vloer van 
de buitenkerk van kampen met goed leesbare inscripties

 

Foto’s. Grafsteen van Aalt Tijmens Prins (1714-1793) en  Jannetje Jacobs (1732-1802) in de Buitenkerk in Kampen.

 

BS Kampen 30-04-1829: Volgens een uitreksel uit het OverlijdensRegister der Buitenkerk is Aalt Tiemens Prins ovl. Kampen 23-07-1793 alhier op de drie entwintigSten July Een duizend Zeven honderd drie en Negentig.

 

“De Buitenkerk (of Onze Lieve Vrouwe kerk) in Kampen was bij de bouw de tweede parochiekerk van Kampen en werd gewijd aan Maria. De naam "Buitenkerk" is ontleend aan de plek van de kerk, het nieuwe stadsdeel de Buitenhoek, dat oorspronkelijk buiten de stadsmuur lag.

De kerk was tot ca. 1580 in gebruik bij de Rooms-katholieken. Na de verovering van de stad door de prinsgezinden, werd de kerk ingericht voor de gereformeerde eredienst. Tegen het einde van de 18e eeuw raakte de kerk in verval. Nadat de kerk rond 1800 als paardenstal door verschillende legers was gebruikt was het verval volledig.

Lodewijk Napoleon, koning van Holland, stelde de Buitenkerk in 1809 ter beschikking van de Kamper Rooms-katholieken, die zich tot dusver met twee schuilkerkjes hadden moeten behelpen. De kerk werd door de toenmalige pastoor niet meer dan "een hoop stenen" genoemd. Toch nam de kleine Rooms-katholieke gemeenschap het herstel ter hand. In de loop van de 19e eeuw volgden diverse restauraties.

 

 

een foto van het aanzicht van de buitenkerk in kampen, de kerk waarin aalt tijmens prins, geboren in 1714, en 
jannetje jacobs zijn begraven

 

Foto. Buitenkerk in Kampen.

 

BS Kampen 17-06-1850: in de overlijdensakte van Marrigje Aaltsen Prins staat dat zij een dochter is van Aalt Prins en Jannigjen Steenbergen.

 

In de doopaantekeningen zijn de namen als volgt geschreven:

 

15-11-1748: Elizabeth, dochter van Aalt Tijmensen en Fijgjen Egberts.

15-02-1750: Eijbert, zoon van Aalt Tijmens Prens en Feijgjen Eijbers.

23-05-1754: Annegjen, dochter van Aelt Tijmens Prins en Feijgien Egbers.

02-10-1757: Jacobes, zoon van Aelt Tijmensen Prins en Jannigien Jacobes.

25-02-1759: Stijntjen, dochter van Aelt Tijmens Prins en Jannetjen Jakobus.

25-12-1760: Jan, zoon van Aelt Tijmensen Prins en Jannetjen Jacobus.

01-01-1762: Merrigien, dochter van Aaelt Prins en Jannetjen Jacobus.

27-02-1763: Jan, zoon van Aelt Tijmensen Prins en Jannetjen Jakobus.

19-02-1764: Jan, zoon van Aelt Tijmensen Prins en Jannetjen Jakobus.

20-10-1765: Gerrit, zoon van Aelt Tijmensen Prins en Jannegien Jakobus.

26-06-1768: Marrigien, dochter van Alelt Prins en Jannetien Jakobes. In een later handschrift is Alelt veranderd in Aelt.

13-10-1771: Egbert, zoon van Aelt Tijmensen Prins en Jannegien Jacobs.

24-10-1773: Jan, zoon van Aelt Tiemensen Prins en Jannetjen Jakobus.

 

 

Aalt Tijmens Prins – plaatsbepaling grondbezit

 

Aalt Tijmens Prins en zijn naaste verwanten hebben in eigendom diverse gras- en zaailanden in het kerspel Oosterwolde onder Doornspijk.

 

Wie is behulpzaam bij het lokaliseren van de hieronder genoemde percelen in het huidige terrein?

 

een foto uit 2013 van de winterdijk tussen oosterwolde en oldebroek, met zicht op het westen, daar waar aalt 
tijmens prins in de achttiende eeuw land in bezit had

 

Foto. Winterdijk, zicht op het westen nabij “Op Grootvaders Erf”, 25-12-2013.

 

een foto uit 2013 van de winterdijk tussen oosterwolde en oldebroek, met zicht op het zuidwesten, daar waar 
aalt tijmens prins in de achttiende eeuw land in eigendom had

 

Foto. Winterdijk, ter plaatse waar deze over een korte afstand oost-west loopt met een bocht naar het zuiden, nabij “Op Grootvaders Erf”. Zicht op Elburg. 25-12-2013.

 

een foto uit 2013 van de weg naar landgoed morren vanaf de winterdijk waar aalt tijmens prins in de achttiende 
eeuw land in eigendom had

 

Foto. Winterdijk, zicht op de oprijlaan naar Morren, 25-12-2013.

 

6 schepel bouwland/zaailand in het Eektermerk, aan de westzijde grenzend aan de Winterdijk,  gekocht door Fijgje Eiberts en Jan Aartsen, haar eerste man, in 1743, verkocht in 1793.

 

Zuideinde onder Doornspijk 07-03-1743: Fijgje Eiberts en Jan Aartsen, wonende op het Kampereiland, kopen in 1743 van Willem Aartsen en zijn vrouw Teunisje Willems voor 500 gulden 6 schepel bouwland aan de Winterdijk. Dit bouwland grenst aan (oost) het land van Jan Aartsen kerkmeester, (zuid) het land van de heer Lobè predikant te Elburg, (west) de Winterdijk en (noord) het land van Evert Gerritsen. [32]

 

Eektermerk in het kerspel Oosterwolde onder Doornspijk 14-08-1749: Gerrit Jacobsen en zijn zus Gerrigje Jacobs, beide voor 2/3 erfgenamen van hun oom Evert Gerritsen, verkopen voor 250 gulden hun erfportie aan Willem Aartsen en zijn vrouw Teuntje Willems, zijnde een mudde zaailand aan de Winterdijk. Dit zaailand grenst (oost en zuid) aan het land van Aalt Tijmensen Prins, (west) aan de Winterdijk en (noord) aan het land van de weduwe van Eibert Jansen Nieboer. [33]

 

Eektermerk in het kerspel Oosterwolde onder Doornspijk 31-12-1749: Willem Aartsen en zijn vrouw Teuntje Willems verkopen voor 390 gulden aan Gerrit Brandsen een mudde zaailand aan de Winterdijk. Dit zaailand grenst (zuid) aan het land van Aalt Tijmensen Prins, (west) aan de Winterdijk en (noord) aan het land van de weduwe van Eibert Jansen Nieboer. [34]

 

Zuideinde onder Doornspijk 10-07-1768: Jan Eibertsen en Fennigje Gerrits kopen voor 150 gulden het aandeel van Brand Gerritsen en zijn vrouw Jannigje Cnelis, voor 150 gulden het aandeel van Nelle Gerrits, voor 40 gulden het aandeel van Albert Alberts en zijn vrouw Driesje Gerrits , voor 40 gulden het aandeel van Gerrit Alberts en zijn vrouw Dirkje Gerrits in een mudde zaailand waarvan zij een tiende deel al in bezit hebben. Dit zaailand grenst aan (oost en zuid) het land van Aalt Tymensen Prins, (west) de Winterdijk en (noord) het land van Renesse. [35]

 

Doornspijk 06-04-1793: Aalt Tijmens Prins verkoopt 6 schepel zaailand aan Lubbert Gerrits en zijn vrouw Fennetje Gerrits voor 400 gulden. Dit zaailand grenst aan (oost) zijn eigendom, (west) de Winterdijk, (zuid) land van de heer Renesse, (noord) land van Egbert Jans. De eigenaar betaalt (jaarlijks?) een rente van 2 gulden aan het Onze Lieve Vrouwengilde van Oldebroek. [36]

 

4 schepel zaailand in het Eektermerk, gekocht door Fijgje Eiberts en Jan Aartsen, haar eerste man, in 1746.

 

Eektermerk in het kerspel Oosterwolde onder Doornspijk 21-04-1746: Hendrik van Werven en zijn vrouw Hilligje Wolters verkopen voor 300 gulden aan Jan Aartsen op het Kampereiland en zijn vrouw Fijgje Egberts 4 schepel zaailand. Dit zaailand grenst aan (oost) land van Gerrit Jansen of de erfgenamen van Jochem Klaas, (zuid) land van dominee Lobé, (west) land van Jan Aartsen en (noord) land van burgemeester Erkelens. [37]

 

6 schepel bouwland in het Eektermerk, genaamd de Vossenakker, aan de oostzijde grenzend aan het Streker voetpad, gekocht door Fijgje Eiberts in 1747.

 

Eektermerk in het kerspel Oosterwolde onder Doornspijk 14-03-1747: Fijgje Eiberts, wed. van Jan Aartsen, wonende te Overijssel  koopt van burgemeester H.J. Erkelens en zijn vrouw Elisabeth Agnes Schrassert voor 439 gulden 6 schepel bouwland, genaamd de Vossenakker. Het bouwland grenst aan (oost) het Streker voetpad, (zuid) land van dominee Lobè, (west) land van Evert Gerritsen en (noord) land van Eibert Jansen. [38]

 

Zuideinde onder Doornspijk 28-09-1753: Jan Lubbertsen en zijn vrouw Swaantje Jans en Lubbert Lubbertsen en zijn vrouw Anna Rutgers verkopen aan Arend Jacobsen en zijn vrouw Hendrikje Egberts voor 150 gulden 2/3 deel van 3 gresen weiland waarvan het overige Marrigje Gerrits toebehoort. Dit weiland grenst (noord) het land van de weduwe van Eibert Jansen Nieboer, (oost) de Grote Woldweg, (zuid ) het land van Jacob Klaasen en (west) het land van Aalt Tijmensen Prins. [39]

 

Zuideinde onder Doornspijk 26-03-1756: Arend Bruggeman en zijn vrouw Jantje Hendriks kopen van Arend Jacobsen en zijn vrouw Hendrikje Egberts voor 300 gulden 2/3 deel van 3 gresen land waarvan het overige toebehoort aan Marrichje Gerrits. Deze drie gresen grenst aan (oost) de Grote Woldweg, (zuid) het land van Jacob Claasen, (west) het land van Aalt Timensen Prins en (noord) het land van de wed. Eibert Jansen Nieuwboer. [40]

 

’t Hooge onder Doornspijk 03-01-1773: Diverse personen verkopen gezamenlijk aan Gysbert Berghuis en zijn vrouw Geertruid Veldkamp en Jacob Michmarshuizen diverse goederen waaronder hun aandeel in het Rutsje, groot drie gresen. Het Rutsje grenst aan (oost) de Woldweg, (zuid) het land van Annigje Jacobs, (west) het land van Aalt Tymensen Prins en (noord) het land van Renesse. [41]

 

Mogelijk is dit bouwland verkocht in 1794:

Doornspijk 04-02-1794: Jannetje Jacobs, Gerrit Aaltsen Prins, Jacobus Aaltsen Prins en Jochem Hendriks Hillebrand en zijn vrouw Annigje Aaltsen Prins verkopen aan Hendricus Bijsterbosch zes schepel zaailand voor 355 gulden. Dit zaailand grenst aan (oost) land van Hendrik Gerrits Lange, (west) land van Lubbert Gerrits, (zuid) het land van de heer Renesse en (noord) het land van de koper. [42]

 

een half mudde bouwland in het Eektermerk, verkocht in 1790

 

’t Hooge in het kerspel Oosterwolde onder Doornspijk 26-11-1790: Aalt Tijmens Prins verkoopt voor 180 gulden aan Henricus Bijsterbosch een half mudde bouwland in ’t Hooge. Dit bouwland grenst aan (oost en noord) land van Henricus Bijsterbosch, (zuid) land van Cornelis Peelen en (west) land van Jan Beertsen. [43]

 

een mudde zaailand in het Eektermerk, verkocht in 1794

 

Doornspijk 04-02-1794: Jannetje Jacobs, Gerrit Aaltsen Prins, Jacobus Aaltsen Prins en Jochem Hendriks Hillebrand en zijn vrouw Annigje Aaltsen Prins verkopen aan Hendricus Bijsterbosch een mudde zaailand voor 338 gulden. Dit zaailand grenst (oost en zuid) aan het land van de koper, (west) aan het land van Lubbert Gerrits, (noord) aan het land van de heer Renesse. [44]

 

een mudde zaailand in het Eektermerk, aan de zuidzijde grenzend aan de Winterdijk, in eigendom verkregen vóór 16-12-1757, verkocht in 1787

 

Aangezien de Winterdijk voor het grootste deel loopt in de richting noord-zuid en slechts voor een klein deel in de richting oost-west is vrij eenvoudig de ligging van het akkerland, dat aan de zuidzijde aan de Winterdijk grenst, te bepalen.

 

Het akkerland grenst ten westen aan het in 1757 genoemde perceel akkerland dat aan de oost- en zuidzijde grenst aan de Winterdijk, dus daar waar de Winterdijk een bocht maakt van het westen naar het noorden.

 

Op het akkerland, dat eens in het bezit was van Aalt Tijmens Prins, staat nu een woning met op de gevel de naam “Op Grootvaders Erf”.

 

De Zomerdijk onder Doornspijk 16-12-1757: Aartje Everts, wed. van Diesemer Egberts, en haar kinderen Egbert, Jacob,Tryntje, Evert en Jannetje Diesemers kopen voor 700 gulden van Jan Herms en Beertje Gerrits zes schepel zaailand. Dit zaailand grenst aan (oost en zuid) de Winterdijk, (west) het land van Evert Brands en Aalt Tymen Prins en (noord) het land van de kopers. [45]

 

Eektermerk onder Doornspijk 06-07-1770: Brand Evertsen en zijn vrouw Geertje Hendriks lenen 100 gulden van Egbert Diesemers e.a. en stellen tot onderpand een mudde bouwland. Dit bouwland grenst aan (oost en noord) het land van Egbert Diesemers, (zuid) het land van Aalt Prins en (west) het land van burgemeester Brienen. [46]

 

Zuideinde onder Doornspijk 29-10-1773: Jan Eiberts en Fennigje Gerrits kopen voor 400 gulden van Brand Everts en Geertje Hendriks een mudde zaailand. Dit zaailand grenst aan (oost) het land van Tryntje Diesemers, (zuid) land van Aalt Prins, (west) land van burgemeester Brienen en (noord) land van de erven van Diesmer Egberts. [47]

 

Zuideinde onder Doornspijk 11-04-1787: Aalt Tijmens Prins en zijn vrouw Jannetje Kobus, zijn dochter Annetje Aalts en haar man Jochem Hendriks, zijn zoon Tijmen Aaltsen en zijn schoonzoon Klaas Teunis verkopen voor 350 gulden aan Lubbert Gerrits en Fennetje Gerrits een mudde zaailand aan de Winterdijk. Dit zaailand grenst aan (oost) land van Trientje Diesmers, (zuid) de Winterdijk, (west) land van burgemeester Barneveld en (noord) land van Lubbert Gerrits en Fennetje Gerrits. [48]

 

6½ gresen land in het Lummermerk op Catstouwe, verkregen in 1788 bij het verdelen van de nalatenschappen van de ouders van Jannetje Jacobs, door Aalt Tijmens Prins en Jannetje Jacobs nagelaten en door enkele van hun kinderen verkocht in 1803

 

‘t Hooge in het kerspel Oosterwolde onder Doornspijk 26-01-1788: Aalt Tijmens Prins en zijn vrouw Jannetje Kobus en Harm Wolters en zijn vrouw Hendrikje Cornelis verdelen de goederen die zijn nagelaten door Jacobus Reinders en Stijntje Gerrits, de ouders van Jannetje Jacobs. Hierbij verkrijgt Aalt Tijmens Prins 6½ gresen land op Catstouwe. [49]

 

Lummermerk onder Doornspijk 04-05-1803: Kobus Aalts Prins en zijn vrouw Aaltje Mentsels?, Gerrit, Egbert, Jan en Margje Aalts Prins en Klaas Kragt en Stijntje Aalts Prins verkopen voor 877 gulden aan Jacob Aalts en zijn vrouw Aartje Lubberts ongeveer 6 ½ gresen weiland op Catsstouwe in het "Zomerwerk" gelegen. Dit weiland grenst aan (oost) land van Albert Alberts, (zuid) land van Gerrit Veldkamp, (west) land van Jansen te Elburg en (noord) land van Egbert Jansen en Harmen Driesen. [50]

 

de helft van 9 gresen grasland in het Bolsmerk, aan de westzijde grenzend aan de Grote Woldweg, gekocht in 1762.

 

Bolsmerk in het kerspel Oosterwolde onder Doornspijk 28-10-1762: Aalt Tijmensen Prins en Jannigje Jacobs kopen voor 400 gulden van Beeltje Gerrits de helft van 9 gresen grasland in het Bolsmerk. Dit land grenst aan (oost) land van Hendrik Geurts, (zuid) het Kamper stadsland, (west) de Grote Woldweg en (noord) land van de wed. van Willem Tijmens. [51]

 

Niet te plaatsen verwijzingen:

Zuideinde onder Doornspijk 28-02-1770: Aart Roelofs en zijn vrouw Lubbigje Jans kopen voor 1.200 gulden van Willem Aartsen en zijn vrouw Teuntje Willems o.a. een erfje. Het erfje grenst aan (oost) de Kleine Woldweg, (zuid) het land van Aalt Prins en (noord) het land van Gosen Port. [52]

 

Zuideinde onder Doornspijk 05-09-1772: Aart Roelofs en zijn vrouw Lubbetje Jans lenen 425 gulden van Aart Warners en zijn vrouw Aaltje Jochems en stellen tot onderpand hun huis, hof, hooiberg en schuur tussen de Grote Woldweg en Kleine Woldweg. Het bezit grenst aan (oost) de Kleine Woldweg, (zuid) het land van Aalt Prins, (west) de Grote Woldweg en (noord) het land van Gosen Lubbertsen Port. [53]

 

Eektermerk in het kerspel Oosterwolde onder Doornspijk 07-02-1774: Hendrik Beertsen en zijn vrouw Jacobje Peelen Coops verkopen voor 500 gulden aan Gerrit Veldkamp en zijn vrouw Aaltje Heimens een kamp weiland. Dit weiland grenst aan (oost) land van Gerrit Egberts, (zuid) land van Tijmen Willems, (west) land van Willem Brands en (noord) land van Aalt Prins. [54]

 

Eektermerk in het kerspel Oosterwolde onder Doornspijk 06-02-1776: Barend van Houten en zijn vrouw Alberta Boeduinx verkopen voor 430 gulden aan Willem Brantsen 4 gresen land, genaamd Raasinksviere. Het Raasinksviere grenst aan (oost) het land van Willem Brantsen, (zuid) het land van Sagemans c.s., (west) het Feithenhof en (noord) het land van de heer Knijff en het land van Aalt Prins. [55]

 

’t Hooge onder Doornspijk 03-10-1776: Egbert van Langen en zijn vrouw Margje Scholten,  Jan van Dalsum en zijn vrouw Aaltje Scholten en Dilligje Scholten met autorisatie van haar man Willem van Boksum verkopen gezamenlijk voor 742 gulden aan Cornelis Peelen Coops en zijn vrouw Aaltje Tymens 6 schepel land. Deze 6 schepel land grenst aan (oost) het land van de heer Coops en H. Kruithof, (zuid) het land van Gerrit Beertsen, (west) het land van Jan Beertsen en (noord) het land van Aalt Prins. [56]

 

Zuideinde onder Doornspijk 02-05-1780: Lubbigje Jans, wed. van Aart Roelof, en Hendrik Harms en Jan Jansen als voogden verkopen voor 122 gulden aan Hendrik Gerrits Lange een mudde zaailand met een omheind weilandje. Hieraan grenst (oost) land van Lubbert Gerrits, (zuid) land van Aalt Prins, (west) land van Lubbigje Jans en (noord)land van Albert Jans. Daarnaast verkopen zij voor 150 gulden aan Lubbert Gerritsen en zijn vrouw Fennigje Gerritsen 8 gresen weiland aan de Kleine Woldweg. Dit weiland grenst aan (noord – is bedoeld: oost?) de Kleine Woldweg, (zuid) land van Aalt Prins, (west) land van Hendrik Everts en (noord)land van Albert Jansen. [57]

 

Zuideinde onder Doornspijk 25-03-1782 Lubbert Gerritsen en zijn vrouw Fennigje Gerritsen verkopen voor 250 gulden aan Hendrik Jansen en Jannetje Gosens 8 gresen weiland aan de Kleine Woldweg. Dit weiland grenst aan (oost) de Kleine Woldweg, (zuid) land van Aalt Prins, (west) land van Hendrik Everts en (noord) land van Albert Jansen. [58]

 

Zuideinde onder Doornspijk 25-05-1795: Gerrit Eimerts en zijn vrouw Engeltje Brands verkopen voor 425 gulden aan Barend van Marle en zijn vrouw M.S.M. Knijf een huis, genaamd het Ottersnest, met twee hoven, weilanden en houtgewassen voor, achter en naast dat huis, door Gerrit Hendriks Flier en Matheus Hendriks bewoond. Hieraan grenst (oost) land van de wed. Lubbigje Jans, (zuid) land van Aalt Prins, (west) de Grote Woldweg en (noord) land van Albert Jans. [59]

 

Zuideinde onder Doornspijk 08-05-1810: Lubbigje Jans, wed. van Aart Roelofs, verkoopt voor 150 gulden aan Wolter Hartgersen Docter een omheind weiland. Dit weiland grenst aan (oost en noord) land van Gerrit Nieland, (zuid) land van Aalt Prins en (west) land van de heer van Marle. [60]

 

Literatuur:

Kwartierstatenboek 1958, blz. 273 (daar: geb. Oldebroek 08-04-1714, tr. Oosterwolde (GD) 22-08-1756 Jannetje Jacobs)

 

 

VIe GERRIT TIJMENS (GERRIT TIJMENSEN, GERRIT TIMANS, GERRIT TIMANSZ) PRINS (van Vd), ged. Oldebroek 08-11-1716, landeigenaar (1741-1776), veehouder (1747, 1770), diacon (1757), geërfde op de Veluwe (1772), bouwman (postume vermelding 1828), ovl. 02-05-1776, begr. Oosterwolde (GD) 06-05-1776, tr. Oosterwolde (GD) 11-09-1740

 

STIJNTJE GERRITS (STIJNTJE GERRITS PRINS), geb. ws Oosterwolde vóór ca. 1711, ged. Oosterwolde (GD) 04-03-1708, landeigenaresse (1741-1756), veehoudster (1747), ovl. 27-04-1756, begr. Oosterwolde (GD) 01-05-1756, dochter van Gerrit Theunissen en Jantjen Reinders, wed. van Jacobus Reinderts.

                       

Uit dit huwelijk zijn geboren:

 

Jacobus Gerrits Prins, ged. Oosterwolde (GD) 16-04-1741, ovl. vóór 21-07-1743.

Jacobus Gerrits Prins,geb. Oosterwolde, ged. Oosterwolde (GD) 21-07-1743, volgt VIIm.

Elisabeth Gerrits Prins, ged. Oosterwolde (GD) 14-05-1747, volgt VIIn.

Timan Gerrits Prins, ged. Oosterwolde (GD) 04-01-1750, ovl. 07-07-1762, begr. Oosterwolde (GD) 12-07-1762.

 

Oosterwolde (GD) 04-03-1708: Den 4 Meert is gedoopt de doghter van Gerrit Theunissen en Jantjen Reijnders en is genaemt Stientijen.

 

Stijntje Gerrits tr. Oosterwolde (GD) 11-12-1729 Jacobus Reinderts, geb. ws. Kamperveen vóór ca. 1706, ovl. vóór 11-09-1740, wednr. van Harmijntjen Jans.

 

Oosterwolde (GD) 11-12-1729: Den 11 Desbr. zijn alhier in den staet des huwelijk ingezegent Jakobus Reinders wed? en Stijntjen Gerrits J.D. beide uit Oosterwolde.

 

Uit het huwelijk van Stijntje Gerrits en Jacobus Reinderts zijn geboren:

 

Gerrit Jacobs, ged. Oosterwolde (GD) 15-02-1731.

Jannetje Jacobs, ged. Oosterwolde (GD) 22-05-1732, zie VId.

Gerritje Jacobs, ged. Oosterwolde (GD) 15-08-1734.

Gerrit Jacobs, ged. Oosterwolde (GD) 23-03-1738. [61]

 

Jacobus Reinderts was weduwnaar toen hij trouwde met Stijntje Gerrits.

 

Jacobus Reinderts tr. Oosterwolde 23-03-1724 Harmijntje Jans.

 

Oosterwolde (GD) 23-03-1724: Den 23 dito [Martij] sijn bij ons getrout Jacobus Reijnders j.m. Van ’t Camperveen en Harmintjen Jans Wed Van ’t Camperv. beijde wonende tot Oosterwolde.

 

Uit het huwelijk van Jacobus Reinderts en Harmijntje Jans is geboren:

 

Harmtjen Jacobs, ged. Oosterwolde (GD) 24-12-1724. [62]


Zuideinde onder Doornspijk 10-05-1724: Jacob Reinders en zijn vrouw Harmina Jans kopen voor 300 gulden van de weduwe Aeltje Aerrens 6 gresen weiland en 2/3 gres weiland in Oosterwolde. Hieraan grenst  (oost) land van Jochem Klaas, (zuid) land van Wolter Hendericks, (west) land van Sturman en (noord) land van Harmen Willems en de stad Elburg. [63]

 

Zuideinde onder Doornspijk 05-09-1733: Aart Gerritsen en zijn vrouw Jutje Gerrits verkopen voor 3.000 gulden aan Eibert Jansen en zijn vrouw Dreesje Jans het door hen bewoonde  erf en goed op de Streek in Oosterwolde met een huis, hof, hooiberg en schuur en opgaande bomen, enzovoorts, waaronder 3 schepel zaailand op de Vossenakkers aan de Winterdijk, een weiland van de Woldweg tot aan de Winterdijk, 6 gresen ten westen van de Winterdijk, 3/4 gres ten westen daarvan, nog westelijker 8 gresen en 4 gresen ten noorden daarvan, met het recht, voor verkopers, de woning en de hof die Diecemer Geerlofs gebruikt, hun leven lang vrij en zonder pacht te gebruiken, mits zij de woning goed onderhouden. Hieraan grenst (oost) land van Jacob Reinders, (zuid) land van de heer Van Dedem, (west) land van Johannes van Loo en (noord) land van Beert Assenstouwe. [64]

 

Oosterwolde (GD) 11-09-1740: den 11 Septbr zijn met Bewijs van Kamperveen getrout Gerrit Timansz J.M. van Oldenbroek en Stijntje gerrits wedu van Jakobus Reindertsz.

 

In de doopaantekeningen zijn de namen als volgt geschreven:

 

16-04-1741: Jacobus, zoon van Gerrit Timansz Prins en Stijntje Gerrits,.

21-07-1743: Kobus, zoon van gerrit Tijm: Prins en Stijntje gerrits.

14-05-1747: Lijsbeth,dochter van Gerrit Tijmonsz Prins en Stijntje Gerrits.

04-01-1750: Timan, zoon van Gerrit Timansz of Prins en Stijntje Gerrits. [65]

 

Het lijkt erop dat Gerrit Tijmens Prins en Stijntje Gerrits hun eerste zoon, Jacobus, genoemd hebben naar Jacobus Reinderts, de overleden echtgenoot van Stijntje Gerrits.

 

Op 27-04-1756 overlijdt Stijntje Gerrits. Zij laat haar man en vijf kinderen na, vermoedelijk kinderen uit haar eerste en uit haar tweede huwelijk. Stijntje Gerrits is begraven in Oosterwolde (GD), in de kerk. De kerk berekent hiervoor 2 gulden en 4 stuiver.

                                                                                                                            

Oosterwolde (GD) 27-04-1756: Den 27 April Styntjen Gerrits Prins gest. Den 1 maij begraven in de kerk bt 2 - 4 - : Nalat. M: 5 kinderen.

 

Gerrit Tijmens Prins hertr. Oosterwolde (GD) 11-04-1757

 

AALTJE JANS (AELTJE JANSZ) (AALTJE VAN DE STREEK), geb. ws. Oosterwolde (GD) vóór ca. 1740, ovl. 25-08-1764, begr. Oosterwolde (GD) 29-08-1764, bouwvrouw (postume vermelding 1828), dochter van Jan… en …

 

Uit dit huwelijk zijn geboren:

 

Geertje Gerrits Prins, geb. Oosterwolde, ged. Oosterwolde (GD) 29-01-1758, volgt VIIo.

Jan Gerrits Prins, ged. Oosterwolde (GD) 02-03-1760, volgt VIIp.

 

In 1757 is Gerrit Tijmens Prins diaken van de Gereformeerde Kerk van Oosterwolde. Aaltje Jans doet enkele dagen voor haar huwelijk belijdenis. Zij wordt ingeschreven als lid van de Gereformeerde Kerk van Oosterwolde

 

Oosterwolde (GD) 05-04-1757: Aaltje Jans doet belijdenis en wordt ingeschreven als lid van de Gereformeerde Kerk van Oosterwolde.

 

Oosterwolde (GD) 11-04-1757: den 11 April Paesch-M: zyn getrout Gerrit Timansz Prins Diacon En Aeltje Jansz J.D. van Hier.

 

Oosterwolde (GD) 29-01-1758: den 29 Januarij zijn gedoopt Geertje dogter van Gerrit Timansz Prins en Aeltje Jans …

 

Jan Gerrits Prins is ged. Oosterwolde (GD) 02-03-1760. Op grond van verklaringen van zijn oom en tante, Goosen Tijmens Prins en Geertje Tijmens Prins, is ruim veertig jaar later hiervan alsnog een aantekening in het doopboek geplaatst.

 

Oosterwolde (GD) 30-08-1800: Den 2 Maart 1760 is gedoopt Jan Gerritsen Prins zoon van gerrit Timansen Prins en Aaltje Jans, volgens afgegeven verklaringen van Goossen Timans Prins & Geertjen Timansen Prins Op den 30 Aug: 1800. get. H: van Seide.

 

Gelet op de traditionele wijze van vernoemen (ouders geven hun kinderen vaak de namen van hun eigen ouders) kan verondersteld worden dat de beide kinderen, Geertje en Jan, zijn genoemd naar de ouders van Aaltje Jans.

 

Op 07-07-1762 overlijdt een kind van Gerrit Tijmens Prins. Het kind laat een vader, moeder en vier kinderen na. Met “vier kinderen” zijn vermoedelijk (half)broers en (half)zussen bedoeld. De kerk berekent voor de begrafenis 1 gulden en 9 stuiver.

 

Oosterwolde (GD) 07-07-1762: Den 7 Julij 1 een Kindt van Gerrit Prins gest. Den 12 Julij 1 begraven N: V: M: 4 kind- bt: 1 – 9 –

 

Het zal gaan om Timan Gerrits Prins, ged. Oosterwolde (GD) 04-01-1750. Zijn broer Jacobus Gerrits Prins, zus Elisabeth Gerrits Prins, halfzus Geertje Gerrits Prins en halfbroer Jan Gerrits Prins zijn op latere data nog in leven. Vermoedelijk kreeg Tijmen Gerrits Prins, ged. 06-02-1768, de naam van zijn vooroverleden halfbroer.

 

Oosterwolde (GD) 1762: Gerrit Tijmens Prins gaat met attestatie over van de Gereformeerde Kerk van Oosterwolde (GD) naar Doornspijk.

 

Doornspijk 18-03-1763: Haar attestaties hebben overgelevert: Gerrit Tijmansz: Prins en Aaltjen Jans Egtelieden van oosterwolde. Den 18 Mart. 1763.

 

Op 25-08-1764 overlijdt Aaltje Jans. Zij laat haar man en vier kinderen na. De kerk berekent voor de begrafenis 1 gulden en 9 stuiver. De vier nagelaten kinderen zijn vermoedelijk Geertje Gerrits Prins en Jan Gerrits Prins, haar eigen kinderen en Jacobus Gerrits Prins en Elisabeth Gerrits Prins, haar beide stiefkinderen.

 

Oosterwolde (GD) 25-08-1764: den 25 august: d Vrouw van Gerrit Tijmens Prins gest den 29 dito 1 begraven N: de man, 4 kind?. bet 1 - 9.

 

Zuideinde onder Doornspijk 04-04-1767: Na het overlijden van Aaltje Jans en met een nieuw huwelijk in het vooruitzicht maakt Gerrit Tijmens Prins met de voogden over zijn twee minderjarige kinderen, Goossen Tijmens Prins en Jacobus Gerritsen Prins, nadere afspraken over de nalatenschap van Aaltje Jans. De boedelinventaris en de huwelijkse voorwaarden worden bestudeerd. Besloten wordt dat Gerrit Tijmens Prins de beide kinderen zal onderhouden. Als de beide kinderen meerderjarig zijn zal hij aan hen overdragen twee mudde bouwland en de op de inventaris nader omschreven roerende goederen van hun moeder, de kleren en een paar gouden hemdsknopen, en hij belooft dat hij voor hen een psalmboek met zilverbeslag zal kopen zoals hun moeder heeft ingebracht. [66]

 

Zuideinde onder Doornspijk 19-05-1767: Gerrit Berends en Hendrik Gerritsen, wonende en met grondbezit in Doornspijk, verklaren borgen te zijn voor Gerrit Tijmens Prins tot nakoming van zijn afspraken met de voogden over zijn twee minderjarige kinderen. [67]

 

BS Oldebroek 05-08-1828: In de overlijdensakte van Geertje Gerrits Prins staat dat Geertje Prins is geb. in Doornspijk en een dochter is van wylen Gerrit Prins en wylen Aaltje van de Streek, in leven bouwlieden te Doornspyk.

 

Gerrit Tijmens Prins hertr. Oosterwolde (GD) 26-04-1767

 

GEERTRUIJ KNELIS (GEERTRUID KORNELIS) VAN DEN HUL, ged. Oosterwolde (GD) 15-03-1744, landeigenaresse (1777, 1781/1782), veehoudster (1777), ovl. na 1781/1782, dochter van Kornelis Egberts van den Hul en Hilletje Hendriks op de Hul.

 

Uit dit huwelijk zijn geboren:

 

Tijmen Gerrits Prins, ged. Doornspijk 06-02-1768, ovl. 24-02-1768, begr. Oosterwolde (GD) 27-02-1768.

Hilligjen Gerrits Prins, ged. Doornspijk 19-03-1769, volgt VIIq.

Tijmen Gerrits Prins, ged. Doornspijk 02-06-1771, knecht op de Sluise (1790), ovl. aan de kinderziekte, begr. Zalk en Veecaten 30-03-1790.

Evertjen Gerrits Prins, geb. Doornspijk 22-04-1773, volgt VIIr.

 

Oosterwolde (GD) 15-03-1744: ged. den 15 Maert Geertruid dochter van Knelis Egbertsz ArmeZier, En Helletje Henriks. op den Hul. Een armezier is een armverzorger, diaken, blijkbaar een verbastering van aalmoezenier.

 

Oosterwolde (GD) 17-04-1764: Geertruid Kornelis v/d Hul doet belijdenis en wordt ingeschreven als lid van de Gereformeerde Kerk van Oosterwolde.

 

Oosterwolde (GD) 26-04-1767: tr. Gerrit Tijmansz Prins uit Oldebroek wed? onder Doornspijk En Geertruij Knelis van den Hul J.D. van Oosterw. met Attest van K.veen en doornspijk.

 

In de doopaantekeningen zijn de namen als volgt geschreven:

 

06-02-1768: Thiemen, zoon van Gerrit Prins en Geertruid Cornelis van den Hul.

19-03-1769: Hilligjen, dochter van Gerrit Thiemessen Prins en Geertruid Cornelis.

02-06-1771: Thijmen,  zoon van Gerrit Thijmsen Prins en Geertruid Cornelis.

25-04-1773: Eevertje, dochter van Gerrit Thiemessen Prins en Geertruid Cornelissen. [68]

 

Op 24-02-1768 overlijdt een kind van Gerrit Tijmens Prins. Het kind laat zijn vader en moeder na. De kerk berekent voor de begrafenis 1 gulden, 1 stuiver en 8 duiten.

 

Oosterwolde (GD) 24-02-1768: den 24 dito [Feb?] Een kint van Gerrit Prins gestor. Den 27 dito begraven N: V: M: bet 1 - 1 – 8.

 

Het zal gaan om Tijmen Gerrits Prins, ged. 06-02-1768. Kennelijk kreeg Tijmen Gerrits Prins, ged. 02-06-1771, de naam van zijn vooroverleden broer.

 

Gerrit Tijmens Prins was geërfde op de Veluwe. Als landeigenaar in het Richterambt Oldebroek en gekozen vertegenwoordiger mocht hij meewerken aan de rechtspraak. In 1772 is hij in ’t Hooge in het kerspel Oosterwolde onder Doornspijk als geërfde op de Veluwe betrokken bij een geldlening en het stellen van onderpand. [69]

 

Op 02-05-1776 overlijdt Gerrit Tijmens Prins. Hij laat zijn vrouw en zes kinderen na. Gerrit Tijmens Prins is begraven in Oosterwolde (GD), in de kerk. De kerk berekent voor de begrafenis 44 stuiver.

 

Oosterwolde (GD) 02-05-1776: den 2 maij Gerrit Tymens Prins gestorv. den 6 maij begraven, in de Kerk bt: 44 st. nal. 6 kinderen en Hvrouw.

 

 ‘t Hooge onder Doornspijk ca. 1781/1782: De erven van Gerrit Tijmens Prins verdelen de nalatenschap. De bij de verdeling betrokken erven zijn:

 

-Geertruid Cornelis, wed. van Gerrit Tijmens Prins;  

 

-Klaas Wolters als vader en voogd van zijn drie minderjarige kinderen Tijmen, Gerrit en Harmpje uit zijn huwelijk met Elisabeth Gerrits Prins;

 

-Cobus Gerrits en zijn vrouw Geertruid Gerrits;

 

-Geertje Gerrits Prins, dochter uit het tweede huwelijk van Gerrit Tijmens Prins met Aaltje Jansen;

 

-Cobus en Gosen Prins als voogden over Jan Gerrits Prins, minderjarige zoon uit het tweede  huwelijk van Gerrit Tijmens Prins met Aaltje Jansen;

 

-Jan Willems Kragt en Evert Prins als voogden over Tijmen, Hilligje en Evertje Gerrits Prins, kinderen uit het derde huwelijk van Gerrit Tijmens Prins met Geertruid Cornelis.

 

De waarde van de nalatenschap bedraagt 755 gulden. De kindsdelen bedragen 53 gulden.

De verdeling is uitvoerig beschreven. [70]

 

Oosterwolde (GD) 14-03-1787: den 14 maart Geertruij (:of tutte:) gestorven den 17 ditobegraven (:arme:)  bt: 15 stuiver.

 

Is zij Geertruij Knelis van den Hul? In het begraafboek van Oosterwolde (GD) over de jaren 1748 tot 1811 is eenmaal een Geertruij ingeschreven: de voornoemde Geertruij (Tutte). Kennelijk is Tutte een bijnaam.

 

 

Gerrit Tijmens Prins – plaatsbepaling grondbezit

 

Gerrit Tijmens Prins en zijn naaste verwanten hebben in eigendom diverse gras- en zaailanden op het Hoge en op de Streek in het kerspel Oosterwolde onder Doornspijk.

 

Het Hoge is een voor de hand liggende veldnaam in de lage, vaak door overstromingen geteisterde Polder Oosterwolde. Het Hoge was in de achttiende eeuw een heel gangbare naam. Een eeuw later stonden er voldoende huizen om het Hoge een buurtschap te noemen. [71]

 

Zo ook is de Streek in de tweede helft van de achttiende eeuw een heel gangbare naam. Aanvankelijk was het een gebied dat in de Vetkampen, in het Eektermerk lag. In het begin van de negentiende eeuw moet de naam de Streek zijn ingeburgerd als naam van een buurt. [72]

 

een deel van de topografische militaire kaart uit de jaren 1830 tot 1850 waarop is afgebeeld de streek, het gebied 
tussen oosterwolde en oldebroek, tussen de winterdijk en de grote woldweg, waar aalt tijmens prins in de achttiende eeuw land in eigendom had

 

De Streek. Topografische Militaire Kaart (Bonneblad) 1872.

 

een halve mudde op het Hooge, gekocht in 1741

 

Eektermerk in het kerspel Oosterwolde onder Doornspijk 20-03-1741: Barbara Lamberts verkoopt als moeder en wettige voogdes van de vier minderjarige kinderen van haar en Jacob Aaltsen voor 250 gulden aan Gerrit Tiemensen en zijn vrouw Stijntje Gerrits een halve mudde op het Hooge. Deze halve mudde grenst aan (oost en noord) land van mevrouw Coopsen, (zuid) land van Jan Scholten en (west) land van Beert Rijksen. [73]

 

een halve mudde op de Streek, in eigendom in 1742 (1745?, 1763? en 1777?)

  

Eektermerk in het kerspel Oosterwolde onder Doornspijk ..-02-1742: Gerrit Balk en zijn vrouw Beertje Egberts verkopen voor 170 gulden aan Gerrit Tijmens en zijn vrouw Stijntje Gerrits een halve mudde op de Streek. Deze halve mudde grenst aan (oost en noord) land van de heer Filet uit Kampen, (west) land van Stijntje Jans en (zuid) land van de heer Barneveld. [74]

 

Het Hooge in het kerspel Oosterwolde onder Doornspijk 09-04-1745: Jantje Hendriks, wed. van Gerrit Gijsbertsen, leent 600 gulden van Gerrit Hendriksen en zijn vrouw Petertje Helmigs. Zij stelt o.a. tot onderpand 5½ mud bouwland. Dit bouwland grenst aan (oost) land van de pastorie (diaconie) van Oosterwolde, (zuid) land van Hendrikje Diesemers, (west) land van Gerrit Prins en (noord) land van de scholt Potgieter. [75]

 

Zuideinde onder Doornspijk 15-11-1763: Johannes Fiolet mede namens vrouw Cornelia van der Heide en als gevolmachtigde van zijn drie zussen verklaart op 30-09-1763 publiek ten overstaan van het Cellebroederskwartier voor 552 gulden te hebben verkocht een mudde gezaai met zijn huisstede en haartje gelegen op het Zuideinde en het voor 4/6 deel voor 368 gulden over te geven aan Egbert, Jacob, Evert, Tryntje en Jannetje Diesemers. Hieraan grenst (oost) de diaconie van Oosterwolde, (zuid) land van burgemeester Barneveld en land van Gerrit Prins, (west) land van Willem Aartsen en (noord) land van burgemeester Renesse. [76]

 

Zuideinde onder Doornspijk 08-02-1777: Geertruid Cornelis wed. van Gerrit Tijmensen Prins leent 4.300 gulden van oud burgemeester D.C.Tulleken en stelt o.a. tot onderpand een omheind weiland, op de Streek gelegen. Het omheinde weiland grenst (oost en noord) aan land van Renesse, (zuid) aan land van burgemeester Van Oldenbarneveld en (west) land van Jacob Diesemers. [77]

 

De helft van een omheind weiland op de Streek, gekocht in 1747

 

Eektermerk in het kerspel Oosterwolde onder Doornspijk 17-02-1747: Hendrik Harmsen en zijn vrouw Margien Gerrits verkopen voor 50 gulden aan Gerrit Tijmens en zijn vrouw Stijntje Gerrits de helft van omheind weiland, gelegen op de Streek, dat zij samen met Jan Harms in bezit hebben. Dit weiland grenst aan (oost en zuid) land van Jan Wiggers, (west) land van Peele Hendriks en (noord) land van het Feythenhof. [78]

 

land in het Eektermerk ten zuiden van het huis De Haare met de Haaren en houtgewassen gelegen tussen de Grote Woldweg en Kleine Woldweg, in eigendom in 1751 en 1762

 

Eektermerk in het kerspel Oosterwolde onder Doornspijk 05-10-1751 (doorgehaald 01-06-1763): Willem Aartsen en zijn vrouw Teuntje Willems lenen 150 gulden van D.C. Tulleken en zijn vrouw E.M. Wolfsen en stellen tot onderpand hun 2/5 aandeel in de Haare met de houtgewassen in het Eektermerk gelegen. Hieraan grenst (oost) de Kleine Woldweg, (zuid) het land van Gerrit Tijmensen Prins, (west) de Grote Woldweg en (noord) het land van Gosen Lubbertsen (Port). [79]

 

Eektermerk onder Doornspijk 18-08-1762: Willem Aartsen en zijn vrouw Teuntje Willems lenen 150 gulden van oud burgemeester Tulleken. Zij stellen o.a. tot onderpand hun huis in de Haare en de Haaren zelf met de houtgewassen. Hieraan grenst (oost) de Kleine Woldweg, (zuid) land van Gerrit Timensen Prins, (west) de Grote Woldweg en (noord) land van Gosen Lubbertsen (Port). [80]

 

land in het Eektermerk op de Streek ten oosten van land van (in 1761) Jan Eibertsen, in eigendom in 1747 en  1761

 

Noord-Buitendijks in het kerspel Oosterwolde onder Doornspijk 25-03-1747: Jacob Berents verkoopt aan Arend Jacobs en zijn vrouw Hendrikje Egberts voor 100 gulden o.a. 1/3 deel van een mudde op het Zuideinde op de Streek waarvan de rest Jan Lamberts toebehoort. Deze mudde grenst aan (oost) land van Gerrit Prins, (zuid) land van Ant. Barneveld, (west) land van Hendrik Beerts en (noord) land van Jacob Staal. [81]

 

Zuideinde onder Doornspijk  03-05-1754: Arend Jacobsen en zijn vrouw Hendrikje Egberts verkopen voor 101 gulden aan Jan Eibertsen en zijn vrouw Fennigje Gerrits 1/3 deel in een mudde bouwland waarvan 2/3 deel toebehoort aan Jan Lamberts en de minderjarige kinderen van Harmen Berends. Het bouwland is gelegen op de Streek en grenst (oost) aan het land van Gerrit Tijmensen Prins, (zuid) aan het land van burgemeester Barneveld, (west) aan het land van Hendrik Beerts en (noord) aan het land van Beert Teunissen. [82]

 

Zuideinde onder Doornspijk, 23-09-1755: Jan Lambertsen en zijn vrouw Elisabeth Berendsen verkopen voor  100 gulden aan Jan Eibertsen en zijn vrouw Fennigje Gerrits 1/3 deel in een mudde zaailand op de Streek, waarvan kopers al 1/3 toebehoort en het overige toebehoort aan de kinderen van Harmen Berends. Het zaailand grenst (oost) aan het land van Gerrit Tijmensen Prins, (zuid) aan het land van burgemeester Barneveld, (west) aan het land van Hendrik Beertsen en (noord) aan het land van Beert Teunissen. [83]

 

Zuideinde onder Doornspijk 26-04-1761: Berent Harmsen en zijn vrouw Aaltje Jans en Marchje Jans verkopen voor 110 gulden aan Jan Eibertsen en zijn vrouw Fennigje Gerrits 1/3 deel van een mudde op de Streek. Deze mudde grenst (oost) aan land van Gerrit Prins, (zuid) aan land van burgemeester Barneveld, (west) aan land van Hendrik Beerts en (noord) aan land van Beert Teunissen. [84]

 

een omheind weiland in het Eektermerk, op de Streek gelegen, gekocht in 1770

 

Zuideinde onder Doornspijk 21-07-1770: Gerrit Tymonsen Prins en zijn vrouw Geertruid Cornelissen kopen voor 82 gulden van Beeltje Gerrits, wed. van Jan Harmsen, Gerrit Jansen en zijn vrouw Aartje Reiers, Hendrik Hendriksen Posthoorn en zijn vrouw Hendrikje Willems een omheind weiland op de Streek. Dit weiland grenst aan (oost en zuid) de eigenaren van de Stenenkamer, (west) Gerrit Beertsen op t Eekt en (noord) het Feythenhof. [85]

 

een kamp zaailand in het Eektermerk op de Streek, genaamd het Beukenland, in eigendom in 1777

 

Zuideinde onder Doornspijk 08-02-1777: Geertruid Cornelis wed. van Gerrit Tijmensen Prins leent 4.300 gulden van oud burgemeester D.C.Tulleken en stelt o.a. tot onderpand een kamp zaailand op de Streek, genaamd het Beukenland. Het zaailand grenst (oost) aan land van Rein Munnik, (zuid) land van de weduwe van Gerrit Heimens, (west) land van Aart Werners en (noord) land van Jacob Claasse. [86]

 

twee mudde zaailand in het Eektermerk, dicht bij de Gansenberg, genoemd bij verdelen nalatenschap in 1782

 

Oostendorp onder Doornspijk 04-04-1782: Gerbrig Lubberts en zijn vrouw Geertje Gerrits Prins en  Jan Gerritsen Prins verdelen een nog onverdeeld gebleven deel van de nalatenschap van Gerrit Tijmens Prins en Geertje Everts (de richter van Oldebroek heeft zich kennelijk in de naam van de tweede vrouw van Gerrit Tijmens Prins vergist). Aan Jan Gerritsen Prins wordt toebedeeld een mudde zaailand dicht bij de "Gansenberg" naast de hof van Peter van Huiken. Aan Gerbrig Lubberts en Geertje Gerrits Prins wordt toebedeeld een daar eveneens gelegen mudde zaailand, na afsplitsing van een noordelijk deel ter grootte van een mudde. [87]

 

1½ morgen Bongersveen in het Eektermerk in Oldebroek, verkregen in 1773 door Gerrit Tijmens Prins uit de nalatenschap van zijn schoonouders

 

’t Hooge onder Doornspijk 14-04-1773: De erven van Cornelis Egberts en zijn vrouw Hillegje Hendriks, verdelen de nalatenschap die een waarde heeft van 8.175 gulden. Gerrit Tymensen Prins en zijn vrouw Geertruid Cornelis krijgen hiervan 1/7 deel. Het lot bepaalt wie welke goederen krijgt waarna een verrekening plaatsheeft voor over- of onderbedeling. Gerrit Prins krijgt toebedeeld o.a. 1½ morgen Bongersveen in Oldebroek. [88]

 

Mogelijk dezelfde als de 1½ morgen weiland aan de Zwarteweg die schoonzoon Klaas Wolters Smit in 1799 uit de nalatenschap van Gerrit Tijmens Prins verwerft.

 

land op ’t Hooge in het Eektermerk ten westen van land van Gerrit Hendriks,  in eigendom in 1774

 

‘t Hooge onder Doornspijk 24-05-1774: Brand Gerrits en zijn vrouw Jannetje Cornelis en Gerrit Hendriks en zijn vrouw Nelletje Gerrits verdelen diverse onroerende goederen afkomstig uit een nalatenschap. Gerrit Hendriks krijgt toebedeeld drie schepel. Deze drie schepel grenst aan (oost) land van Evertje Cornelis,  (zuid) land van Beert Jacobs, (west) land van Gerrit Tiemens Prins en (noord) land van Brand Gerritsen met het extra beding dat hij geen hout op de Noorderwal mag poten. [89]

 

land op ’t Hooge in het Eektermerk ten westen van zaailand tussen de Klisterije en de Hul van Gerrit Hendriks,  in eigendom in 1776

 

’t Hooge onder Doornspijk 06-09-1776: Brand Gerrits en zijn vrouw Jannigje Cornelis lenen 200 gulden van Mr F.B.Tulleken en zijn vrouw Johanna Charlotta Schrassert en stellen tot onderpand drie schepel zaailand tussen de Clisterye en de Hul. Dit zaailand grenst aan (oost) land van Egbert Jans, (zuid) land van Gerrit Hendriks, (west) land van Geertruid Cornelis, wed. van Gerrit Prins en (noord) land van Jan Hendriksen [90]

 

2½ mudde land, genaamd Broesmansland, verkregen door Gerrit Tijmens Prins in 1773 uit de nalatenschap van zijn schoonouders

 

’t Hooge onder Doornspijk 14-04-1773: De erven van Cornelis Egberts en zijn vrouw Hillegje Hendriks, verdelen de nalatenschap die een waarde heeft van 8.175 gulden. Gerrit Tymensen Prins en zijn vrouw Geertruid Cornelis krijgen hiervan 1/7 deel. Het lot bepaalt wie welke goederen krijgt waarna een verrekening plaatsheeft voor over- of onderbedeling. Gerrit Prins krijgt toebedeeld o.a. 2½  mudde land, genaamd Broesmansland. [91]

 

land in het Lummermerk, vermoedelijk grasland, nabij de Dwarswetering , in eigendom in 1771

 

Lummermerk onder Doornspijk 09-10-1771: Jan Petersen en zijn vrouw Gijsje Hendriks verkopen voor 450 gulden aan Marrigje Hendriks het 1/3 deel van de helft van diverse goederen waaronder zes gresen grasland. Dit grasland grenst aan (oost) land van Hendrik Gerrits, (zuid) land van Gerrit Prins (west) de Dwarswetering en (noord) land van Aalbert Gerrits. [92]

 

vier gresen grasland in het Bolsmerk in de Wenden, verkregen in 1773 door Gerrit Tijmens Prins uit de nalatenschap van zijn schoonouders

 

’t Hooge onder Doornspijk 14-04-1773: De erven van Cornelis Egberts en zijn vrouw Hillegje Hendriks, verdelen de nalatenschap die een waarde heeft van 8.175 gulden. Gerrit Tymensen Prins en zijn vrouw Geertruid Cornelis krijgen hiervan 1/7 deel. Het lot bepaalt wie welke goederen krijgt waarna een verrekening plaatsheeft voor over- of onderbedeling. Gerrit Prins krijgt toebedeeld o.a. 4 gresen in de Wenden. De 1½ morgen Bongersveen in Oldebroek, de 2 ½ mudde Broesmansland en de  4 gresen in de Wenden hebben een totale waarde van 1.050 gulden zodat Gerrit Tijmens Prins voor 117 gulden is overbedeeld. [93]

 

Mogelijk dezelfde als de vier gresen grasland in de Wenden die kleinzoon Gerrit Kobus Prins in 1799 uit de nalatenschap van Gerrit Tijmens Prins verwerft.

 

Niet te plaatsen verwijzingen:

Bolsmerk onder Doornspijk 03-02-1756: Diverse familieleden, erven van Jacob NN, verkopen voor 230 gulden aan Frank Gerritsen en zijn vrouw Stientje Helmigs drie gresen grasland in de Wenden in het Bolsmerk. Dit grasland grenst aan (oost) land van Gerrit Prins, (west) de Kleine Woldweg en (noord) land van de landdrost Hekeren. [94]

                                       

Bolsmerk onder Doornspijk 28-06-1765: Frank Gerrits en zijn vrouw Stijntje Helmigs verkopen voor 250 gulden aan Dries Hendriks en zijn vrouw Fennigje Gerrits drie gresen grasland in de Wenden. Dit grasland grenst aan (oost) land van Gerrit Prins, (west) de Kleine Woldweg en (noord) land van de landdrost Van Heeckeren. [95]

 

Lummermerk onder Doornspijk 17-10-1799: Het is de verjaardag van Gerrit Kobus Prins. Hij is 23 jaar en kan als meerderjarige rechtshandelingen verrichten. Samen met zijn oudoom Klaas Wolters Smit, voorheen getrouwd met Elisabeth Gerrits Prins, verdeelt hij een nog ongedeeld gebleven deel van de onroerende goederen die zijn vader Gerrit Kobus Prins en tante Elisabeth Gerrits Prins van hun vader Gerrit Tijmensen Prins hebben geerfd. Klaas Wolters Smit krijgt toebedeeld 1½ morgen weiland aan de Zwarteweg onder Oldebroek en Gerrit Kobus Prins krijgt 4 gresen grasland in de Wenden dichtbij “Stoltenberg”. [96]

 

 

VIf PETER TIJMENS PRINS (van Vd), ged. Oldebroek 10-09-1719, landbouwersknecht (1748), begr. Kampen 23-02-1773, tr. Kampen (?) ws. na 27-07-1748

 

BERENDJE BERENDS, geb. (?), begr. Kampen 25-09-1760, dochter van Berend … en …

 

Kampen 27-07-1748: Peter Tijmens Prins is knecht bij zijn broer Aalt Tijmens Prins.

 

Kampen 29-04-1758: Peter Tijmens Prins, weidende, ingeschreven in het Burgerboek 1672/1868 van Kampen.

 

Kampen 12-09-1760: Peter Timensen Prins en Berendjen Berends laten hun testamenten maken waaruit o.a. blijkt dat de moeder van Peter Tijmens Prins in leven is: “testator prejudiceerd aan zijn moeder de legitieme portie haar na regten compenterende waarinne hy deselve tot erfgenaam institueerde en verder niet”. [97]

 

Peter Tijmens Prins otr. 08-05-1761, hertr. Kampen (Buitenkerk) 31-05-1761

 

GRIETJE HENDRIKS VAN DER MEULEN, ged. Kampen (Broederkerk) 12-12-1736, begr. Kampen 20-07-1772, dochter van Hendrik Caspersz van der Meulen en Hillegje Helmichs.

 

Uit dit huwelijk zijn geboren:

 

Hilligje Prins, ged. Kampen (Broederkerk) 25-08-1762, naaister (1838, postume vermelding), ovl. Kampen 09-12-1838.

Tijmen Peter (Tijmen Hendrik) Prins, ged. Kampen (Broederkerk) 28-09-1764, volgt VIIs.

Elisabeth Prins, ged. Kampen (Buitenkerk) 25-01-1767, ovl./begr. Kampen 25-02-1767.

Elisabeth Prins, ged. Kampen (Broederkerk) 24-02-1768, volgt VIIt.

Hendrik Prins, ged. Kampen (Broederkerk) 01-08-1770, begr. Kampen (Bovenkerk) 21-12-1779.

 

Hilligje, Tijmen, Elizabeth en Hendrik Prins, kinderen in de leeftijd van één tot negen jaar, zijn na het overlijden van hun ouders opgenomen in het Groot Burger Weeshuis in Kampen.

 

Het is opmerkelijk, met vele ooms en tantes/neven en nichten in Kampen en omgeving, dat de vier kinderen niet in één of meer gezinnen van naaste familie opgroeiden.

 

Kampen (Bovenkerk) 21-12-1779: begr. Hendrik Prins uit Weeshuijs.

 

Kampen vóór 29-09-1781: Hilligje Prins van de Bovenkwartier uit het Weeshuis doet belijdenis en wordt ingeschreven in de Gereformeerde Kerk van Kampen.

 

Kampen 1784: Tijmen Prins van het Cellebroederskwartier uit het weeshuis doet belijdenis.

 

Kampen 1791: Lysebeth Prins van de Bovenkwartier uit het weeshuis doet belijdenis.

 

Kampen 01-05-1800: Hilligje Prins verzoekt Schepenen en Raad van Kampen een recht van het Groot Burger Weeshuis, waarin zij is opgegroeid, te mogen afkopen.

Schepenen en Raad van Kampen stemmen in met dit verzoek.

 

Den 1 Maij 1800.

Op den Requeste van Hilligje Prins, verzoekende vrijheid om het Groot Burger Weeshuis, waarin ze opgevoed is, te mogen afkoopen.

Was geapost: Het verzoek ten requeste gedaan wordt door deezen geaccordeerd.” [98]

 

Kampen ..-03-1806: Hilligje Prins gaat met attestatie over van de Gereformeerde Kerk van Kampen naar Zutphen.

 

Kampen 29-12-1838: Hilligje Prins was naaister in Kampen (postume vermelding). Zij is vermoedelijk ongetrouwd/zonder nakomelingen overleden.

 

Kampen 29-12-1838: De erfgenamen van Hilligje Prins laten de door haar nagelaten boedel inventariseren die zich bevindt in het huis van Sijbrand Hardenberg aan de Buitennieuwstraat in Kampen, wijk IV nr. 217. [99]

Met akte van volmacht.

 

In de doopaantekeningen zijn de namen als volgt geschreven:

 

25-08-1762: Hilligien, dochter van Peter Tijms Prins en Grietien Hendrik van der Mulen.

28-09-1764: Tijmen Hendrik, zoon van Peter Tijmens Prins en Grietien Hendriks van der Meulen.

25-01-1767: Elisabeth, dochter van Peter Prins en Grietien van den Meulen.

24-02-1768: Lisebeth, dochter van Peter Prins en Grietien van der Muelen.

01-08-1770: Hendrik, zoon van Peter Prins en Grietien van der Muelen.

 

 

VIg HENDRIK TIJMENS PRINS (van Vd), ged. Oldebroek 20-07-1721, landbouwer (postume vermeldingen 1837), ovl. vóór 18-01-1812, tr. Oldebroek 28-09-1755

 

GRIETJEN EGBERTS (PRINS), geb. Doornspijk ca. 1720, landbouwster (postume vermeldingen 1837), ovl. Oldebroek 18-01-1812, ovl./begr. Oldebroek 20-01-1812, dochter van Egbert … en …

 

Uit dit huwelijk zijn geboren:

 

Tijmen Hendriks Prins, ged. Oldebroek 01-05-1757, volgt VIIu.

Egbert Hendriks Prins, ged. Oldebroek 15-10-1758, volgt VIIv.

Jan Hendriks Prins, ged. Oldebroek 19-10-1760, volgt VIIw.

Fennetjen Hendriks Prins, ged. Oldebroek 05-09-1762, volgt VIIx.

Elizabeth Hendriks Prins, geb. Oldebroek, ged. Oldebroek 09-11-1766, volgt VIIy.

 

Doornspijk ca. 1720: Vermoedelijk de geboorteplaats van Grietjen Egberts. Haar doop kon niet worden gevonden. Het doopboek van Doornspijk begint in 1732.

 

Oldebroek 20-01-1765: ged. Eodem die 20 [Jan:] Zoon Aalt, zoon van Hendrik Prins En Grietjen Lammerts.  Het patroniem van de vader is niet vermeld. De moeder is kennelijk een ander dan Grietjen Egberts.

 

Oldebroek 03-03-1781: den 3 Mrt is Hendrik Tijmens overleden in De Kerk Wz begraven

 

Niet uitgesloten kan worden dat Hendrik Tijmens dezelfde is als Hendrik Tijmens Prins.

 

Oldebroek 01-05-1784: Maij 1. is Hendrik Prins overleden.

 

Geen verdere gegevens zijn vermeld waardoor niet kan worden vastgesteld of het hier gaat om Hendrik Tijmens Prins of bijvoorbeeld om Hendrik Everts Prins (zie VIa).

 

Oldebroek 19-01-1812: Grietje Prins woont binnen deeze gemeente. Zij is wed. van Hendrik Prins, oud 92 jaar. Zij is ovl. Oldebroek 18-01-1812 in het huis gelegen binnen deeze gemeente. De namen van haar ouders en de plaats waar zij is geboren of gedoopt zijn niet vermeld.

 

Oldebroek 20-01-1812: ovl./begr. 20 - Grietje Prins.

 

In de doopaantekeningen zijn de namen als volgt geschreven:

 

01-05-1757: Timen, zoon van Hendrik Timenzen Prins en Grietjen Egbertzs.

15-10-1758: Egbert, zoon van Hendrik Timenzen Prins en Grietjen Egbertzs.

19-10-1760: Jan, zoon van Hendrik Timenzen Prins en Grietjen Egbertzs.

05-09-1762: Fennetjen, dochter van Hendrik Timenzen Prins en Grietjen Egbertzs.

09-11-1766: Elisabeth, dochter van Hendrik Tijmensen Prins en Grietjen Egberts. [100]

 

 

VIh GOOSSEN TIJMENS (GOOSSEN TIJMENS, GOOSSEN TIMANS, GOOSSEN TIJMANSZ, GOOSSEN TIMENS, GOSEN TIJMENSSEN) PRINS (van Vd), ged. Oldebroek 19-12-1723, landeigenaar (1768-1771), pachtboer (1770), landman (postume vermelding 1830), landbouwer (postume vermelding 1835), ovl. Oldebroek 03-01-1806, tr. Oosterwolde (GD) 04-03-1764

 

EVERTJEN BEERTS (EVERTJE BEERS, EVERTJEN BEERTS) PORT, geb. Oosterwolde, ged. Oosterwolde (GD) 27-01-1737, ovl. 15-02-1769, begr. Oosterwolde (GD) 21-02-1769, dochter van Beert Lubberts Port en Matte Gerrits.

 

Uit dit huwelijk zijn geboren:

 

Martjen Goosen Prins, geb. Oosterwolde, ged. Oldebroek 27-01-1765, volgt VIIz.

Tijmen Goosen Prins, ged. Oldebroek 26-10-1766, ovl. 26-01-1771, begr. Oosterwolde (GD) 30-01-1771.

Lijsbeth Goosen Prins, ged. Oosterwolde (GD) 07-02-1768, ovl. 19-02-1768, begr. Oosterwolde (GD) 23-02-1768.

Evert Goosen Prins, geb. op of kort vóór 15-02-1769, ged. Oosterwolde (GD) 19-02-1769, ovl. vóór 27-06-1769.

 

Oosterwolde (GD) 27-01-1737: den 27 Janr zijn gedoopt twee Meisjes, het Eene van Beert Lubbertsz Pordt, en Matte Gerrits gnt Evertje

 

Oosterwolde (GD) 05-04-1757: Goossen Tijmens Prins doet belijdenis en wordt ingeschreven als lid van de Gereformeerde Kerk van Oosterwolde.

 

Oosterwolde (GD) 04-03-1764: den 4 Maert zijn getrout Goosen Tijmans J.M. uit Oldenbroek met Evertje Beerts j.d. uit Oosterwolde.

 

Oosterwolde (GD) 07-02-1768: ged. Den 7. Febr. Lijsbeth, dogter van goossen Timansz prins, en Evertje Beerts.

 

Op 15-02-1769 overlijdt Evertjen Beerts Port, kort na de geboorte van Evert Goosen Prins.

 

Oosterwolde (GD) 19-02-1769: ged. den 19. Febr: Evert, zoon van Goossen Tym: prins en Evertje Beerts Matre, Paulo p partum mortua.

 

Evertjen Beerts Port is begraven in Oosterwolde (GD). De kerk berekent voor de begrafenis 1 gulden en 9 stuiver.

 

Oosterwolde (GD) 15-02-1769: den 15 februa de vrouw, van Goossen Prins gest. den 21 dito begraven bt 1 - 9 - :

 

In 1769 zijn Martjen Goosen Prins en Tijmen Goosen Prins, vier en twee jaar oud, betrokken bij de verdeling van de nalatenschap van hun opa Beert Lubberts Port, de vader van Evertje Beerts Port.

 

’t Hooge onder Doornspijk 27-06-1769: Goossen Tijmens Prins, als voogd over zijn twee minderjarige kinderen, verdeelt samen met Gerrit Beerts en Lubbigje Gerrits, zijn zwager en schoonzus, de nalatenschap van Beert Lubberts Port, de vader van Evertje Beerts Port. De twee kinderen erven van hun opa drie schepel land bij het huis van W. Heimeriks, een hoekje genaamd hof Druivendaal bij het huis van Nikus Staal en drie morgen weiland in Oldebroek  gelegen tussen het huis van Nikus Staal en het bezit van de wed. van Beert Beertsen. [101]

 

Goossen Tijmens Prins hertr. Oosterwolde (GD) 24-12-1769

 

GRIETJE JANS (VAN DER VEEN), ged. Oosterwolde (GD) 26-12-1751, landvrouw (postume vermelding 1830), landbouwster (postume vermelding 1835), ovl. Oosterwolde (gem. Doornspijk) 07-07-1818, dochter van Jan Gijsberts en Geesje Jans.

                                     

Uit dit huwelijk zijn geboren:

 

Elisabeth Goosen Prins, ged. Oosterwolde (GD) 16-12-1770, volgt VIIaa.

Geesje Goosen Prins, geb. 19-05-1773, ged. Oosterwolde (GD) 23-05-1773, ovl. 06-07-1773, begr. Oosterwolde (GD) 08-07-1773.

Jan Goosen Prins, geb. 15-09-1774, volgt VIIab.

Geesje Goosen Prins, geb. 22-01-1777, ged. Oosterwolde (GD) 26-01-1777, ovl. 08-09-1794, begr. Oosterwolde (GD) 13-09-1794.

Marrigje Goosen Prins, geb. 14-12-1778, volgt VIIac.

Aaltje Goosen Prins, geb. 27-04-1780, volgt VIIad.

Tijmen Goosen Prins, geb. 14-03-1782, ged. Oosterwolde (GD) 17-03-1782, ovl. 30-03-1782, begr. Oosterwolde (GD) 02-04-1782.

Tijmen Goosen Prins, geb. 05-07-1783, ged. Oosterwolde (GD) 13-07-1783, ovl. 10-08-1785, begr. Oosterwolde (GD) 13-08-1785.

Gerrigje Goosen Prins, geb. 24-08-1785, volgt VIIae.

Jannigje Goosen Prins, geb. 17-04-1788, ged. Oosterwolde (GD) 20-04-1788, ovl. 12-05-1788, begr. Oosterwolde (GD) 14-05-1788.

Hendrikje Goosen Prins, geb. 03-10-1789, volgt VIIaf.

 

Oosterwolde (GD) 26-12-1751: ged. den 26 Decbr. Griete kind van Jan gijsbertsz en Geesje Jans.

 

Oosterwolde (GD) 24-12-1769: den 24 dito getrout Goossen Tijmans prins Wed? van Hier en Grietje Jans J D.van de Grafte te Oosterwolde.

 

Goossen Tijmens Prins kreeg uit twee huwelijken vijftien kinderen. Zeven kinderen trouwen later en acht overlijden in hun jeugd. In de aantekeningen van het overlijden en de begrafenis zijn niet altijd de namen van de kinderen genoemd. Deze konden wel worden achterhaald, o.a. door te letten op het vernoemen van een kind naar een vooroverleden broer of zus. [102]

 

Oosterwolde (GD) 30-08-1800: Goossen Tijmens Prins verklaart dat zijn neef Jan Gerritsen Prins, zie VIIp, is ged. Oosterwolde (GD) 02-03-1760.

 

Goossen Tijmens Prins en zijn gezin hebben tijdens hun leven in Oosterwolde enkele stormvloeden meegemaakt waaronder de zware stormvloed van 1776. De stormvloeden zorgden er uiteindelijk voor dat de bewoners van de Polder Oosterwolde geleidelijk naar hogere plaatsen trokken, zoals naar de Zandweg dat na verloop van tijd het karakter kreeg van een klein dorp en als plaatsnaam in gebruik raakte.

 

Na de verplaatsing van de school uit het oorspronkelijke Oosterwolde in 1809, de pastorie in 1834 en de kerk in 1845 verhuisde ook de plaatsnaam Oosterwolde naar de Zandweg. Op een kaart uit 1868 uit de Gemeente-Atlas staat nog Zandweg bij het tegenwoordige Oosterwolde. Op de plaats van het huidige Kerkdorp staat nog de naam Oosterwolde met de toevoeging Oude kerk van Oosterwolde gesloopt. [103]

 

De begraafplaats van het oorspronkelijke Oosterwolde, nu dus in het gehucht Kerkdorp, is niet meer dan een kleine met gras bedekte terp waarop schapen worden geweid en enkele oude zerken liggen.

 

De kerkbestuurders van de Gereformeerde Kerk van Oosterwolde geven in 1835 aan dat er een grote behoefte is aan een nieuwe begraafplaats.

 

Oosterwolde (GD) 02-02-1835: “De begraafplaats van Oosterwolde is zeer gebrekkig en is zoo bekrompen dat men niet zelden de lijken voordat die geheel vergaan zijn moet opgraven om voor anderen plaats te maken. De situatie is verre beneden de actuele beschaving en is te wijten aan gehechtheid aan het oud. Er zijn ook klachten over stank en lijkenlucht in de kerk op warme zomerdagen.” [104]

 

 

een foto uit 2013 van de voormalige begraafplaats van oosterwolde, gelderland, nu kerkdorp, op de plaats waar 
de kerk van oosterwolde heeft gestaan die in 1845 is afgebroken, waar in 1756 aalt tijmens prins is getrouwd

 

 

een foto uit 2013 van de voormalige begraafplaats van oosterwolde, gelderland, nu kerkdorp, op de plaats waar de 
kerk van oosterwolde heeft gestaan die in 1845 is afgebroken, waar in 1756 aalt tijmens prins is getrouwd

 

 

een foto uit 2013 gemaakt op de voormalige begraafplaats van oosterwolde, gelderland, nu kerkdorp, op de plaats 
waar de kerk van oosterwolde heeft gestaan die in 1845 is afgebroken, waar in 1756 aalt tijmens prins is getrouwd

 

 

een foto uit 2013 van een grafsteen op de voormalige begraafplaats van oosterwolde, gelderland, nu kerkdorp, op 
de plaats waar de kerk van oosterwolde heeft gestaan die in 1845 is afgebroken, waar in 1756 aalt tijmens prins is getrouwd

 

Foto’s. Begraafplaats in Oosterwolde (GD), nu Kerkdorp, 25-12-2013.

 

Goossen Tijmens Prins is pachtboer op het erf De Klisterije in ’t Hooge, in het kerspel Oosterwolde onder Doornspijk, vermeld in 1770.

 

’t Hooge onder Doornspijk 12-02-1770: Goossen Tijmens Prins pacht het erf De Klisterije in ’t Hooge, eigendom van Meinard Joachim Buschma. Ds. Arnout Duurcant laat, als boedelhouder van wijlen zijn vrouw Antonia Judith Wolfsen en erfgenaam van haar moeder, beslag leggen op dit erf en andere goederen van Meinard Joachim Buschma, die verzuimde de pachten en opbrengsten van de goederen aan de boedel af te dragen. Dit door my Peter Tymensen als onderscholt gedaan. [105]

 

Oldebroek 03-01-1806: ovl. Goossen Tymensz Prins 80 J.

 

BS Doornspijk 08-07-1818: Grietje van der Veen, wed. van Goossen Prins, woont in Oosterwolde (GD). Grietje van de Veen is geboren te Oosterwolde den zesentwintigsten December 1700 een en vyftig en aldaar woonachtig. Zij is ovl. Oosterwolde (gem. Doornspijk) 07-07-1818 te Oosterwolde … in het huis No. 49.

 

BS Oldebroek 20-02-1828: In een bijlage van de akte van het huwelijk van Dries Prins en Wilhelmina van der Maaten staat dat in den ouderdom van Tachtig jarenGoossen Tijmens Prins, Echtgenoot van Grietje van Veen is ovl. Oldebroek 06-01-1806.

 

BS Oldebroek 16-04-1831: In een bijlage van de akte van het huwelijk van Dries Prins en Batje van der Maaten staat dat op 03-01-1806 in Oldebroek is ovl. Goossen Prins, 80 jaar, echtgenoot van Grietje van der Veen.

 

BS Oldebroek 25-04-1835: In een bijlage van de akte van het huwelijk van Dries Prins en Aaltje van der Maaten staat dat op 31-10-1806 in Oldebroek is begr. Goossen Hendriks. Vermoedelijk heeft de ambtenaar van de burgerlijke stand van Oldebroek deze Goossen Hendriks aangezien voor Goossen Tijmens Prins, de grootvader van de bruidegom.

 

Goossen Tijmens Prins – plaatsbepaling grondbezit

 

Goossen Tijmens Prins en zijn naaste verwanten hebben in eigendom diverse gras- en zaailanden in het kerspel Oosterwolde onder Doornspijk:

 

3 schepel zaailand in het Eektermerk in ’t Hooge, in eigendom in 1768, verkocht in 1771

 

’t Hooge onder Doornspijk 10-06-1768: Goossen Tijmens Prins en zijn vrouw Evertje Beers lenen van Hendrikje Reiers 200 gulden en stellen tot onderpand drie schepel land in ’t Hooge. Dit land grenst (noord) aan land van Maay Wynne en (zuid) aan land van de armen van Oosterwolde. [106]

 

’t Hooge onder Doornspijk 03-07-1771: Goossen Tijmens Prins en zijn vrouw Grietje Jans verkopen voor 300 gulden aan Jan Berentsen en Evertje Hendriks Posthoorn drie schepel zaailand in ’t Hooge. Dit zaailand grenst aan (oost) de Kleine Woldweg, (zuid) land van de armen van Oosterwolde, (noord) land van de wed A.Wynne en (west) land van de wed. van Hendrik Gysberts. Het gaat om het zaailand dat Goossen Tijmens Prins drie jaar eerder tot onderpand stelde voor een lening. [107]

 

een schepel land in het Eektermerk in ’t Hooge, westelijk van het Klinkerwegje, verkocht in 1771

 

’t Hooge onder Doornspijk 08-11-1771: Goossen Tijmens Prins verkoopt voor 100 gulden aan Mr. J. Buschman en zijn vrouw J. Sels een schepel land dat grenst (oost en noord) aan land van Gysbert Hendriks, (zuid) land van Goossen Tijmens Prins en (west) het Klinkerwegje. [108]

 

een plaatsje in het Eektermerk in ’t Hooge

 

’t Hooge onder Doornspijk 16-04-1803: Goossen Tijmens Prins heeft jaren geleden een plaatsje in ’t Hooge verkocht aan Mr. J. Buschman en/of diens weduwe waarna hij het gebruik van dit plaatsje als pachter voortzette. Goossen Tijmens Prins betaalde de pacht niet over vele jaren. Door wanbetaling is de pachtovereenkomst ontbonden. J.C. Sels, de wed.van Buschman, verkoopt dit plaatsje op 16-04-1803 aan Egbert Gerrits Roes en zijn vrouw Jantje Harms. [109]

 

In de doopaantekeningen zijn de namen als volgt geschreven:

 

16-12-1770: Lijsbeth, dochter van goossen Timansz prins en Grietje Jans.

23-05-1773: Geesje, dochter van Goossen Tijmens Prins en Grietje Jans.

18-09-1774: Jan, zoon van Goossen Tijmensz. Prins en Grietje Jans.

26-01-1777: Geesje, dochter van Goossen Tijmensz Prins en Grietje Jans.

20-12-1778: Marigje, dochter van Goossen Tijmensz. Prins en Grietje Jans.

30-04-1780: Aaltje, dochter van Goossen Tijmensz. Prins en Grietje Jans.

17-03-1782: Tijmen, zoon van Goossen Tijmens Prins en Grietje Jans.

13-07-1783: Tijmen, zoon van Goossen T: Prins en Grietje Jans.

28-08-1785: Gergjen, dochter van Goossen Tijmensz. Prins en Grietje Jans.

20-04-1788: Jannigjen, dochter van Goossen Tijmensz Prins en Grietj[] Jans.

04-10-1789: Hendrikje, dochter van Gooszen Timens Prins en Grietje Jans. [110]

 

 

VIi HARMEN TIJMENS PRINS (van Vd), ged. Oldebroek 01-09-1726, veehouder (1755), begr. Kampen 06-09-1779, otr. 30-04-1751, tr. Kampen (Buitenkerk) 20-05-1751

 

JANNIGJE VRIESE, ged. Kampen (Buitenkerk) 22-09-1726, begr. Kampen 29-08-1769, dochter van Hendrik Woltersen Vriese en Harmina Gerrits.

 

Uit dit huwelijk zijn geboren:

 

Tiemen Hendrik Prins, ged. Kampen (Broederkerk) 25-12-1751, ovl. vóór 30-04-1755.

Hendrikje Prins, ged. Kampen (Broederkerk) 11-04-1753, volgt VIIag.

Elisabed Prins, ged. Kampen (Bovenkerk) 26-05-1754, ovl. vóór 22-09-1756.

Tiemen Hendrik Prins, ged. Kampen (Broederkerk) 23-07-1755, ovl. vóór 27-02-1763.

Elisabeth Prins, ged. Kampen (Broederkerk) 22-09-1756, volgt VIIah.

Hermina Prins, ged. Kampen (Bovenkerk) 27-11-1757, volgt VIIai.

Maria Prins, ged. Kampen (Bovenkerk) 09-09-1759, ovl. vóór 12-10-1760.

Maria Prins, ged. Kampen (Broederkerk) 12-10-1760, ovl. vóór 27-12-1761.

Maria Prins, ged. Kampen (Bovenkerk) 27-12-1761, volgt VIIaj.

Tijmen Hendrik Prins, ged. Kampen (Bovenkerk) 27-02-1763, ovl. (?).

Hendrik Wolter Prins, ged. Kampen (Bovenkerk) 07-10-1764, ovl. vóór 01-12-1765.

Hendrik Prins, ged. Kampen (Bovenkerk) 01-12-1765, ovl. vóór 11-01-1767.

Hendrik Wolter Prins, ged. Kampen (Bovenkerk) 11-01-1767, ovl. tussen 24-04-1768 en 05-05-1774.

Evert Prins, ged. Kampen (Bovenkerk) 24-04-1768, ovl. vóór 05-05-1774.

 

Kampen (Buitenkerk) 22-09-1726: Hendrik Woltersen Vriese en Harmina Gerrits laten hun beide dochters Jannegien en Maria (tweeling) dopen.

 

Kampen vóór Pasen 1751: Harmen Teunissen Prins doet belijdenis en wordt ingeschreven als lid van de Gereformeerde Kerk van Kampen, wijk: Buitenkwartier.

                                               

Kampen 30-04-1755: Harmen Tijmens Prins, weidende, en zijn dochtertje Hendrikje, oud 2 jaar worden ingeschreven in het Burgerboek 1672/1868 van Kampen:

 

Harmen Timens Prins uit het Oldebroek, weidende, getrout aan een grootburgersdochter neffens desselfs dochtertien Henderkien Harms Prins, oud 2 jaar.

 

Zijn zoon Timen Hendrik ged. 25-12-1751 wordt niet genoemd waardoor wij weten dat Timen Hendrik is ovl. vóór 30-04-1755.

 

Kampen 25-08-1758: Harmen Tijmens Prins betaalt de 50e penning over een huis, erve en where op den hoek van den Oudenstraat, bij den Bovenkerk, op 18-07-1758 gekocht van Anthonie van den Heuvel.

 

Harmen Tijmens Prins en Jannigje Vriese stellen hun huis op de hoek van de Oudestraat bij de Bovenkerk en een turfdragersplaats als onderpand voor het lenen van diverse sommen geld. Zo lenen zij 600 gulden van mevrouw E.M. Beck-Vestrick. Harmen Tijmens Prins leent 400 gulden van zijn neef Beert Evert Prins. Van zijn broer Aalt Tijmens Prins leent hij 600 gulden. In deze lening zijn verrekend eerdere geldleningen en vergoedingen voor geleverd pluimvee en varkensvlees.

 

Kampen 13-06-1765: Herman Prins en zijn vrouw Jannegje Vriese verklaren schuldig te zijn aan E. M. Vestrinck, wed. van W. Beck, een bedrag van 600 Carolus guldens tegen een rente van 3½ procent per jaar. Als speciaal onderpand stellen zij hun eigen huis, erf en where op de hoek van de Oudestraat bij de Bovenkerk en hun turfdragersplaats in Kampen. Op 10-10-1770 wordt de turfdragersplaats uit het verband ontslagen. Op 12-12-1781 is alles afbetaald. [111]

 

Kampen 09-08-1771: Harmen Prins, wedn. van Jannegie Vriese, verklaart schuldig te zijn aan Beert Evert Prins een bedrag van 400 Carolus guldens tegen een rente van 3 procent per jaar. Als speciaal onderpand stelt hij zijn huis, erf en where op de hoek van de Oudestraat bij de Bovenkerk in Kampen, waar nog een verplichting op rust en zijn turfdragersplaats in Kampen. [112]

 

Kampen 14-02-1772: Harmen Prins verklaart wegens vogelgeld, varkens- en ander geleend geld, schuldig te zijn aan Aalt Timensen Prins een bedrag van 600 Carolus guldens tegen een rente van 3 procent per jaar. Als speciaal onderpand geldt zijn eigen huis, erf en where op de hoek van de Oudestraat bij de Bovenkerk en zijn turfdragersplaats in Kampen, beide nog bezwaard. [113]

 

Kampen 06-09-1766: Harmen Tijmens Prins betaalt de 50e penning over een hof in de Heilensteeg gekocht van Dirk van Dijk.

 

Kampen 07-10-1769: Harmen Tijmens Prins betaalt de 50e penning over een stal tegen de stadsmuur bij de Korenmarkt gekocht van Jan Bantjes.

 

Kampen 05-05-1774: Tot voogden over de kinderen van Harmen Tijmens Prins en Jannigje Vriese,  genaamd Elisabeth, Harmyna, Maria en Timen Hendrik, worden benoemd Aalt Tijmens Prins, hun oom, en Hendrik van Eem. [114]

 

Na het overlijden van Jannigje Vriese en in verband met zijn tweede huwelijk reserveert Harmen Tijmens Prins 100 gulden voor zijn vier minderjarige kinderen Elisabeth, Hermina, Maria en Timen wegens het erfdeel van hun moeder. Dit wijst er niet op dat het gezin van Harmen Tijmens Prins in behoeftige omstandigheden verkeerde.

 

Kampen 05-05-1774: Harmen Prins, wedn. van Jannegie Vriese, verklaart voor zijn minderjarige kinderen Elisabeth, Hermina, Maria en Timen als moeders erfdeel te hebben gereserveerd een bedrag van 100 Carolus guldens en de kleding, waarmee de voogden, Aalt Timen Prins en Hendrik van Eem, instemmen. [115]

 

Harmen Tijmens Prins otr. Kampen 27-04-1774, hertr. Kampen 22-05-1774

 

HENDRIKJE VAN EEM, ged. Kampen (Bovenkerk) 01-02-1750, ovl. Kampen 02-08-1833, dochter van Arent van Eem en Aaltjen Nieuwemeijer.

 

Uit dit huwelijk zijn geboren:

 

Alida Prins, ged. Kampen (Bovenkerk) 06-11-1774, volgt VIIak.

Jannegien Prins, ged. Kampen (Bovenkerk) 03-11-1776, volgt VIIam.

 

Kampen 22-05-1774: Harmen Tijmens Prins is weduwnaar van Kampen. Hendrikje van Eem is jonge dochter van Kampen.

 

Harmen Tijmens Prins overlijdt begin september 1779 en laat schulden na. Twee curatoren worden aangesteld om de failliete boedel af te wikkelen.

 

Kampen 14-02-1780: J.R. van Eem, curator van de failliete boedel van wijlen H. Prins, verzoekt Schepenen en Raad van Kampen tot mede curator aan te stellen Jan van der Sluis in de plaats van wijlen burgemeester Van Ingen.

Schepenen en Raad van Kampen stemmen in met in dit verzoek.

 

“Den 14 Februarij 1780.

Op den Requeste van J.R. van Eem, verzoekende, dat, in plaats van wijlen den Hr. Burg(emeester) van Ingen, nevens hem, tot mede Curator, in den insolventen boedel van wijlen H. Prins, mogte worden geauthorizeerd de perzoon van Jan van der Sluis.

Was geapost: De perzoon van Jan van der Sluis word mits deezen geauthorizeerd ten fine als bij Requeste gemeld.” [116]

 

Kampen 26-02-1780: J.R. van Eem en J. van der Sluis, curatoren van de failliete boedel van wijlen Hermen Prins, verzoeken Schepenen en Raad van Kampen toestemming de onroerende goederen te verkopen, bestaande uit een huis in het Bovenkwartier en een tuin in de Heilige Steeg.

Schepenen en Raad van Kampen stemmen in met dit verzoek.

 

Den 26 Februarij 1780.

Op den Requeste van J.R. van Eem en J. van der Sluis, als aangestelde Curateuren in den insolventen boedel van wijlen Hermen Prins versoekende auctorisatie tot de verkopinge der ongerede goederen in dier boedel bestaande in een huis in ’t Bovenquartier en een tuin in de Heilige Steeg, en sulks ten overstaan van de Heeren Hoofdlieden.

Was geapost: Het versoek ten Requeste gedaan word mids dezen geaccordeert, en worden de Requestranten geauthoriseert ten fine als daar bij versogt.” [117]

 

Kampen 09-11-1780: Claas Visscher Moulin, een openbare verkoper, verzoekt Schepenen en Raad van Kampen hem het recht te geven goederen van Hendrik van Eem, die op 09-11-1779 op een veiling voor 66 gulden hooi kocht uit de boedel van wijlen Heimen Prins, te verkopen.

Schepenen en Raad van Kampen stemmen in met dit verzoek onder de voorwaarde dat Hendrik van Eem nog veertien dagen krijgt om de vordering te voldoen.

 

“Den 9 November 1780.

Op den Requeste van Claas Visscher Moulin administrerende de Venduen dezer Stad te kennen gevende dat door Hendrik van Eem op den 8sten November 1779 in de boedel van wijlen Heimen Prins bij vendue gekogt is een parthij hooij ten somma van f.66 - : - en daarvan niet tegenstaande menigvuldige aanmaaninge geen betaling heeft kunnen erlangen verzoekende dierhalven dat Hun W.Ed.H.Achtb. hem Suppliant gelieve te verlenen de parate executie tot bekominge van bovengemelde praetensie.

Was geapost: Wanneer de beklaagde in voorgegane aanschouwing, binnen den tijd van veertien dagen, de ten Requeste gementioneerde somma niet zal hebben voldaan, word aan den Suppliant de parate executie tegens denzelven geaccordeerd.” [118]

 

Kampen 07-03-1794: Hendrikje van Eem, de wed.e van Hermen Prins, betaalt de 50e penning over een huis in de Geertstraat, z.z. het tweede van de Oudestraat, gekocht van haar moeder, de wed. Arend van Eem, in publieke verkoping.

 

Kampen 09-04-1795: Hendrikje van Eem, weduwe van Hermen Prins, verzoekt Schepenen en Raad van Kampen haar beide dochters van 20 en 18 meerderjarig te verklaren.

Schepenen en Raad van Kampen stemmen in met dit verzoek.

 

“Den 9 April 1795.

Op den Requeste van Hendrikje van Eem, wede Hermen Prins, verzoekende om redenen ten Requeste geallegeerd dat haar beide dochters de een oud 20, en de ander oud 18 jaren mogen worden mondig verklaard.

Was geapost: Op het Rapport van de Hoofdlieden van het Bovenquartier wordt het verzoek ten Requeste gedaan geaccordeerd, en dien ten gevolgen aan de gelibelleerde kinderen de verzogte Venia aetatis verleend ten fine en effecte als naar Rechten.” [119]

 

BS Kampen 03-08-1833: Hendrika van Eem woont te Kampen. Zij is oud drie en tachtig en een half jaar laatst weduwe van Johannes Pruim. Zij is ovl. Kampen 02-08-1833 in het huis staande op de burgwal No. 201 W.1.

 

In de doopaantekeningen zijn de namen als volgt geschreven:

 

25-12-1751: Tiemen Hendrik, zoon van Hermen Tiemensen Prins en Jannegjen Vriese.

11-04-1753: Hermen, zoon van Hermen Prins en Jannegje Vriese.

26-05-1754: Elisabed, dochter van Hermen Prins en Jannegjen Vriese.

23-07-1755: Tiemen Hendrik, zoon van Hermen Prins en Jannegin Vriese.

22-09-1756: Eliesabeth, dochter van Hermen Prins en Jannegien Vrese.

27-11-1757: Harmijna, dochter van Hermen Prins en Janegin Vreese.

09-09-1759: Maria, dochter van Hermen Prins en Jannegien Vrese.

12-10-1760: Maria, dochter van Harmen Prins en Jannegien Vrese.

27-12-1761: Maria, dochter van Hermen Prins en Jannegien Vreese.

27-02-1763: Tiemmen Hendrik, zoon van Hermen Timmensen Prins en Jannegien Vriese.

07-10-1764: Hendrik Wolter, zoon van Hermen Prins en Jannegien Vriese.

01-12-1765: Hendrik, zoon van Hermen Prins en Jannegien Vriese.

11-01-1767: Hendrik Wolter, zoon van Hermen Prins en Jannegien Vrese.

24-04-1768: Evert, zoon van Hermen Prins en Jannegien Vriese.

06-11-1774: Alida, dochter van Hermen Prins en Hendrikjen van Eem.

03-11-1776: Jannegien, dochter van Harmen Prins en Hendrikien van Eem.

 

 

VIj GEERTJEN TIJMENS (GEERTJEN THEUNIS, GEERTJEN THYMENS) PRINS (van Vd), ged. Oldebroek 28-08-1729, ovl. Oldebroek 05-09-1803, tr. Oldebroek 30-07-1763

 

GERRIT GOOSSENS BRUMMEL, ged. Oldebroek 10-10-1728, ovl. vóór 27-02-1785, zoon van Goossen Hendriks Brummel en Grietjen Reijers.

 

Uit dit huwelijk zijn geboren:

 

Grietjen Gerrits, ged. Oldebroek 20-05-1764.

Elisabeth Gerrits, ged. Oldebroek 06-04-1766, zie VIIu.

Goossen Gerrits, ged. Oldebroek 24-01-1768.

Goosen Gerrits Brummel, geb. 03-05-1772, ged. Oldebroek 10-05-1772.

 

Oldebroek 10-10-1728: ged. Gerrit, zoon van Gozen Henrikz op Mulligen en Grietjen Reijerz.

 

Oldebroek 19-04-1754: Geertje Tijmens Prins doet belijdenis en wordt ingeschreven als lid van de Gereformeerde Kerk van Oldebroek.

 

Oldebroek ..-06-1754: Geertje Tijmens Prins gaat met attestatie over naar de Gereformeerde Kerk van Kampereiland.

 

Gerrit Goossens Brummel tr. Oldebroek 05-02-1762 Aaltjen Beerts. Aaltjen Beerts is ovl. vóór 30-07-1763.

 

Oldebroek 30-07-1763: Gerrit Goossens tr. Geertjen Theunis.

 

Geertje Tijmens Prins is getuige bij de doop van kinderen van haar zus en van haar broer:

 

Oldebroek 04-10-1772: Geertje Timens is getuige bij de doop van haar neef Timen, zoon van Marrichje Timens en Hendrik Janszen, zie VIo.

 

Oldebroek 14-04-1776: Geertje Timens Prins is getuige bij de doop van haar nicht Elisabet, dochter van Dries Timensz. Prins en Lutgaartje Everts, zie VIm.

 

Oldebroek 04-10-1781: den 4 Octob: is Gerrit Gosens overleden in de Kerk in de gang begraven.

 

Gaat het hier om Gerrit Goossens, getrouwd met Geertjen Tijmens Prins?

 

Gerrit Goossens, getrouwd met Geertjen Tijmens Prins, was in Oldebroek een tijdgenoot van Gerrit Goossens, getrouwd Oldebroek 29-05-1748 met Geertjen Jans Groen.

 

Geertjen Tijmens Prins hertr. Oldebroek 27-02-1785

 

ROELOF FRANKS VAN DER MATEN, geb. ca. 1737, bouwman (1817), ovl. Oldebroek 08-12-1817, zoon van Frank … en …, wedn. van Bartje Franksen.

 

Geertjen Tijmens Prins woont in Mulligen, Oldebroek (1785). Roelof Franks van der Maten woont in Oldebroek (1785).

 

Oldebroek 27-02-1785: 1785 ingeschreven den 5 Febr: Roelef Frankszen, wed? te Oldebroek en Geertjen Timens wed? te Mulgen op den 27 Febr: Zijn deeze na drie voorg. Zond: Proclamatien te Oldebroek in den Echt bevestigd.

 

Oldebroek 18-02-1763: Roelof Franks tr. Bartje Franksen.

 

Oldebroek 22-07-1784: Juli 22 is de vrouw van Roelef Franks overleden in de Kerk voor de preekstoel begraven.

 

Oosterwolde (GD) 30-08-1800: Geertjen Tijmens Prins verklaart dat haar neef Jan Gerritsen Prins, zie VIIp, is ged. Oosterwolde (GD) 02-03-1760.

 

Oldebroek 05-06-1802:

 

Compareerden voor W.J. Spronk en H. Woltersze commissarissen van huwelijkszaaken en voor Jacob de Hen secretaris te Oldebroek.

 

1802; 5 junij
Bruidegom; Gooszen Gerritsz, j.m. geboren te Oldebroek en woonachtig onder Heerde geboren den 3 maij 1772.
Bruid; Marretje Gerrits, j.d. geboren en woonende te Oldebroek geboren 27 september 1773.
Getuigen; Geertje Tijmens Prins moeder van de bruidegom en Fennetjen Dirks moeder van de bruid.
1ste gebod; 6 junij
2de gebod; 13 dito
3de gebod; 20 dito
Solemnisatie; op den 27 junij 1802 te Oldebroek kerkelijk voltrokken.
[120]

 

Oldebroek 05-09-1803: ovl. 5 Sept Geertje tijmenszen, H. v. Roelof Franksz.

 

BS Oldebroek 09-12-1817: Roelof Franksz van der Maten is ovl. Oldebroek 08-12-1817 in het huis No 100 binnen deze Gemeente. Hij is wedn. van geertje Tijmensz, bouwman, oud 80 jaar. De ouders en geboorteplaats zijn niet vermeld.

 

In de doopaantekeningen zijn de namen als volgt geschreven:

 

20-05-1764: Grietjen, dochter van Gerrit Goossens en Geertjen Timens.

06-04-1766: Elisabeth, dochter van Gerrit Goossens en Geertjen Tiemens.

24-01-1768: Goossen, zoon van Gerrit Goosses en Geertjen Tijmens.

10-05-1772: Goossen, zoon van Gerrit Goosses en Geertjen Timens.

 

 

VIk EVERT TIJMENS PRINS (van Vd), geb. Oldebroek 27-11-1734, ged. Oldebroek 28-11-1734, boer (1812), bouwman (1817), grondeigenaar en landbouwer (1820), rentenier (1821), landbouwer (postume vermelding 1828), dedingsman (huwelijksvriend …., tussen 1776 en 1784, magescheidsvriend …., tussen 1807 en 1811), geërfde op de Veluwe (…., tussen 1796 en 1803), ovl. Oldebroek 11-03-1821, tr. Oldebroek 23-03-1768

 

BEERTJEN (BEERTJE) ANDRIES, ged. Oldebroek 26-02-1730, landbouwster (postume vermelding 1828), zonder beroep (postume vermelding 1828), ovl. Oldebroek 06-09-1785, dochter van Andries Gerritsen en Hendrikjen Hendriks, wed. van Willem Harmensz.

 

Uit dit huwelijk zijn geboren:

 

Tijmen Everts Prins, geb. Oldebroek 14-07-1768, volgt VIIan.

Hendrikjen Everts Prins, geb. 09-05-1772, ged. Oldebroek 10-05-1772.

 

Oldebroek 26-02-1730: ged. Beertjen, dochter van Andries Gerritsen en Hendrikjen Henrikz.

 

Beertjen Andries tr. Oldebroek 20-04-1755 Willem Harmensz. Willem Harmensz is ged. Kamperveen 14-04-1726, ovl. Kamperveen ..-12-1760, zoon van Herman Willems en Marrigje Elis.

 

Oldebroek 15-04-1780: i>Evert Timens Prins doet belijdenis en wordt ingeschreven als lid van de Gereformeerde Kerk van Oldebroek.

 

Oldebroek 06-09-1785: Sept: 6 is de Vrouw van Evert Tijmens prins overleden, en in de Kerk begraven.

 

Evert Tijmens Prins hertr. Oldebroek 19-10-1788

 

FENNIGJE (FENNETJE) JANS, geb. Oldebroek, ged. Oldebroek 18-03-1744, ovl. Oldebroek 20-04-1822, dochter van Jan Hermens en Jannigje Roelofs.

 

Oldebroek 18-03-1744: ged. Fennetjen, dochter van Jan Harmzen en Jannetjen Roelefzs.

 

Evert Tijmens Prins en Fennigje Jans wonen in Oldebroek (1788).

 

Oldebroek 19-10-1788: 1788. den 27 Septemb ingeschreven Evert Tijmensz Prins wed? van en te Oldebroek en Fennetje Jans J.D: van en te Oldebroek Na drie Zond. Proclamatien Zijn deeze opden 19? Octob bevestigt te Oldebroek.

 

Evert Tijmens Prins is dedingsman in het Richterambt Oldebroek, een functionaris in de vrijwillige rechtspraak. Hij treedt  op als huwelijksvriend bij het vastleggen van huwelijksvoorwaarden of als magescheidsvriend bij het vastleggen van een boedelscheiding. [121]

 

Evert Tijmens Prins is ook geërfde op de Veluwe. Als landeigenaar in het Richterambt Oldebroek en gekozen vertegenwoordiger mocht hij meewerken bij de rechtspraak. In … is hij in … in het kerspel Oosterwolde onder Doornspijk als geërfde op de Veluwe betrokken bij … (driemaal). [122]

Oldebroek 1812: Evert Tijmens Prins, geb. 27-11-1734, boer, woont in Oldebroek, zo blijkt uit het Registre Civique, een bevolkingsadministratie aan het einde van de Franse tijd. [123]

 

BS Oldebroek 08-01-1817: Evert Tymens Prins is in deze Gemeente woonachtig. Hij is bouwman. Hij doet aangifte van het overlijden van Hendrik Aaltszen.

 

BS Oldebroek 23-01-1817: Evert Tijmens Prins is in deze Gemeente woonachtig. Hij is bouwman. Hij doet aangifte van het overlijden van Harmen Aaltszen.

 

Oldebroek 1818: De gemeente Oldebroek heeft Evert Tijmens Prins ingedeeld in het Eekter rot, het rot van rotmeester Jan Hendriks de Groot. [124]

 

BS Oldebroek 28-04-1820: In een akte van bekendheid van 27-03-1820 staat dat Evert Prins grondeigenaar en landbouwer is, wonende te Oldebroek.

 

BS Oldebroek 12-03-1821: Evert Tijmens Prins is ovl. Oldebroek 11-03-1821 in het huis No. 57 binnen deze Gemeente. Hij is Ruim zesentachtig JarenRentenier, zoon van Tymen Prins en Elijzebet Aalts Echtgenoot van Fennigje Jans nalatende Een zoon de overledene met de nageblevene Echtgenoote hebben gewoond in gemelde sterfhuis; te Oldebroek geboren.

 

BS Oldebroek 20-04-1822: Fennigje Jans is ovl. Oldebroek 20-04-1822 in het huis No. 57 … binnen deze gemeente. Zij is Achtenseventig Jaren … weduwe van Evert Prins Dochter van Jan Hermens en Jennigje Roelofs Geboren te Oldebroek. Fennigje Jans is ovl. op heden den twintigsten dezer des morgens vier uren zijnde zaterdag in het huis No. 57 Kinderloos nalatende eene Neef de overledene woonde in gemelde sterfhuis binnen deze gemeente.

 

In de doopaantekeningen zijn de namen als volgt geschreven:

 

17-07-1768: Tijmen, zoon van Evert Tijmenz. Prins en Beertjen Andries.

10-05-1772: Hendrikje, dochter van Evert Timenz en Beertje Andriesz. [125]

 

 

VIm DRIES TIJMENS PRINS (van Vd), ged. Oldebroek 05-01-1738, ovl. Oldebroek 05-03-1799, tr. Oldebroek 01-07-1770

 

LUTGERTJE EVERTS (LUTGERTJEN EVERTS, LUTJEN EVERTS, LUTGAARTJE EVERTS), ged. Oldebroek 01-01-1740, ovl. Oldebroek 01-07-1808, begr. Oldebroek 04-07-1808, dochter van Evert Evertzen en Weijmtjen Gerritz.

                                                                                                                                                 

Uit dit huwelijk zijn geboren:

 

Tijmen Dries Prins, ged. Oldebroek 09-09-1770, ovl. vóór 06-09-1772.

Tijmen Dries Prins, geb. 04-09-1772, ged. Oldebroek 06-09-1772.

Weimtje Dries Prins, geb. Oldebroek 04-10-1774, volgt VIIao.

Elisabet Dries Prins, geb. 12-04-1776, ged. Oldebroek 14-04-1776.

Neeltje Dries Prins, geb. 08-03-1779, ged. Oldebroek 14-03-1779.

Evert Dries Prins, geb. 06-04-1781, ged. Oldebroek 08-04-1781.

 

Oldebroek 01-01-1740: ged. Lutjen, dochter van Evert Evertzen en Weijmtjen Gerritz.

 

Oldebroek 20-03-1766: Dries Tijmens Prins doet belijdenis en wordt ingeschreven als lid in de Gereformeerde Kerk van Oldebroek.

 

Oldebroek 01-07-1770: Dries Tijmensen tr. Lutjen Everts.

 

Het gezin van Dries Tijmens Prins woont in Oldebroek, op ’t Eekt (1793, 1799).

 

Eekt in Oldebroek behoort tot de vroege nederzettingen die op een dekzandrug ontstonden. In het lage landschap langs de Zuiderzee waren dat de plekken die bewoners aantrokken. Er stond in Eekt een hof -’t Hof ter Eekt- die, net als de hof in Mulligen, bij ontginningsactiviteiten een belangrijke rol heeft gespeeld. De naam Eekt duidt op een groep eiken of een bos(je) bestaande uit eiken. [126]

 

een deel van de topografische militaire kaart uit de jaren 1830 tot 1850 waarop is afgebeeld het eekter voetpad 
ofwel kerkpad, dat voert van eekt, waar dries tijmens prins in de achttiende eeuw woonde, naar oldebroek, door de broeklanden

 

’t Hof ter Eekt. Het voetpad voert van Eekt door de Broeklanden naar Oldebroek. Topografische Militaire Kaart (Nettekening) 1830-1850.

 

een foto uit 2013 van het eekter voetpad ofwel kerkpad, dat voert van eekt waar dries tijmens prins in de 
achttiende eeuw woonde, naar oldebroek, door de broeklanden

 

Het Kerkpad door de Broeklanden, van Eekt naar Oldebroek, 25-12-2013.

 

Drie kinderen van Dries Prins en Lutgertje Everts zijn jong overleden. Het begraafboek van Oldebroek vermeldt niet hun namen zodat niet bekend is welk kind wanneer is overleden.

 

Oldebroek 12-04-1784: een dito [kind] van Dries Prins overleden

Oldebroek 08-07-1793: Den 8 Juli is een kind van Dries Prins op ’t Eekt overleden

Oldebroek 12-10-1793: Den 12 dito [octob:] is een kind van Dries Prins op ’t Eekt overleden

 

Oldebroek 05-03-1799: ovl. 5 Maart Dries Prins op ’t Eekt.

 

Oldebroek 01-07-1808: ovl. 1 Julij. Lutgertje Everdts wed: Dries Prins 80 J.

 

 

VIn JANNETJE TIJMENS (JANNIGJE) PRINS (van Vd), ged. Oldebroek 22-06-1742, spinster (1830), zonder beroep (1832), ovl. Oldebroek 20-03-1832, tr. Oldebroek 28-11-1784

 

REIJER GOOSENS BRUMMEL, geb. ws. Oldebroek, geb. Oldebroek 29-12-1735, ged. Oldebroek 01-01-1736, bouwman (1820), grondeigenaar en landbouwer (1820), ovl. Oldebroek 23-09-1820, zoon van Goossen Hendriks Brummel en Grietjen Reijers.

 

Oldebroek 01-01-1736: ged. Reijer, zoon van Gozen Henriks op Mullige en Grietjen Reijers.

 

Jannetje Tijmens Prins is getuige bij de doop van kinderen van haar zus, van twee broers en van twee nichten:

 

Oldebroek 10-05-1772: Jantje Timens is getuige bij de doop van haar neef Gooszen, zoon van  Geertje Timens en Gerrit Gooszens, zie VIj.

 

Oldebroek 06-09-1772: Jennigjen Timens Prins is getuige bij de doop van haar neef Timen, zoon van Dries Timens Prins en Lutgertjen Everts, zie VIm.

 

Oldebroek 28-03-1773: Jennigje Timens is getuige bij de doop van haar achterneef Gerrit, zoon van Klaas Wolters en Lisebet Gerrits, zie VIIn.

 

Oosterwolde (GD) 20-12-1778: Jannetje Tijmens is getuige bij de doop van haar nicht Marigje, dochter van Goossen Tijmensz. Prins en Grietje Jans, zie VIh.

 

Oosterwolde (GD) 17-03-1782: Jannetje Tijmens is getuige bij de doop van haar neef Tijmen, zoon van Goossen Tijmens Prins en Grietje Jans, zie VIh.

 

Oldebroek 01-02-1800: Jannetje Prins is getuige bij de doop van haar achternicht Elizabeth, dochter van Gijsbert Reijersz en Wijmtjen Dries, zie VIIao.

 

Oldebroek 04-05-1806: Jannetje Tijmens is getuige bij de doop van haar achterneef Dries, zoon van Gijsbert Reijersz en Wijmtje Dries, zie VIIao.

 

Jannetje Tijmens Prins woont in Oldebroek (1784). Reijer Goosens Brummel woont in Oldebroek, Mulligen (1784).

 

Oldebroek 28-11-1784: 1784. den 5 Novemb. Reijer Gooszens J.M. van Mulgen onder Oldebroek en Jannetje Timens J.D. van en te Oldebroek na drie voorgaande Zond: Proclamatiën zijn deeze op den 28 Nov: hier in den echten Staat bevestigd.

 

Reijer Goossens Brummel en Gerrit Goossens Brummel (zie VIj) zijn broers. Jannetje Tijmens Prins trouwde met de broer van haar zwager.

 

BS Oldebroek 28-04-1820: In een akte van bekendheid van 27-03-1820 staat dat Reijer Brummel grondeigenaar en landbouwer is, wonende te Oldebroek.

 

BS Oldebroek 24-09-1820: Reijer Goosens Brummel is ovl. Oldebroek 23-09-1820 in het huis No. 70 binnen deze gemeente. Hij is vierentachgentig Jaren … Bouwman Echtgenoot van Jannigje Prins zoon van Goossen Hendriks en Grietje Reyers. Hij is ovl. zonder kindren na te laten gewoond hebbende in gemelde sterfhuis.

 

Jannetje Tijmens Prins woont in Oldebroek, nr. 127 A (1830) en in Oldebroek, Lapstreek nr. 126 (1832). [127]

 

Jannetje Tijmens Prins is gereformeerd (1830). [128]

 

BS Oldebroek 20-03-1832: Jannetje Prins is negenentachtig Jaren, Geboren te oldebroek dochter van wijlen Tymen Prins en Elizabeth Hendriks beide overleden weduwe Reier Goossens Brummel zonder beroep.

 

 

VIo MARIJTJEN TIJMENS (MARIJTJEN TIMANS) PRINS (van Vd), geb. vóór 1746, landbouwster (postume vermelding 1836), ovl. (?), tr. Oldebroek 05-04-1761

 

HENDRIK JANS (THIJZZEN) (JUNTE), ged. Oldebroek 01-01-1727, landbouwer (postume vermelding 1836), ovl. (?), zoon van Jan Thijsz en Bijtjen Hendriks Brummel.

 

Uit dit huwelijk zijn geboren:

 

Jan Hendriks Junte, ged. Oldebroek 31-01-1762, zie VIIx.

Biegjen Hendriks Junte, ged. Oldebroek 17-07-1763/21-08-1763.

Elizabeth Hendriks Junte, ged. Oldebroek 21-07-1765.

Bije Hendriks Junte, ged. Oldebroek 12-04-1767, zie VIIv.

Jannigjen Hendriks Junte, ged. Oldebroek 22-05-1768.

Hillegje Hendriks Junte, ged. Oldebroek 16-07-1769.

Hilletjen Hendriks Junte, ged. Oldebroek 16-06-1771.

Tijmen Hendriks Junte, geb. 01-10-1772, ged. Oldebroek 04-10-1772.

 

Oldebroek 01-01-1727: ged. Henrik, zoon van Jan Thijssen en Bijtjen Hendrikz.

 

Het gezin van Marijtjen Tijmens Prins en Hendrik Jans woont in Oldebroek, Stuivezand (1762). [129]

 

Stuivezand was in de zeventiende eeuw de naam van een groot gebied in Oldebroek bestaande uit  cultuurgrond en boerderijen temidden van zandverstuivingen. Zandverstuivingen bleven tot in de negentiende eeuw een bedreiging voor de boeren. Met veel moeite probeerden zij het oprukkende zand in bedwang te houden. [130]

                                                             

Oldebroek 17-07-1763/21-08-1763: Opmerkelijk is dat de doop van Biegjen Hendriks Junte tweemaal is genoteerd, op verschillene data.

Oldebroek 17-04-1785: April 17? is de Vrouw van Hendrik Jansen overleden. Aangezien geen verdere gegevens zijn vermeld is kan niet worden vastgesteld of het gaat om Marijtjen Tijmens Prins.

Oldebroek 03-05-1799: ovl. 3 Meij Hendrik Jans. Aangezien geen verdere gegevens zijn vermeld is kan niet worden vastgesteld of het gaat om Hendrik Jans, de man van Marijtjen Tijmens Prins.

In de doopaantekeningen zijn de namen als volgt geschreven:

 

31-01-1762: Jan, zoon van Hendrik Janzen in ’t Stuijvezandt en Marijtjen Timanzs.

17-07-1763: Biegjen, dochter van Hendrik Jans en Marrigjen Thiemens.

21-08-1763: Biegjen, dochter van Hendrik Jansen en Marrigjen Tiemens.

21-07-1765: Elisabeth, dochter van Hendrik Jansen en Marrigje Thijmens Prins.

12-04-1767: Biegjen, dochter van Hendrik Jans en Marrigjen Tiemens Prins.

22-05-1768: Jannigjen, dochter van Hendrik Janzen en Marrigjen Timens Prins.

16-07-1769: Hillegje, dochter van Hendrik Jans en Marrigje Tijmens.

16-06-1771: Hilletjen, dochter van Hendrik Janzen Thijzzen en Marijtjen Timans.

04-10-1772: Timen, zoon van Hendrik Janszen en Marrichje Timens. [131]

 

 

Noten bij Generatie VI

 

1. D. Otten, Oude namen in Oldebroek (Oldebroek 1996) 35.

2. Uittreksels protocol van bezwaar ORA Doornspijk 1762-1776 door H. Fikse, 2000, fiche 541: Verschenen Hendrik Claasen en Annigje Everts echtel. verkopen aan Beert Everts Prins en Jannigje Coenraads echtel. 2 '/2 gres in 12 '/a gresen waarvan de rest zijnde acht te half gres koper en de overige vijf te half gres Hendrik Everts Prins toebehoren makende in 't geheel 15 gresen waaraan oostw Willem Cornelis, westw Busgever ?, zuidw de Besje en noordw Feythenhof gelandet is en dat voor f 200,- get. 13 oct 1762”

3. Uittreksels protocol van bezwaar ORA Doornspijk 1777-1790 door H. Fikse 1996-2003, fiche 210: Verschenen Evert Driesen en Marrigje Herms echtel. verkopen aan Beert Everts Prins en Jannetje Coenraads echtel. 1/3 in 15 gresen hooiland in het Eektermerk waarvan het overige koper toebehoort voor f 460,- waaraan oostw Willem Cornelis (Spijkerboer) westw Tulleken, zuidw de Besjes van Elburg en noordw Feithenhof gelandet is get 28 juni 1779

Verschenen Hendrik Everts Prins welke verkoopt aan Evert Dries en Marrigje Harms echtel. 1/3 in 15 gresen weiland voor f 460,- boven omschreven get 28 juni 1779”

4. Uittreksels protocol van bezwaar ORA Doornspijk 1777-1790 door H. Fikse 1996-2003, fiche 233: “Verschenen Beert Everts Prins en Jannetje Coenraads echtel. verkopen voor f 1900,- aan Dries Reiers 15 gresen weiland waaraan oostw de wed. van Gerrit Beerts en Helmig Willems westw burgem. Tulleken zuidw de Weezen van Elburg en noordw het Feithenhof gelandet is Dries Reiers leent f 800,- van Beert Everts Prins en Jannetje Coenraads echtel. onderpand de hierboven vermelde 15 gresen get 24 nov 1787, afgelost 6 nov 1791

5. Uittreksels protocol van bezwaar ORA Doornspijk 1777-1790 door H. Fikse 1996-2003, fiche 216: “Verschenen Evert Diesemers mede namens zijn absente vrouw leent f 400,- van Beert Everts Prins en Jannetje Coenraads echtel. onderpand 2 mudde bouwland waaraan oostw Jannetje Gerrits (Keiser) westw mejuffr Wolfsen zuidw burgem Raadt en noordw Gerrit Gerritsen (Keiser) gelandet is get 24 nov 1787

6. Uittreksels protocol van bezwaar ORA Doornspijk 1777-1790 door H. Fikse 1996-2003, fiche 240: “Verschenen Heiltje Gerrits wed. van Willem Beerts geass. met Jochem Jans leent f 250,- van Beert Everts Prins en Jannigje Coenraads echtel. onderpand 3 schepel bouwland langs de weg aan de gracht en 6 gresen waaraan oostw Hendrik Fix, westw de kleineweg, zuidw Hendrik Jans en noordw Cornelis Tijmens gelandet is get 11 dec 1787 afgelost 29 april 1797”

7. Uittreksels protocol van bezwaar ORA Doornspijk 1777-1790 door H. Fikse 1996-2003, fiche 227: Wij Jan Berends Mulder en Jan Jansen doen cond: Verschenen Harmen Wolters en Hendrikje Cornelis echtel. verkopen voor f 2150,- aan de eersame Teunis Jans en mejuffr Geertruid Jans geboren Meyer hun lieder erf "den Hul" gen.best. uit een huis hof berg en schuur en 5 schepel bouwland en een hagen "de Vlesse" gen. waaraan oost en noordw Jan Berends Mulder zuidw de Zwarteweg, en westw de heer van Rechteren gelandet is en 17 1/2 gres weiland onder Oldebroek Waaraan oostw Jan Berends Mulder zuidw de Waterheigrave westw Dries Hendriks in de Lapstreek get 28 dec 1784 getuigen Egbert Eybrink en Hendrik Lodewijk Tichler
De genoemde eersame Teunis Jans leent nog f 900,- van Beert Everts Prins en Fennigje Coenraats echtel. met als onderpand dat genoemde erf get 18 maart 1790”

8. Uittreksels protocol van bezwaar ORA Doornspijk 1777-1790 door H. Fikse 1996-2003, fiche 229: Verschenen Gerrit Eiberts Proeme en Batje Jans echtel. enen f 200.- van Beert Everts Prins en Jennigje Coeraads echtel. onderpand zijn erf en goederen en een half mud zaailand waaraan oostw Jan Samuels west en noordw Dries Mulder en zuidw het pad gelandet is get 2 jan 1788”

9. Uittreksels protocol van bezwaar ORA Doornspijk 1791-1802, H. Fikse, 1999-2003, fiche 294: Verschenen Heiltje Gerrits wed. van Willem Beerts Fix geass met Beert Willems Fix leent f 350,- van Beert Everts Prins onderpand hun 2 gresen waaraan oostw de Oldebroeker wangen, en westw het Gasthuis van Kampen gelandet zijn en een mud zaailand waaraan oostw de comparant en westw Dries Mulder gelandet is en nog 1 1/2 schepel waaraan oostw Old en westw Jan Samuels ligt. Nadat de acte getekend was verschenen haar kinderen Beert Willems en Jochem Jans (van Veen ) en Gerrigje Willems Fix echtel en Marchje Willems Fix die dit hebben getekend 23 febr 1794”

10. Uittreksels protocol van bezwaar ORA Doornspijk 1791-1802 door H. Fikse, 1999-2003, fiche 286: Verschenen Beert Everts Prins en Jannetje Coenraads echtel. verkopen voor f 400,- aan Johannes Stuurman te Elburg hun erf optie of obligatie welke Evert Diesemers en Grietje Everts hun verstrekt hebben, met als onderpand hun 2 mudde bouwland zoals door Evert Knijf is geregistr op den 7 aug 1794

11. Index ORA Oldebroek criminele rechtspraak 1573-1810, door J. Kolkman, inv.nr. 114, 25-01-1749.

12. Uittreksels protocol van bezwaar ORA Doornspijk 1733-1754, kerspel Oosterwolde, H. Fikse, fiche 113: “Verschenen Willem Aartsen en Teunisje Willems echtel. verkopen aan Jan Aartsen en Fijgje Eiberts echtel. wonende op het Kampereiland, 6 schepel bouwland op het Zuideinde, waaraan westw de winterdijk, oostw Jan Aartsen kerkmeester, zuidw de heer Lobè predikant te Elburg en noordw Evert Gerritsen gelandet zijn, voor f 500,- get 7 maart 1743”

13. Uittreksels protocol van bezwaar ORA Doornspijk 1733-1754, kerspel Oosterwolde, H. Fikse, fiche 131: “Verschenen Hendrik van Werven en Hilligje Wolters echtel. verkopen voor f 300,- aan Jan Aartsen op het Kampereiland en Fijgje Egberts echtel. 4 schepel zaailand, waaraan westw Jan Aartsen, zuidw Ds Lobè, oostw Gerrit Jansen of de erfgen. van Jochem Klaas en noordw burgem. Erkelens gelandet is get 21 april 1746.

14. Uittreksels protocol van bezwaar ORA Doornspijk 1733-1754, kerspel Oosterwolde door H. Fikse, fiche 131: Verschenen burgem. H.J.Erkelens en Elisabeth Agnes Schrassert echtel. verkopen voor f 439,- aan Fijgje Eiberts wed. van Jan Aartsen wonende te Overijssel 6 schepel bouwland de Vossen-akker gen. waaraan oostw het Streker voetpad, zuidw Ds Lobè, westw Evert Gerritsen en noordw Eibert Jansen gelandet zijn get. 14 maart 1747”

15. J. Grooten, Pachters van de stadserven op het Kampereiland 1432-1998 (Kampen 1998) 310.

16. J. Grooten, Pachters van de stadserven op het Kampereiland 1432-1998 (Kampen 1998) 164, 310.

17. J. Grooten, Pachters van de stadserven op het Kampereiland 1432-1998 (Kampen 1998) 164.

18. J. Grooten, Pachters van de stadserven op het Kampereiland 1432-1998 (Kampen 1998) 310.

19. J. Grooten, Pachters van de stadserven op het Kampereiland 1432-1998 (Kampen 1998) 310, aldaar onjuist: Aalt Tijmens Prinsis begr. Kampen 21-07-1793. Op basis van eigen onderzoek het begin van de pacht gesteld op 04-02-1748 i.p.v. P1754.

20. Kampen, Momberstellingen 1540-1809, Momberboek 1745-1809, fol. 36 of 38.

21. Rechterlijk Archief Kampen 101, fol. 23v.

22. www.reliwiki.nl.

23. Kampen, Momberstellingen 1540-1809, Momberboek 1745-1809, fol. 79.

24. Nieuw Archief Kampen, Stedelijke Rekeningen.

25. Oud Archief Kampen. Apostillen van Campen en haar Jurisdictie. 1624-1809. Deel 26 R. 3 jan. 1780 – 28 dec. 1786. Inv. nr. O.A. 208, fol. 65v.

26. Oud Archief Kampen. Apostillen van Campen en haar Jurisdictie. 1624-1809. Deel 26 R. 3 jan. 1780 – 28 dec. 1786. Inv. nr. O.A. 208, fol. 165v.

27. J. Grooten, Pachters van de stadserven op het Kampereiland 1432-1998 (Kampen 1998) 250.

28. J. Grooten, Pachters van de stadserven op het Kampereiland 1432-1998 (Kampen 1998) 304.

29. J. Grooten, Pachters van de stadserven op het Kampereiland 1432-1998 (Kampen 1998) 250.

30. J. Grooten, Pachters van de stadserven op het Kampereiland 1432-1998 (Kampen 1998) 304.

31. J. Grooten, Pachters van de stadserven op het Kampereiland 1432-1998 (Kampen 1998) 304.

32. Uittreksels protocol van bezwaar ORA Doornspijk 1733-1754, kerspel Oosterwolde, H. Fikse, fiche 113: “Verschenen Willem Aartsen en Teunisje Willems echtel. verkopen aan Jan Aartsen en Fijgje Eiberts echtel. wonende op het Kampereiland, 6 schepel bouwland op het Zuideinde, waaraan westw de winterdijk, oostw Jan Aartsen kerkmeester, zuidw de heer Lobè predikant te Elburg en noordw Evert Gerritsen gelandet zijn, voor f 500,- get 7 maart 1743”

33. Uittreksels protocol van bezwaar ORA Doornspijk 1733-1754, kerspel Oosterwolde, H. Fikse, fiche 131: Verschenen Gerrit Jacobsen enzijn zuster Gerrigje Jacobs beide voor 2/3 erfgenamen van hun oom Evert Gerritsen, verkopen hun erfportie aan Willem Aartsen en Teuntje Willems echtel. zijnde een mudde zaailand aan de winterdijk waaraan oost en zuidw. Aalt Tijmensen Prins, westw de winterdijk en noordw de wee van Eibert Jansen Nieboer gelandet is, voor f 250,- Get. te Harderwijk 14 aug 1749.”

34. Uittreksels protocol van bezwaar ORA Doornspijk 1733-1754, kerspel Oosterwolde, H. Fikse, fiche 132: “Wij Evert Vos en Hendrik Hillebrands doen cond, verschenen Willem Aartsen en Teuntje Willems echtel. verkopen voor f 390,- aan gerrit Brandsen een mudde zaailand aan de winterdijk Waaraan oost en zuidw aalt Tijmensen Prins westw de winterdijk en noordw de wed. van Eibert Jansen Nieboer gelandet is get. 31 dec 1749”

35. Uittreksels protocol van bezwaar ORA Doornspijk 1762-1776 door H. Fikse, 2000, fiche 535: Verschenen voor ons Gerrit Vos en Arent Jacobs Eitman geerfden op Veluwen, Brand Gerritsen en Jannigje Cnelis echtel.en Nelle Gerrits alsmede Albert Alberts en Driesje Gerrits echtel. Gerrit Alberts en Dirkje Gerrits echtel. De 2 eersten verkopen voor F150,-en de laatsten elk voor f40,-hun aandeel een mudde zaailand aan Jan Eibertsen en Fennigje Gerrits echtel. waarvan het overige 1/10 part hun reeds toebehoort en waaraan oost en zuidw Aalt Tymensen Prins, westw de winterdyk en noordw Renesse gelandet is get. 10 juli 1768

36. Uittreksels protocol van bezwaar ORA Doornspijk 1791-1802, H. Fikse, 1999-2003, fiche 294: “Verschenen Aalt Tijmens Prins verkoopt voor f 400,- 6 schepel zaailand aan Lubbert Gerrits en Fennetje Gerrits echtel.waaraan oostw verkoper westw de Winterdijk zuidw Renesse en noordw Egbert Jans gelandet is doende f 2,- aan het Lieve Vrouwengilde te Oldebrok get 6 april 1793

37. Uittreksels protocol van bezwaar ORA Doornspijk 1733-1754, kerspel Oosterwolde, H. Fikse, fiche 131: “Verschenen Hendrik van Werven en Hilligje Wolters echtel. verkopen voor f 300,- aan Jan Aartsen op het Kampereiland en Fijgje Egberts echtel. 4 schepel zaailand, waaraan westw Jan Aartsen, zuidw Ds Lobè, oostw Gerrit Jansen of de erfgen. van Jochem Klaas en noordw burgem. Erkelens gelandet is get 21 april 1746.

38. Uittreksels protocol van bezwaar ORA Doornspijk 1733-1754, kerspel Oosterwolde door H. Fikse, fiche 131: Verschenen burgem. H.J.Erkelens en Elisabeth Agnes Schrassert echtel. verkopen voor f 439,- aan Fijgje Eiberts wed. van Jan Aartsen wonende te Overijssel 6 schepel bouwland de Vossen-akker gen. waaraan oostw het Streker voetpad, zuidw Ds Lobè, westw Evert Gerritsen en noordw Eibert Jansen gelandet zijn get. 14 maart 1747”

39. Uittreksels protocol van bezwaar ORA Doornspijk 1733-1754, kerspel Oosterwolde, H. Fikse, fiche 116: Verschenen Jan Lubbertsen en Swaantje Jans echtel. en Lubbert Lubbertsen en Anna Rutgers echtel. verkopen aan Arend Jacobsen en Hendrikje Egberts echtel. voor f 150,- 2/3 parten van 3 gresen weiland waarvan het overige Marrigje Gerrits toebehoort en waaraan noordw de wed. Eibert Jansen Nieboer oostw de grotewoldweg, zuidw Jacob Klaasen en westw Aalt Tijmensen Prins gelandet is get. 28 sept 1753

40. Uittreksels protocol van bezwaar ORA Doornspijk 1755-1761 door H. Fikse, fiche 460: Verschenen “Arend Jacobsen en Hendrikje Egberts echtel. verkopen aan Arend Bruggeman en Jantje Hendriks echtel. 2/3 parten van 3 gresen, waarvan het overige Marrichje Gerrits toebehoort  Aan welke 3 gresen noordw de wed. Eibert Jansen Nieuwboer, oostw de grotewoldweg, zuidw Jacob Claasen en westw Aalt Timensen Prins gelandet is voor f 300,- get 26 maart 1756

41. Uittreksels protocol van bezwaar ORA Doornspijk 1762-1776 door H. Fikse, 2000, fiche 532: Verschenen Jan Petersen en Willempje Wichmans echtel. Rein Driesen en Aaltje Jans echtel.Hendrik Wichmans en Tryntje Jacobs echtel. Aartje Heimens wed. van Gerrit Jacobs met haar zoon Heimen Gerrits, Aart Harmsen en Hendrikje Heimens echtel.Tymen Albertsen en Aartje Hendriks echtel.en Aalt Hendriksen dan nog Arend Bruggeman wednr van Jentje Hendriks welke gezamelyk verkopen aan Gysbert Berghuis en Geertruid Veldkamp echtel.en Jacob Michmarshuizen een huis en hof met een half mud zaailand aan de Zandweg waaraan oostw Gerrit Beertsen, noordw Lambert Coertsen (Westerink) zuidw Wolter Harmsen en westw de woldweg en Lambert Coertsen gelandet is
Verder het aandeel in het Rutsje groot 3 gresen waaraan oostw de woldweg, zuidw Annigje Jacobs, westw Aalt Tymensen Prins en noordw van Renesse gelandet is
Dan 6 gresen aan de Winterdyk waaraan oostw de winterdyk, zuid en noordw Albert Albertsen Schoenmaker, en westw de wed. Jan Lambertsen gelandet is vervolgens nog 2 morgen in het Broekland waaraan oostw van Oldenbarneveld,zuidw de wed. Jan Aartsen, westw Capitein Daendels en noordw Hendrik Geurtsen nu Lambert Coertsen gelandet is
Nog 8 gresen aan de Winterdyk waaraan oost en westw Hartger Rensen, zuidw Jac. Veldkamp en noordw de geestelykheid van Campen gelandet is en 5 gresen waaraan noordw Gerrit Egbertsen zuidw Albert Albertsen Schoenmaker, westw de wed. Jan Lambertsen en oostw Albert Coers gelandet is en verder enig leengoed alles voor f3972,- get. door kopers welke verklaarden volgens gemaakt accoord Arend Bruggeman te onderhouden in kost drank en kleding en ordentelyk te zullen begraven get. 3 jan 1773

42. Uittreksels protocol van bezwaar ORA Doornspijk 1791-1802, H. Fikse, 1999-2003, fiche 294: “Verschenen Gerrit Wolters als gevolm. van Jentje Cobus wed. van Aalt Prins te Kampen en verder Gerrit en Cobus Prins en Jochem Hendriks en Annigje Aalts Prins echtel. verkopen voor f 338,- aan Henricus Bijsterbosch een mudde zaailand waaraan oost en zuidw koper westw Lubbert Gerrits en noordw de heer Renesse gelandet is. Dezelfden verkopen voor f 355,- ook aan dezelfde 6 schepel waaraan oostw Hendrik Gerrits Lange westw Lubbert Gerrits en zuidw Renesse en noordw koper gelandet is get 4 febr 1794”

43. Uittreksels protocol van bezwaar ORA Doornspijk 1777-1790 door H. Fikse 1996-2003, fiche 229:

“Verschenen Aalt Tijmens Prins welke voor f 180,- verkoopt aan Henricus Bijsterbos een half mudde bouwland waaraan oost en noordw koper westw Jan Beertsen en zuidw Cornelis Pelen gelandet is get 26 nov 1790”

44. Zie noot 42.

45. Uittreksels protocol van bezwaar ORA Doornspijk 1755-1761 door H. Fikse, fiche 465: Verschenen “Jan Herms en Beertje Gerrits echtel. verkopen voor f 700,- aan Aartje Everts wed. van Diesemer Egberts en haar kinderen met namen Egbert, Jacob,Tryntje,Evert en Jannetje Diesemers 6 schepel zaailand waaraan oost en zuidw de Winterdyk westw Evert Brants en Aalt Tymen Prins en noordw koperse gelandet is get. 16 dec 1757”

46. Uittreksels protocol van bezwaar ORA Doornspijk 1762-1776 door H. Fikse, 2000, fiche 543: Wij Barend.van Marle en Peter Tijmensen doen weten; Verschenen Brand Evertsen en Geertje Hendriks echtel. lenen f 100,- van Egbert Diesemers en co. onderpand een mudde bouwland waaraan oost en noordw Egbert Diesemers, westw burgem. Brienen, en zuidw Aalt Prins gelandet is get. 6 juli 1770, afgelost 28 oct 1773

47. Uittreksels protocol van bezwaar ORA Doornspijk 1762-1776 door H. Fikse, 2000, fiche 528: “Verschenen Brand Everts en Geertje Hendriks echtel. verkopen voor f400,- aan Jan Eiberts en Fennigje Gerrits echtel. een mudde zaailand waaraan oostw Tryntje Diesemers, westw burgem. Brienen, zuidw Aalt Prins en noordw de erven Diesmer Egberts gelandet zyn get. 29 oct 1773”

48. Uittreksels protocol van bezwaar ORA Doornspijk 1777-1790 door H. Fikse 1996-2003, fiche 223:

“Verschenen Aalt Tijmens Prins en Jannetje Kobus echtel. Jochem Hendriks en Annetje Aalts echtel. en Tijmen Aaltsen en Klaas Teunis verkopen voor f 350,- aan Lubbert Gerrits en Fennetje Gerrits echtel.een mudde zaailand aan de Winterdijk waaraan oostw Trientje Diesmers westw burgem. Barneveld, zuidw de Winterdijk en noordw kopers gelandet zijn get 11 april 1787

49. Uittreksels protocol van bezwaar ORA Doornspijk 1777-1790 door H. Fikse 1996-2003, fiche 229:

“Een magescheid gesloten tussen Harm Wolters en Hendrikje cornelis echtel. en Aalt Tijmens Prins en Jannetje Kobus echtel. over de nagelaten goederen van Jacobus Reinders en Stijntje Gerrits in leven echtel. aan de eersten toebedeelt 6 schepel zaailand met een hagen schietende met het ene eind aan de kleineweg en aan Aalt Tijmens Prins 6 1/2 gres op Catstouwe get 26 jan 1788

50. Uittreksels protocol van bezwaar ORA Doornspijk 1803-1810, kerspel Oosterwolde, door H. Fikse, 2002, fiche 406: Hendrik Geurts van de Noord en Aart Labots als geerfden doen cond: Verschenen Kobus Aalts Prins en Aaltje Mentsels? echtel. Gerrit, Egbert, Jan en Margje Aalts Prins en Klaas Kragt en Stijntje Aalts Prins verkopen voor f 877,- aan Jacob Aalts en Aartje Lubberts echtel. ongeveer 6 ½ gresen weiland op Catsstouwe in het "Zomerwerk" gelegen waaraan oostw Albert Alberts, zuidw Gerrit Veldkamp, westw Jansen te Elburg en noordw Egbert Jansen en Harmen Driesen gelandet zijn get 4 mei 1803

51. Uittreksels protocol van bezwaar ORA Doornspijk 1762-1776 door H. Fikse, 2000, fiche 552: “Verschenen Beeltje Gerrits geass. met H.A.Brouwer verkoopt voor f 400,- aan Aalt Tijmensen Prins en Jannigje Jacobs echtel. de helft van 9 gresen waaraan oostw Hendrik Geurts, westw de Grotewoldweg, zuidw het Kamper stadsland en noordw de wed. van Willem Tijmens gelandet is get. 28 oct 1762

52. Uittreksels protocol van bezwaar ORA Doornspijk 1762-1776 door H. Fikse, 2000, fiche 526: “Verschenen Willem Aartsen en Teuntje Willems echtel. verkopen voor f1200,- aan Aart Roelofs en Lubbigje Jans echtel. een erfje waaraan oostw de kleineweg, zuidw Aalt Prins, westw de groteweg en noordw Gosen Port gelandet is alsmede 3 schepel van der Kettens gen. waaraan oostw de erven Diesemer Egberts, zuidw Bytje Beerts westw Jan Willems en noordw Renesse gelandet is Waarby is uitbedongen dat de kamer op de deele tot aan de eerste stiel toe aan hun blyft tot een doorgang om water te halen, verder de halve voorhof op de zuidkant van de kamer en op de brink een schuurtje te mogen zetten en nog 2 spint aardappelland te mogen gebruiken zolang zy leven get. 28 febr 1770”

53. Uittreksels protocol van bezwaar ORA Doornspijk 1762-1776 door H. Fikse, 2000, fiche 527: Verschenen Aart Roelofs en Lubbetje Jans echtel. lenen f425,- van Aart Warners en Aaltje Jochems echtel. onderpand hun huis hof berg en schuur tussen de kleine en groteweg waaraan oostw de kleine en westw de groteweg,zuidw Aalt Prins en noordw Gosen Lubbertsen Port gelandet is get. 5 sept 1772 afgelost 2 mei 1780

54. Uittreksels protocol van bezwaar ORA Doornspijk 1762-1776 door H. Fikse, 2000, fiche 528: “Verschenen Brand Everts en Geertje Hendriks echtel. verkopen voor f400,- aan Jan Eiberts en Fennigje Gerrits echtel. een mudde zaailand waaraan oostw Tryntje Diesemers, westw burgem. Brienen, zuidw Aalt Prins en noordw de erven Diesmer Egberts gelandet zyn get. 29 oct 1773”

55. Uittreksels protocol van bezwaar ORA Doornspijk 1762-1776 door H. Fikse, 2000, fiche 541: “Verschenen de heer Gijsb.Gerh. Sandberg als gevolm. van Barend van Houten en Alberta Boeduinx echtel. volgens acte van den 13 aug 1765 te Elburg gepasseert welke op den 10 sept 1765 publiek verkocht heeft voor f 554,- aan de erfgen. van Diesmer Egberts, 6 gresen weiland "Snijderszesse" gen. waaraan oostw kopers, zuidw 't Feythenhof, westw de wezen van Elburg en noordw de heer Bigge gelandet is get. 6 febr 1766

Dezelfden als boven verkopen voor f 430,- aan Willem Brantsen 4 gresen "Raasinksviere" gen. in 't Eektermerk waaraan oostw Hendrik Beertsen, zuidw Sagemans c.s.,westw 't Feytenhof en noordw de heer Knijff en Aalt Prins gelandet zijn get. 6 febr 1776

56. Uittreksels protocol van bezwaar ORA Doornspijk 1762-1776 door H. Fikse, 2000, fiche 535:

“Verschenen Egbert van Langen en Margje Scholten echtel. Jan van Dalsum en Aaltje Scholten echtel.en Dilligje Scholten met autorisatie van haar man Willem van Boksum verkopen gezamelyk voor f742,- aan Cornelis Peelen Coops en Aaltje Tymens echtel. 6 schepel waaraan oostw de heer Coops en H. Kruithof, westw Jan Beertsen, zuidw Gerrit Beertsen en noordw Aalt Prins gelandet is get 3 oct 1776

57. Uittreksels protocol van bezwaar ORA Doornspijk 1777-1790 door H. Fikse 1996-2003, fiche 220: Verschenen Willem van Zuthem en Harmpje Jans Mulder echtel. verkopen voor f 414,- aan Willem Delbrugge en Hendrika Wilhelmina van Zuthem echtel. een huis hof berg en schuur met 3 gresen weiland noordwaart van het huis zoals van de wed. Aart Roelofs en voogden is overgenomen
Verschenen Lubbigje Jans wed. van Aart Roelofs en Hendrik Harms en Jan Jansen als voogden verkopen voor f 414,- aan Willem van Zuthem bovenvermeld erfje met de bepaling dat koper Willem Aartsen zonder betaling zijn levenlang in de kamer kan blijven wonen met het gebruik van de halve hof zuidw en2 spint land aardappel land en op de deel tot aan de eerste stijl met een doorgang naar de pomp en de eigendom van de schuur aan de zuidzijde op de Brink get 22 maart 1780
Verder verkopen zij voor f 122,- aan Hendrik Gerrits Lange een mudde zaailand met een hagentje waaraan oostw Lubbert Gerrits westw Lubbigje Jans zuidw Aalt Prins en noordw Albert Jans gelandet is Dan nog voor f 150,- aan Lubbert Gerritsen en Fennigje Gerritsen echtel 8 gresen aan de kleineweg waaraan noordw de kleineweg westw Hendrik Everts zuidw Aalt Prins en noordw Albert Jansen gelandet is get 2 mei 1780

58. Uittreksels protocol van bezwaar ORA Doornspijk 1777-1790 door H. Fikse 1996-2003, fiche 221: Certificeren wij Reinder Schoonhovenm en Gijsbert Berghuis als geerfden: Verschenen Lubbert Gerrits en Fennigje Gerrits echtel. verkopen voor f 250,- aan Hendrik Jansen en Jannetje Gosens echtel. 8 gresen weiland aan de Kleineweg zoals van de wed. Aart Roelofs aangekocht waaraan oostw de Kleineweg, westw Hendrik Gerrits, zuidw Aalt Prins en noordw Albert Jansen gelandet is get 25 maart 1782

59. Uittreksels protocol van bezwaar ORA Doornspijk 1791-1802 door H. Fikse, 1999-2003, fiche 295: “Verschenen Gerrit Eimerts en Engeltje Brands echtel. verkopen voor f 425,- aan Barend van Marle en M.S.M. Knijf echtel. een huis met 2 hoven weilanden en houtgewassen voor achter en bezijden dat huis, ( het Ottersnest gen,) thans door Gerrit Hendriks Flier en Matheus Hendriks bewoond wordend waaraan oostw de wed. Lubbigje Jans westw de grote Woldweg zuidw Aalt Prins en noordw Albert Jans gelandet is get 25 mei 1795

60. Uittreksels protocol van bezwaar ORA Doornspijk 1803-1810, kerspel Oosterwolde, door H. Fikse, 2002, fiche 387: Verschenen Lubbigje Jans wed. van wylen Aart Roelofs verkoopt voor f 150,- aan Wolter Hartgersen Docter een hagen waaraan oost en noordw Gerrit Nieland, zuidw Aalt Prins en westw de heer van Marle gelandet is.
get de 8 van bloeimaand 1810”

61. Oosterwolde (GD) 15-02-1731: Den 15 dito (Febr:] is gedoopt Gerrit Zoon van Jakobus Reindertsz en Stijntje Gerrits. Obiit. Oosterwolde (GD) 22-05-1732: Den 22 Meij is gedoopt Jannetje, dochter van Jakobus Reindertsz en Stijntje Gerritsz. Oosterwolde (GD) 15-08-1734: den 15 Aug: werden gedoopt … En Gerritje dochter van Jakobus Reindertsz en Stijntje Gerritsz. Oosterwolde (GD) 23-03-1738: den 23 dito werdt Gerrit Zoon van Jakobus Reindertsz en Stijntje Gerrits gedoopt.

62. Oosterwolde (GD) 24-12-1724: ged. item [10 December] de dogter van Jacobus Reijnders en Harmyntjen Jans en genaamt Harmtjen.

63. Uittreksels protocol van bezwaar ORA Doornspijk 1675-1733, door H. Fikse, fiche 24: Een sekere 6 en een 2/3 gres landts in Oosterwolde waer ten oosten Jochem Klaas, zuytw Wolter Hendericks, westw Stuurman en noort Harmen Willems en de stad Elburg, toebehorende Aeltje Aerrens wed. geass. met Henderick Gerrits Scholten als haar momber. Anno 1724 den 10 mey dit landt vercoft en opgedragen voor 300 gulden ten behoeve van Jacob Reinders en Harmina Jans echtel. gepass. voor geerfden Gijsbert Gerrits en Henderick G. Scholten en Jochem Klaasen die dit hebben betekent enz. geregistr. den 20 febr 1732

64. Uittreksels protocol van bezwaar ORA Doornspijk 1733-1754, kerspel Oosterwolde, door H. Fikse, fiche 108: Wij Barend Feyth en Willem Boeduinx doen cond, verschenen Aart Gerritsen en Jutje Gerrits echtel. verkopen aan Eibert Jansen en Dreesje Jans echtel. hun erf en goed op de Streek te Oosterwolde gelegen en thans door verkopers zelf bewoont. Met het huis hof berg en schuur en opgaande bomen enz enz. waaronder begrepen 3 schepel zaailand op de Vossenakkers aan de Winterdijk, gehorende onder dit erf. Beginnende dit weiland aan de Woldweg tot aan de Winterdijk en nog 6 gresen daarover en 3/4 gres op de vorige 6 gresen volgend en dan de volle 8 gresen daarop volgend alsmede 4 gresen noordw naast die 8 gresen, alles verkocht voor f 3000,-. Verder met het recht voor verkopers de kamer en de hof die Diecemer Geerlofs gebruikt, vrij zonder pacht hun levenlang te gebruiken, mits de kamer dak wand en vloer glasdicht onderhouden worden. Aan welk goed westw Johannes van Loo, noordw Beert Assenstouwe, oostw Jacob Reinders en zuidw de heer van Dedem gelandet is get. 5 sept 1733

65. Oosterwolde (GD) 16-04-1741: den 16 April doopte ik … Jacobus zoon van Gerrit Timansz Prins en Stijntje Gerrits,. Oosterwolde (GD) 21-07-1743: den 21 Julij door D: Zegerius (ik in de Vacatuur te Oen) gedoopt Kobus, zoon van gerrit Tijm: Prins en Stijntje gerrits. Oosterwolde (GD) 14-05-1747: ged. den 14 Meij … En Lijsbeth,dochter van Gerrit Tijmonsz Prins, en Stijntje Gerrits. Oosterwolde (GD) 04-01-1750: den 4 Januarij gedoopt Timan, zoon van Gerrit Timansz of Prins, en Stijntje Gerrits.

66. Uittreksels protocol van bezwaar ORA Doornspijk 1762-1776 door H. Fikse, 2000, fiche 535: Magescheid gesloten tussen Gerrit Tymensen Prins wednr van Aaltje Jans ten eenre en Gosen Tymens Prins en Cobus Gerritsen als mombers over zyn 2 kinderen ten andere zyde Zulks na voorgaande examinatie van de inventaris, en de huw. voorwaarden tussen de echtel. gemaakt is aldus besloten Dat de vader de kinderen zal onderhouden enz. en ten mondigen dage zal uitkeren de 2 mudde bouwland alsmede al de gerede goederen zoals op de inventaris gespecificeert en van hun moeder afkomend, alsmede de kleren een paar gouden hemdsknopen, en nog voor dezelve zal kopen een psalmboek met zilveren krappe als hun moeder heeft ingebracht Waartegen de vader zal behouden het overige van de alinge boedel gereed en ongereed tot zyn voordeel en afstand dooen van de morgengave a f50,- zoals by huw. voorwaarden besproken get. 4 april 1767

67. Uittreksels protocol van bezwaar ORA Doornspijk 1762-1776 door H. Fikse, 2000, fiche 535: Verschenen Gerrit Berends en Hendrik Gerritsen beide in Doornspyk woonachtig en geerfd, verklaren borgen te zyn voor Gerrit Tymensen Prins tot nakoming van het hierboven vermelde magescheid verbindende hunne personen en goederen get. 19 mei 1767

68. Doornspijk 06-02-1768: ged. Febr. 6 Thiemen zoon van Gerrit Prins en Geertruid Cornelis van den Hul. Doornspijk 19-03-1769: ged. dito [19 Maart] Hilligjen dogter van Gerrit Thiemessen Prins en Geertruid Cornelis.Doornspijk 02-06-1771: ged. Juno 2 Thijmen zoon van Gerrit Thijmsen Prins en Geertruid Cornelis. Doornspijk 25-04-1773: ged. April 25 Eevertje dogter van Gerrit Thiemessen Prins en Geertruid Cornelissen, getuigen Geertje Gerrits en Jannigje Cornelissen gebooren 1773 den 22 april.

69. Uittreksels protocol van bezwaar ORA Doornspijk 1762-1776 door H. Fikse, 2000, fiche 532: Wy B.van Marle en Gerrit Tymensen Prins doen cond, verschenen Aart Hendriks mede namens zyn vrouw Aaltje Cornelis leent f350,- van Harmen Wolters (van de Beld) en Hendrikje Cornelis echtel.onderpand een mudde zaailand op de Klisterye zoals Aart Hendriks en zyn broers en zusters dat onderling verdeelt hebben en dat wegens de minderjarige Hendrik Cornelis nog toegestaan moet worden
Zo verbind hy zyn 1/7 portie uit de nalatenschap van zyn schoonouders Cornelis Egberts en Hillegje Hendriks in leven echtel.of zal nader borg stellen get.2 oct 1772

70. Uittreksels protocol van bezwaar ORA Doornspijk 1777-1790 door H. Fikse 1996-2003, fiche 226: “Op heden een magescheid opgericht tussen Geertruid Cornelis wed. van wijlen Gerrit Tijmens Prins geass. met Arend Jacobs ten eenre en Klaas Wolters als vader en voogd van zijn 3 minderjarige kinderen Tijmen Gerrit en Harmpje bij wijlen Elisabeth Gerrits Prins en echt verwekt benevens Cobus Gerrits en Geertruid Gerrits echtel.
Zijnde gemelde wijlen Elisabeth en Cobus kinderen uit het eerste huwelijk van Gerrit Tijmens Prins en Stijntje Gerrits in leven destijds echtel
Voorts Geertje Gerrits Prins geass. met Reier Gijsberts benevens Cobus en Gosen Prins als voogden over Jan Gerrits Prins onmondige zoon uit zijn 2e huwelijk bij wijlen Aaltje Jansen verwekt waaruit de meerderjarige Geertje ook gesproten is
Dan nog Jan Willems Kragt en Evert Prins als voogden over Tijmen Hilligje en Evertje Gerrits Prins kinderen uit zijn 3e huwelijk met Geertruid Cornelis ten andere zijde
De waarde van de boedel bedraagt f 755,- waarvan de eersten de helft is f 311,- en de gezamelijke verdere erfgenamen de wederhelft is f 377,- en ieder kind f 53,- ontvangt
Uit het ongerede ontvangt Geertruid f 680,- en wordt de verdere verdeling uitvoerig beschreven”

71. D. Otten, Oude namen in Oldebroek (Oldebroek 1996) 33.

72. D. Otten, Oude namen in Oldebroek (Oldebroek 1996) 35.

73. Uittreksels protocol van bezwaar ORA Doornspijk 1733-1754, kerspel Oosterwolde door H. Fikse, fiche 120: “Wij E.J.van Ommeren en W. Boeduinx doen cond, verschenen Barbara Lamberts als moeder en wettige voogdesse van haar 4 onmondige kinderen bij Jacb Aaltsen verwekt, geass. met R.O.Schrassert verkoopt aan Gerrit Tiemensen en Stijntje Gerrits echtel.een half mud op het Hooge voor f 250,- Waaraan oost en noordw mevr Coopsen, westw Beert Rijksen en zuidw Jan Scholten gelandet is en verder aan Hendrik Driesen Kruithof een half mud voor f 203,- waaraan west en noordw Jan Scholten, oostw Gosen Lubbertsen en zuidw de zwarteweg gelandet is get. 20 maart 1741

74. Uittreksels protocol van bezwaar ORA Doornspijk 1733-1754, kerspel Oosterwolde door H. Fikse, fiche 112: “Verschenen Gerrit Balk en Beertje Egberts echtel. verkopen voor f 170,- aan Gerrit Tijmens en Stijntje Gerrits echtel. een 1/2 mudde op de Streek waaraan oost en noordw de heer Filet tot Kampen, westw Stijntje Jans en zuidw de heer Barneveld gelandet is get. febr 1742.

75. Uittreksels protocol van bezwaar ORA Doornspijk 1733-1754, kerspel Oosterwolde door H. Fikse, fiche 121: Verschenen Gerrit Hendriksen en Petertje Helmigs echtel. lenen f 600,- van Jantje Hendriks wed. van Gerrit Gijsbertsen, … voor de helft aan Hendrik Gijsbertsen en Annigje Hendriks echtel. voor 1/4 aan de 3 kinderen van zall. Stijntje Gijsberts met namen Geesje, Marrigje en Willemtje Hendriks, bij Hendrik Hillebrands in echt verwekt en voor de overige 1/4 part hun vijfdehalkf mud bouwland waaraan oostw de pastorie (diaconie) van Oosterwolde zuidw Hendrikje Diesemers, westw Gerrit Prins en noordw de scholt Potgieter gelandet is Get. 9 april 1745

76. Uittreksels protocol van bezwaar ORA Doornspijk 1762-1776 door H. Fikse, 2000, fiche 524: Verschenen Johannes Fiolet mede namens zyn huisvrouw Cornelia van der Heide en voorts als gevolm. van 3 zusters Maria, Adriana en Johanna Fiolet te Amsterdam Verklaarde op 30 sept 1763 publiek ten overstaan van het Cellebroeders quartier voor f552,- te hebben verkocht een mudde gezaai met zyn huisstede en haartje gelegen op t Zuideinde en nu voor 4/6 parten over te geven voor f368,- aan Egbert, Jacob, Evert, Tryntje en Jannetje Diesemers Waaraan oostw de diaconie van Oosterwolde, zuidw burgem. Barneveld en Gerrit Prins, westw Willem Aartsen en Beert Teunissen en noordw burgem. Renesse gelandet is get. 15 nov 1763

77. Uittreksels protocol van bezwaar ORA Doornspijk 1777-1790 door H. Fikse 1996-2003, fiche 218: “Wij Gijsbert Gerhard Sandberg en Maurits Sels als geerfden doen cond: Verschenen Geertruid Cornelis wed. van wijlen Gerrit Tijmensen Prins leent f 4300,- van oud burgem D.C.Tulleken Onderpand een kamp zaailand op de Streek "het Beukenland" gen waaraan oostw Rein Munnik zuidw Gerrit Heimens weduwe westw Aart Werners en noordw Jacob Claassen gelandet is en een hagentje mede op de streek gelegen waaraan oost en noordw Renesse zuidw burgem. van Oldenbarneveld en westw Jacob Diesemers gelandet is get 8 febr 1777”

78. Uittreksels protocol van bezwaar ORA Doornspijk 1733-1754, kerspel Oosterwolde door H. Fikse, fiche 115: “Verschenen Hendrik Harmsen en Margien Gerrits echtel. verkopen voor f 50,- aan Gerrit Tijmens en Stijntje Gerrits echtel. een half hagentje met Jan Harms in 't gemeen, gelegen op de Streek, waaraan oost en zuidw Jan Wiggers, westw Peele Hendriks en noordw Feythenhof gelandet is get. 17 febr 1747

79. Uittreksels protocol van bezwaar ORA Doornspijk 1733-1754, kerspel Oosterwolde, H. Fikse, fiche 132: Verschenen Willem Aartsen en Teuntje Willems echtel.lenen f 150,- van D.C.Tulleken en E.M.Wolfsen echtel. stellen tot onderpand hun 2/5 parten in de haare met de houtgewassen in het Eektermerk gelegen, waaraan zuidw Gerrit Tijmensen Prins, westw de grotewoldweg en oostw de kleinewoldweg en noordw Gosen Lubbertsen (Port) gelandet is
Zoals gekocht van Jan Harmsen en Aaltje Jochems echtel. en Hendrik Hillebrands en Evertje Jochems echtel. get. 5 oct 1751 geroyeert 1 juni 1763

80. Uittreksels protocol van bezwaar ORA Doornspijk 1762-1776 door H. Fikse, 2000, fiche 540: Verschenen Willem Aartsen en Teuntje Willems echtel. lenen f 150,- van oud burgem. Tulleken stellen tot onderpand hun huis in de Haare, de Haaren zelf met de houtgewassen waaraan oostw de kleinewoldweg, züidw Gerrit Timensen Prins, westw de grotewoldweg en noordw Gosen Lubbertsen (Port) gelandet is verder nog de helft van een half mudde zaailand waarvan de andere helft Aart Roelofsen toebehoort waaraan oostw van de Kettings erfgen. zuidw Jacob Staal westw. Jan Willems en noordw van Renesse gelandet is Verder zijn zij nog 2 vestenissen schuldig een van f 300,- ingegaan 8 oct. 1749 en een van f 150,- ingegaan 6 oct 1751 waarvan nog niets is afgelost, verklaarde de comparant zich mede garant te stellen voor zijn zoon Gerrit Willems wegens zijn moeders versterf enz enz. get. 18 aug 1762. De vestenis van f 150,- voldaan 29 juli 1769

81. Uittreksels protocol van bezwaar ORA Doornspijk 1733-1754, kerspel Oosterwolde door H. Fikse, fiche 169: Ick Jacob Berents bekenne verkocht te hebben aan Arend Jacobs en Hendrikje Egberts echtel. 1/3 van een schepel bouwland in een mudde waarvan kopers reeds 3 schepel bezitten en de andere 2/3 parten Jan Lamberts en Harmen Berents op het Hoogeen waaraan oostw Hendrik Jacobs, zuidw Hendrik Aalts, westw Ds Lobé en noordw Hendrik Gijsberts gelandet is Noch 1/3 in een mudde op het Zuideinde op de Streek waarvan de rest Jan Lamberts behoort en waaraan oostw Gerrit Prins zuidw Ant. Barneveld westw Hendrik Beerts en noordw Jacob Staal gelandet is voor f 100,- get 25 maart 1747 Willem Tijmens Beert Lubberts en Gerrit Hendriks”/o:p>

82. Uittreksels protocol van bezwaar ORA Doornspijk 1733-1754, kerspel Oosterwolde, H. Fikse, fiche 116: Verschenen Arend Jacobsen en Hendrikje Egberts echtel verkopen voor f 101,- aan Jan Eibertsen en Fennigje Gerrits echtel. 1/3 part van een mudde bouwland welke andere 2/3 part Jan Lamberts en de onmondige kinderen van Harmen Berends toebehoren op de Streek gelegen waaraan westw Hendrik Beertsen, noordw Beert Teunissen oostw Gerrit Tijmensen Prins en zuidw burgem. Barneveld gelandet is get. 3 mei 1754

83. Uittreksels protocol van bezwaar ORA Doornspijk 1733-1754, kerspel Oosterwolde, H. Fikse, fiche 117: Verschenen Jan Lambertsen en Elisabeth Berendsen echtel. verkopen voor f 100,- aan Jan Eibertsen en Fennigje Gerrits echtel. 1/3 part in een mudde zaailand op de Streek, waarvan kopers reeds 1/3 toebehoort en het overige de kinderen van Harmen Berends en waaraan oostw Gerrit Tijmensen Prins, zuidw burgem. Barneveld, westw Hendrik Beertsen en noordw Beert Teunissen gelandet is get. 23 sept 1755 door Willem Hengeveld”

84. Uittreksels protocol van bezwaar ORA Doornspijk 1755-1761 door H. Fikse, fiche 461: Verschenen Berent Harmsen en Aaltje Jans echtel. alsmede Marchje Jans verkopen voor f 110,- aan Jan Eibertsen en Fennigje Gerrits echtel. 1/3 part in een mudde op de Streek waaraan oostw Gerrit Prins, westw Hendrik Beerts, zuidw burgem. Barneveld en noordw Beert Teunissen gelandet is get. 26 april 1761

85. Uittreksels protocol van bezwaar ORA Doornspijk 1762-1776 door H. Fikse, 2000, fiche 526:

“Verschenen Beeltje Gerrits wed. van Jan Harmsen, voorts Gerrit Jansen en Aartje Reiers echtel. Hendrik Hendriksen Posthoorn en Hendrikje Willems echtel. welke tesamen voor f82,- verkopen aan Gerrit Tymonsen Prins en Geertruid Cornelissen echtel. een hagen op de Streek waaraan oost en zuidw de eigenaren van de Stenenkamer, westw Gerrit Beertsen op t Eekt en noordw het Feythenhof gelandet is get. 21 juli 1770

86. Zie noot 77.

87. Uittreksels protocol van bezwaar ORA Doornspijk 1777-1790 door H. Fikse 1996-2003, fiche 212: ”Een magescheid gemaakt tussen de kinderen van wijlen Gerrit Tijmens Prins en Geertje Everts in leven echtel. aan Jan Gerritsen Prins aanbedeelt een mudde zaailand kort bij de "Gansenberg" naast de hof van Peter van Huiken waartegen aan Gerbrig Lubberts en Geertje Gerrits Prins wordt toegedeelt een mudde mede daargelegen het noordermud van het voorschreven mud afgedeelt get 4 april 1782” /p>

88. Uittreksels protocol van bezwaar ORA Doornspijk 1762-1776 door H. Fikse, 2000, fiche 533: Magescheid gesloten tussen Brand Gerritsen en Jennigje Cornelis echtel.Aart Hendriks en Aaltje Cornelis echtel. Gerrit Tymensen Prins en Geertruid Cornelis echtel. Jan Willemsen Kragt en Marrigje Cornelis (absent) echtel. Harmen Wolters en Hendrikje Cornelis echtel.en Evertje Cornelis ten eenre en Gerrit Tymens Prins en Jacob Hendriks Fix als mombers over de minderjarige Hendrik Cornelis (van den Hul) allen kinderen van Cornelis Egberts (van den Hul) en Hillegje Hendriks in leven echtel. de totale waarde der erfenis bedraagt f8175,- zodat elk 1/7 portie is f1067,- ontvangt verdeelt met het blinde lot als volgt
Aan Harmen Wolters het huis hof en 5 schepel land en 6 morgen onder Oldebroek met de Vlesse ad f700,- tesamen f2100,-
en moet de anderen compenseren als volgt
Aan Brand Gerritsen een mudde tegen de Clisteryeweg het kampje gen. en 9 gresen in de zyen tesamen f1125,- comp. f42,-
Aan Aart Hendriks een mudde tegen de klisterye en 10 gresen op Kamperveen tesamen f950,- comp. f217,-
Aan Jan Willems 5 schepel tegen de klisteryeweg en 6 gresen in de zyen tesamen f1000,- comp. f167,-
Aan Gerrit Prins 2 1/2 mudde broesmansland gen.en 1 1/2 morgen Bongersveen in Oldebroek en 4 gresen in de Wenden tesamen f1050,- comp. f117,-
Aan Hendrik Cornelis 8 gresen in 't somermerk tesamen f1000,- comp. f117,-
Aan Evertje 10 gresen onder Kaperveen en een mudde tegen de klisterye tesanmen f950,- comp.f217,- get. 14 april 1773

89. Uittreksels protocol van bezwaar ORA Doornspijk 1777-1790 door H. Fikse 1996-2003, fiche 224: Op heden een magescheid gesloten tussen Brand Gerrits en Jannetje Cornelis echtel. en Gerrit Hendriks en Nelletje Gerrits echtel. maken met elkaar een vriendelijk accoord
Dat Brand zal hebben en behouden de 3 schepel waaraan oostw Evertje Cornelis, westw Bood de schoenmaker uit Elburg, zuidw Gerrit Hendriks en noordw de weduwe van Jan Lamberts en Jan Kragt. Verder aan Gerrit Hendriks de 3 schepel waaraan oostw Evertje Cornelis westw Gerrit Tiemens Prins zuidw Beert Jacobs en noordw Brand Gerritsen gelandet is met het extra beding dat hij nooit geen hout op de noorderwal mag poten get 24 mei 1774
Gerrit Hendriks en Nelligje Gerrits verkopen die 3 schepel voor f 200,- aan Lubbert Gerritsen en Fennigje Gerrits echtel get 25 sept 1778

90. Uittreksels protocol van bezwaar ORA Doornspijk 1762-1776 door H. Fikse, 2000, fiche 534: “Verschenen Brand Gerrits en Jannigje Cornelis echtel. lenen f200,- van Mr F.B.Tulleken en Johanna Charlotta Schrassert echtel. onderpand 3 schepel zaailand tussen de Clisterye en de Hul waaraan oostw Egbert Jans, westw Geertruid Cornelis wed. van Gerrit Prins, zuidw Gerrit Hendriks en noordw Jan Hendriksen gelandet is get. 6 sept 1776 voldaan 22 mei 1786”

91. Zie noot 88.

92. Uittreksels protocol van bezwaar ORA Doornspijk 1762-1776 door H. Fikse, 2000, fiche 548.: Verschenen Jan Petersen en Gijsje Hendriks echtel. verkopen voor f 450,- aan Marrigje Hendriks het 1/3 deel van de helft der navolgende goederen
1e. 7 gresen in de Zijen waaraan oostw de kleineweg, zuidw Jan Willems, westw jonker Bruins en noordw Spaanserve
2e. 6 gresen waaraan oostw Hendrik Gerrits zuidw Gerrit Prins, westw de dwarswetering en noordw Aalbert Gerrits
3e. de Riethare in de Wenden waaraan oost en noordw Beert Beertsen, zuidw Hendrik Gerritsen en westw de kleineweg gelandet is
4e een half mud in Apperloo waaraan oostw Jan Tijmons, zuidw Jan Willems, westw de wed. Jan Lambertsen en noordw de weg gelandet is
5e . van een huis en de grond aan de Sandweg en het 1/3 van een tiend groten smal de eerste Noordertiend gen. alles onbezwaart get. 9 oct 1771”

93. Zie noot 88.

94. Uittreksels protocol van bezwaar ORA Doornspijk 1755-1761 door H. Fikse, fiche 469: Wy Herman Arnold Brouwer scholt te Doornspyk en Wilhelmus Everes doen cond verschenen Willem Jacobs en Biegje Jacobs echtel. mede namens zyn broer Aart Jacobs, naar Indie vertrokken, en Beert Jacobs en Jannigje Beerts echtel. en Hendrik Jacobs, alsmede Dirk Gerritsen en Willem Jacobs als voogden over de onmondige kinderen van Hendrik Gerrits en Lubbigje Jacobs in leven echtel. en Hendrik Gerrits als voogd over het onmondige kind van wylen Willem Helmigs en Metje Jacobs en mede namens zyn mede voogd Hermen Willems thans indispoot Zy allen verkopen aan Frank Gerritsen en Stientje Helmigs echtel. 3 gresen in Bolsmerk in de Wenden waaraan oostw Gerrit Prins, westw de kleineweg, noordw de landdrost Hekeren gelandet zyn en zulks voor f 230,- met consent van Oldebroek den 6 juni 1754 bekomen get. 3 febr 1756”

95. Uittreksels protocol van bezwaar ORA Doornspijk 1762-1776 door H. Fikse, 2000, fiche 552: Wij Beert Jacobs en Frank Dirksen doen cond, verschenen Frank Gerrits en Stijntje Helmigs echtel. verkopen voor f 250,- aan Dries Hendriks en Fennigje Gerrits echtel. 3 gresen in de Wenden waaraan oostw Gerrit Prins, westw de kleineweg, en noordw de landdrost van Heeckeren gelandet is get. te Oldebroek 28 juni 1765”

96. Uittreksels protocol van bezwaar ORA Doornspijk 1803-1810, kerspel Oosterwolde, door H. Fikse, 2002, fiche 409: Magescheid gesloten tussen Klaas Wolters Smit getrouwd geweest met wijlen Elisabeth Gerrits Prins ten eenre en Gerrit Cobussen Prins ten andere zijde over het ongerede dat Cobus en Elisabeth van hun vader Gerrit Tijmensen Prins hebben geerfd
Aan Klaas Wolters Smit toebedeelt 1 ½ morgen weiland aan de Zwarteweg onder Oldebroek
Aan Gerrit Cobussen Prins 4 gresen in de Wenden kort bij "Stoltenberg" waarmede partijen in vriendschap zijn gescheiden den 17 oct 1799”

97. Rechterlijk Archief Kampen inv. 151, fol. 173 d.d. 12-09-1760.

98. Oud Archief Kampen. Apostillen van Campen en haar Jurisdictie. 1624-1809. Deel 26 T. 2 jan. 1796 – 12 dec. 1803. Inv. nr. O.A. 210, fol. 172.

99. Zie noot 47.

100. Oldebroek 01-05-1757: ged. Den 1 Meij. Zone Timen, zoon van Hendrik Timenzen Prins En Grietjen Egbertzs. Oldebroek 15-10-1758: ged. Den 15 dito [Octob?.] Zone Egbert, zoon van Hendrik Timenzen Prins En Grietjen Egbertzs. Oldebroek 19-10-1760: ged. Den 19 Octob?.  Zone Jan, zoon van Hendrik Timenzen Prins En Grietjen Egbertzs. Daarbij staat: voor jan cautie gegeven naar Hattem voor 7 jaren Den 14 Maij 1803. Oldebroek 05-09-1762: ged. Den 5 septem?? . Dogter Fennetjen, dochter van Hendrik Timenzen Prins En Grietjen Egbertzs. Daarbij staat: 1804 d. 2 Maij aan Fennetje cautie gegeven voor 7 jaaren na Hattem. Oldebroek 09-11-1766: ged. Den 9. Dito [November] Dogter Elisabeth, dochter van Hendrik Tijmensen Prins, En Grietjen Egberts.

101. Uittreksels protocol van bezwaar ORA Doornspijk 1762-1776 door H. Fikse, 2000, fiche 531: “Magescheid gesloten tussen Gosen Tymensen Prins als vader van zyn 2 onmondige kinderen by wylen Evertje Beerts verwekt ten eenre en Gerrit Beerts en Lubbigje Gerrits echtel. ten andere zyde over de goederen door hun vader en respect. schoonvader nagelaten, worden als volgt Verdeelt
Aan Gosen Prins:
1e. 3 schepel teindens het huis van W. Heimeriks
2e. een hoekje hof Druivendaal gen. by het huis van Nikus Staal
3e. 3 morgen weiland onder Oldebroek tussen het huis van Nikus Staal en de wed. Beert Beertsen gelegen
Aan Gerrit Beertsen
1e. 4 gresen in Lummermerk in de Wenden aan de kleineweg
2e. een half mud het Boomakkertje gen. aan de kleineweg aan de westzyde van de heer Coops
3e. 2 morgen weiland onder Oldebroek noordw aan de zwarteweg en zuidw aan de heigrave gelandet get. 27 juni 1769

102. Oosterwolde (GD) 19-02-1768: Den 19 Feb?. Een kint van Goossen Prins gest. den 23 dito begraven N: V: M:  bet: 1 - 1 ½ - . Oosterwolde (GD) 26-01-1771: den 26 dito [Jan.] Een kint van Goossen T: Prins gestorv. den 30 dito begraven bet: 1 - 9 -:. Oosterwolde (GD) 06-07-1773: Den 6 Julij een kindt van Goossen Prins gest. den 8 dito begraven Deb. 9 ½ st. Oosterwolde (GD) 30-03-1782: den 30 Maart Een Kind van Goossen Prins gest.den 2 April begraven V en M. bet: 9 ½ st. Oosterwolde (GD) 10-08-1785: den 10 august: Een Kind, van Goossen Prins gestorven. den 13 dito begraven N: V. en M. bt: 1 - 1 -8. Oosterwolde (GD) 12-05-1788: den 12 maij Een kind van Goossen T: prins gest. den 14 dito begraven N: v. en m: bt: : - 9 - 8. Oosterwolde (GD) 08-09-1794: Den 8 Sept: Geesje Goosens prins Gestorven Den 13 Dito Begraaven N: V en M: 29 stuiver Bt 1 - 9 - :.

103. D. Otten, Oude namen in Oldebroek (Oldebroek 1996) 32-33.

104. Henk Flier en Beerd van de Streek, Buurtschappen in Oldebroek IX in: Uut ’t Oldebroeck, januari 2009, 29e jaargang nummer 1, Uitgave van de Oudheidkundige vereniging De Broeklanden, 15-25 aldaar 20.

105. Uittreksels protocol van bezwaar ORA Doornspijk 1762-1776 door H. Fikse, 2000, fiche 531: “Verzoek van Ds Arnout Duurcant, boedelhouder van wylen zyn vrouw Antonia Judith Wolfsen, om beslag te leggen op de ongerede goederen van Meinard Joachim Buschman, en wel speciaal op het erf de Klisterye met zyn behuizing zaai en weilanden
2e. op 4 gresen Wolfrey gen. in Lummermerk aan de winterdyk
3e. op 9 schepel de Thiencamp gen.op Oostbeek
Als zoon en erfgenaam van zyn moeder A.W.Wolfsen en rechthebbende op de pachten en opbrengsten der goederen enz enz.
Dit door my Peter Tymensen als onderscholt gedaan en voorgelezen in presentie van Gosen Tymensen Prins als meier van voorschreven erve den 12 febr 1770”

106. Uittreksels protocol van bezwaar ORA Doornspijk 1762-1776 door H. Fikse, 2000, fiche 531: Verschenen Gosen Tymensen Prins en Evertje Beerts echtel. lenen van Hendrikje Reiers wed. van E.L.Pot ? f200,- Onderpand 3 schepel waaraan zuidw de armen van Oosterwolde, noordw Maay Wynne gelandet is get. 10 juni 1768 vold. 3 juli 1771”

107. Uittreksels protocol van bezwaar ORA Doornspijk 1762-1776 door H. Fikse, 2000, fiche 531: “Verschenen Gosen Tymensen Prins en Grietje Jans echtel.verkopen voor f300,- aan Jan Berentsen Mulder en Evertje Hendriks (Posthoorn) 3 schepelzaailand waaraan oostw de kleineweg, westw de wed. Hendrik Gysberts, zuidw de armen van Oosterwolde en noordw de wed A.Wynne gelandet is get. 3 juli 1771

108. Uittreksels protocol van bezwaar ORA Doornspijk 1762-1776 door H. Fikse, 2000, fiche 532: “Verschenen Gosen Tymens Prins verkoopt voor f100,- aan Mr J. Buschman en vrouwe J. Sels echtel.1 schepel lands waaraan oost en noordw Gysbert Hendriks, westw Klinkerwegje en zuidw Gosen Tymens Prins gelandet is get. te Oostendorp 8 nov 1771

109. Uittreksels protocol van bezwaar ORA Doornspijk 1803-1810, kerspel Oosterwolde, door H. Fikse, 2002, fiche 389: “Verschenen J.C. Sels wed. Buschman verkoopt aan Egbert Gerrits Roes en Jantje Harms echtel. voor f120,- haar plaatsje aangekocht van Gosen Prins die het vele jaren in erfpacht gebruikt heeft en door vele jaren wanbetaling aan haar vervallen was. get 16 april 1803”

110. Oosterwolde (GD) 16-12-1770: ged. den 16. dito [Decbr.] Lijsbeth, dogter van goossen Timansz prins en Grietje Jans. Oosterwolde (GD) 23-05-1773: den selfden dato [23 Maij] nogh Goossen Tijmens Prins , en Grietje Jans, haare dogter laaten doopen gebooren den 19 Maij Getuige Neeltje Jans, het Kindts naam Geesje. Oosterwolde (GD) 18-09-1774: Dien selfde dato [18 Septemb?], Gedoopt, de zoon van Goossen Tijmensz. Prins, en Grietje Jans. Geboren den 15. Sept. Getuige den vader selfs, en is genoemt Jan. Oosterwolde (GD) 26-01-1777: Den 26 Jan. hebben Goossen Tijmensz Prins en Grietje Jans haar Dogter laten Doopen, geboren den 22. dito, zijnde getuigen Beerentje Gerrits en wert genaamt Geesje. Oosterwolde (GD) 20-12-1778: den 20 Decembr. hebben Goossen Tijmensz. Prins en Grietje Jans haar dogter laten dopen Geboren den14 dito zijnde Getuige Jannetje Tijmens, en werd genaamdt Marigje. Oosterwolde (GD) 30-04-1780: Den 30 April hebben Goossen Tijmensz. Prins, en Grietje Jans hun dogter laten dopen geboren den 27. dito zijnde Getuige Geertuij Alberts, en werd genaamdt Aaltje. Oosterwolde (GD) 17-03-1782: Den 17 Maart hebben Goossen Tijmens Prins en Grietje Jans hunnen zoon laten dopen, Geboren den 14 dito zijnde getuigen Jannetje Tijmens en werd genaamt Tijmen. Oosterwolde (GD) 13-07-1783: Den 13 Julij hebben Goossen T: Prins en Grietje Jans hunnen zoon laten dopen, Geboren den 5 Julij zijnde getuige Matje Goossens en werd genaamdt Tijmen. Oosterwolde (GD) 28-08-1785: Den 28 August: hebben Goossen Tijmensz. Prins, en Grietje Jans hun dogter laten dopen geboren den 14 dit[] zijnde getuige Matje Goossens, en werd genaamdt Gergjen. Oosterwolde (GD) 20-04-1788: Den 20 April hebben Goossen Tijmensz Prins en Grietj[] Jans hun dogter laten dopen geboren den 17 dito zijn[] Getuige Lijsabet Goossens, en werd genaamdt Jannigjen. Oosterwolde (GD) 04-10-1789: Den 4 Oct: hebben Gooszen Timens Prins en Grietje Jans hunnen dogter laaten dopen Gebooren den 3 Dito zijnde Getuige Lijsabet gooszens, en werd genaamd Hendrikje.

111. Rechterlijk Archief Kampen 102, fol. 133.

112. Rechterlijk Archief Kampen 102, fol. 142.

113. Rechterlijk Archief Kampen 102, fol. 142v.

114. Zie noot 24.

115. Rechterlijk Archief Kampen 102, fol. 148v.

116. Oud Archief Kampen. Apostillen van Campen en haar Jurisdictie. 1624-1809. Deel 26 R. 3 jan. 1780 – 28 dec. 1786. Inv. nr. O.A. 208, fol. 10v.

117. Oud Archief Kampen. Apostillen van Campen en haar Jurisdictie. 1624-1809. Deel 26 R. 3 jan. 1780 – 28 dec. 1786. Inv. nr. O.A. 208, fol. 15.

118. Oud Archief Kampen. Apostillen van Campen en haar Jurisdictie. 1624-1809. Deel 26 R. 3 jan. 1780 – 28 dec. 1786. Inv. nr. O.A. 208, fol. 60v.

119. Oud Archief Kampen. Apostillen van Campen en haar Jurisdictie. 1624-1809. Deel 26 S. 4 jan. 1787 – 24 dec. 1795. Inv. nr. O.A. 209, fol. 210v.

120. Oldebroek, Transcriptie en indices op de aantekeningen van de commissarissen van huwelijkse zaken 1796-1811, J. Kolkman 1996.

121. Zie noot 50.

122. Uittreksels protocol van bezwaar ORA Doornspijk ORA Doornspijk 1791-1802 door H. Fikse, 1999-2003, fiche 293: Verschenen Hillegje en Evertje Gerrits Prins geass. met Brand Gerrits verkopen voor f 280,- aan Feithenhof een hagen liggende langs Feithenhofserf waar thans Harm Driesen woont op de Streek get 27 dec 1791”

123. Transcriptie Registre Civique Oldebroek 1812 door J. Kolkman 2007.

124. Lijsten van gezinshoofden en alleenstaanden per rot. Archief gemeentebestuur van Oldebroek 1795-1813, inv. 63.

125. Oldebroek 17-07-1768: ged. Den 17. dito. [Julij] Zoon Tijmen, zoon van Evert Tijmenz. Prins, En Beertjen Andries. Oldebroek 10-05-1772: ged. Den 10 Maij Dochter Hendrikje geboren d. 9 Maij, dochter van Evert Timenz, en Beertje Andriesz. Getuige Batje Andriesz

126. D. Otten, Oude namen in Oldebroek (Oldebroek 1996) 27-28.

127. BR Oldebroek 01-01-1830, I fol. 193: Jannetje Prins wv Brummel. BS Oldebroek 20-03-1832: Jannetje Prins is ovl. Oldebroek 20-03-1832 ten haren huize in de Lapstreek No. 126 binnen deze Gemeente.

128. BR Oldebroek 01-01-1830, I fol. 193.

129. Oldebroek 31-01-1762: ged. Den 31 dito [Janrij] Zone Jan, zoon van Hendrik Janzen in ’t Stuijvezandt & Marijtjen Timanzs. Daarbij staat: 1804 d. 2 Maij cautie gegeven voor Jan naa Hattem voor 7 jaaren.

130. D. Otten, Oude namen in Oldebroek (Oldebroek 1996) 29.

131. Oldebroek 31-01-1762: ged. Den 31 dito [Janrij] Zone Jan, zoon van Hendrik Janzen in ’t Stuijvezandt & Marijtjen Timanzs. Daarbij staat: 1804 d. 2 Maij cautie gegeven voor Jan naa Hattem voor 7 jaaren. Oldebroek 17-07-1763: ged. Den 17. Dito [Julius] Dogter Biegjen, dochter van Hendrik Jans En Marrigjen Thiemens. Oldebroek 21-08-1763: ged. Den 21. Dito [Augustus] Dogter Biegjen, dochter van Hendrik Jansen En Marrigjen Tiemens. Oldebroek 21-07-1765: ged. Den 21. Julij Dogter Elisabeth, dochter van Hendrik Jansen & Marrigje Thijmens Prins. Oldebroek 12-04-1767: ged. Den 12. April Dogter Biegjen, dochter van Hendrik Jans En Marrigjen Tiemens Prins. Oldebroek 22-05-1768: ged. Den 22. Dito [Meij] Pinxter-dag Dogter Jannigjen, dochter van Hendrik Janzen, En Marrigjen Timens Prins. Oldebroek 16-07-1769: ged. Den 16. dito. [Julij] Dogter Hillegje, dochter van Hendrik Jans, En Marrigje Tijmens. Oldebroek 16-06-1771: ged. Den 16 Junij Dogter Hilletjen, dochter van Hendrik Janzen Thijzzen En Marijtjen Timans. Oldebroek 04-10-1772: ged. Zoon Timen Geboren Den 1 Octob., zoon van Hendrik Janszen En Marrichje Timens. Getuige Geertje Timens. d. 26 Dec 1800 Doop attest gegeven.

 

 

Bronnen bij Generatie VI

 

-